Norah Jones op promotietour met van alles wat

Ze trekt de pijpen van haar spijkerbroek op, zet zich op de pianokruk en begint. `Nightingale, sing us a song', hallo Amsterdam, hier is Norah Jones. Een half jaar geleden kende niemand haar. Maar nu haar debuut-cd Come away with me in Amerika een miljoen keer is verkocht, moet Europa veroverd worden. Het is een klus waarmee vier weken gemoeid zijn. Dat Norah haar promotietaak serieus neemt, is in het uitverkochte Paradiso onmiddellijk duidelijk. Ze herhaalt niet alleen vrijwel het hele repertoire van haar cd, maar kopieert dat tot in de kleinste details. De enkele keer dat ze afwijkt van de plaat is dat een kwestie van overmacht. Twee stemmen tegelijk zingen kan nu eenmaal niet.

De kopieerlust van Jones ontzenuwt in elk geval het gerucht dat zij eigenlijk een jazzzangeres met improvisatiebehoeften zou zijn. Zelf bestreed Jones dat gerucht overigens krachtig, door in een interview trots te verklaren: ,,Ik ben de eerste Blue Note-artiest met een album waarop staat: `file under pop/rock'.'' Maar die aanduiding is zelfs met een loep niet te vinden en dat is maar goed ook.

Zoals Jones zich op cd en podium manifesteert, past de vlag `van dit en dat en alles wat' haar eigenlijk beter. Een bluesje, een leuke meedeiner voor aan de bar en zelfs iets wat op een habanera lijkt – alles lijkt mogelijk bij deze jonge meid, een stille dochter van de beroemde Indiase sitar-virtuoos Ravi Shankar. In Cold cold Heart van Hank Williams en Lonestar van vriendje/contrabassist Lee Alexander doet ze denken aan een countrygirl die helaas haar gitaar is vergeten. Dat laatste beeld dringt zich des te sterker op, doordat Jones nauwelijks een kwart gebruikt van de machtige vleugel waar ze het hele concert stokstijf achter blijft zitten. Ook verder blijft ze binnen veilige marges: haar stembereik is niet meer dan anderhalf octaaf en de tempi waar ze voor kiest variëren van langzaam tot matig snel. En als ze even uit de bocht lijkt te schieten in J.D. Loudermilks gospelachtige Turn me on, zorgt ze zelf voor de censuur. Drie minuten, dat is heftig genoeg.

Dat er na al de overdaad aan aggressieve house en hip-hop ruimte zou komen voor vocalisten met vrede in het vaandel, is niet verwonderlijk. Zeker niet sinds Diana Krall een paar jaar geleden demonstreerde hoe dat moest: wel erotisch, maar niet overdreven sexy. Een beetje country, gospel, cabaret en chanson gebracht met wat licht gehijg, blijkt anno 2002 ruim voldoende om een beetje beroemd te worden. Geen wonder dat het in het idolaat reagerende Paradiso, rijk gevuld met mooie meiden uit Norah Jones' eigen leeftijdsklasse 22 of daaromtrent, tevens gonsde van de jaloezie. Waarom zaten zij niet op dat podium in plaats van die heel gewone meid met die al even gewone liedjes? De verklaring steekt waarschijnlijk in de titelsong Come away with me, een verschil van drie meeslepende minuten.

Concert: Norah Jones met trio. Gehoord: 13/10 Paradiso, Amsterdam

    • Frans van Leeuwen