Noord-Ieren zijn veroordeeld tot praten

Het Noord-Ierse zelfbestuur is geschorst, maar de weg terug blijft open. Er is op termijn geen alternatief buiten het wankele evenwicht van het Goede Vrijdag-akkoord.

Wie in het Noord-Ierse parlement debatten volgde over landbouwsubsidies of lager onderwijs, kon denken dat de politiek er sinds het Goede Vrijdag-akkoord van 1998 geruststellend saai was geworden. Hoe bedrieglijk. Gisteren ontplofte de tijdbom onder het zelfbestuur van katholieken en protestanten.

John Reid, de Britse minister voor Noord-Ierland, schorste dat bestuur voor onbepaalde tijd, nadat de protestantse premier, David Trimble, had gedreigd met zijn Ulster Unionist Party (UUP) weg te lopen. Dat dreigement volgde weer op de arrestatie van vier republikeinen, eerder deze maand, die binnen het bestuursapparaat gespioneerd zouden hebben voor het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA), dat nog steeds niet is ontmanteld. Sinn Féin, de republikeinse regeringspartner en spreekbuis van de IRA, weigerde verantwoording af te leggen. Waarna de unionisten het vertrouwen opzegden in het bestuur waarin ,,één partij onder tafel een pistool op ons gericht blijft houden'.

Een ,,betreurenswaardig verlies van vertrouwen' maakte de schorsing nodig, aldus Reid. Alleen met deze ,,adempauze' is de ineenstorting te voorkomen van het broze bouwsel van compromissen tussen katholieken en protestanten waarover jaren is onderhandeld. `Londen' bestuurt zijn hoofdpijnprovincie voorlopig zelf en hoopt met onderhandelingen achter de schermen een begin van wederzijds vertrouwen terug te brengen. Wanneer dat is, valt niet te voorspellen. Maar, zei Reid, het kan alleen als Noord-Ierland ,,definitief kiest tussen geweld en democratie'.

Dit is de vierde schorsing in vier jaar, maar de crisis is niet eerder zo diep geweest. Dat de woede van de protestanten overkookte, is niet verbazend. Ze zijn diep teleurgesteld in het `vredesproces'. Ze geloven dat ze als enige concessies hebben gedaan en goede wil getoond, terwijl de Brits-Ierse politiek van appeasement de republikeinen steeds meer politieke macht heeft gegeven zonder dat de IRA de wapens formeel heeft neergelegd, of zelfs maar heeft verklaard dat `de oorlog voorbij' is. Mét die eis was het Goede Vrijdag-akkoord er niet gekomen, maar hoe zwak het is zonder die eis komt nu aan het licht.

Ondanks de wapenstilstand lijkt de IRA actiever dan ooit. Dat bleek bij de arrestatie van drie vermoedelijke IRA-leden in Colombia, waar ze marxistische rebellen opleidden en wapens zouden testen voor eigen gebruik. Het bleek in de recente golf straatgeweld in Belfast. Bij de ontdekking van lijsten met potentiële doelwitten voor nieuwe terreuraanslagen. Bij een inbraak in een politiekazerne, waar cruciale documenten over informanten werden gestolen. En bij de recente spionageaffaire in Stormont, de zetel van het zelfbestuur.

Sinn Féin, en ook de gematigd nationalistische SDLP, geloven op hun beurt dat de unionisten zaten te wachten op een smoes om op te stappen. Dat protestanten niet echt bereid zijn samen te werken met de katholieke minderheid. Dat loyalistische terreurgroepen vrijuit gaan. En zelfs dat de inval door oproerpolitie in de Sinn Féin-kantoren deel uitmaakt van een officieel complot om het bestuur op te blazen.

Trimble's dagen leken vóór die inval geteld. Steeds meer partijgenoten vinden hem te slap en maakten zich op om bij de geplande verkiezingen voor de assemblee, in mei 2003, over te stappen naar de radicale Democratic Unionist Party (DUP) van dominee Ian Paisley, die dan wel eens de grootste protestantse partij zou kunnen worden. Mede om zijn positie als partijleider te redden stelde Trimble de Britse regering vorige maand een ultimatum: als de IRA dit jaar niet ontwapent en de regering-Blair Sinn Féin niet straft, zou zijn partij het bestuur verlaten. `Stormontgate' heeft dat moment gewoon vervroegd.

De Britse regering blijft geloven dat republikeinse leiders als Gerry Adams en Martin McGuinness hebben gekozen voor de democratie, omdat de ex-terroristen zélf hebben geconcludeerd dat geweld niet werkt. ,,De republikeinen hebben een direct belang bij de voortzetting van het Goede Vrijdag-akkoord', zei Sir David Goodall, een Britse diplomaat die aan de wieg van de Noord-Ierse vrede stond. Sinn Féin ,,mag razen en blazen, maar het is onwaarschijnlijk dat ze de geboekte winst in de waagschaal stelt en terugkeert tot de gewapende strijd, vooropgesteld dat er een weg terug blijft naar een zelfbestuur', aldus Goodall.

Dat de IRA zichzelf nu officieel opheft, zoals Trimble eist, lijkt uitgesloten. Maar het is onvermijdelijk dat de paramilitairen met een nieuw gebaar laten zien dat het ze ernst is met vrede. De unionisten hebben daar eerder genoegen mee genomen. Sinn Féin zal mogelijk goede wil tonen door niet langer te eisen dat de nieuwe Noord-Ierse politie, opvolger van de gehate Royal Ulster Constabulary (RUC), nog verder wordt hervormd.

De Britse en Ierse regeringen houden `de weg terug' open met de toezegging dat de nieuwe Brits-Ierse commissies niet onder de schorsing vallen. En zelfs Paisley's DUP, die zijn twee ministers vorige week al terugtrok uit het zelfbestuur, suggereerde dat ze in de toekomst met de republikeinen wil samenwerken.

Dat de afkoelingsperiode dit keer langer moet duren dan een paar maanden, is wel zeker, met het gevaar dat een politiek vacuüm leidt tot een nieuwe golf straatgeweld. Mogelijk worden de verkiezingen van mei uitgesteld. Want waarom aan het volk een nieuw mandaat gevraagd voor een zelfbestuur dat niet van de grond wil komen? En vermoedelijke winst voor de haviken aan twee kanten van de geloofsgrens zou samenwerking ook niet dichterbij brengen.

Sommige hervormingen, zoals van het sektarische onderwijsbestel of de terugtrekking van het Britse leger, moeten worden uitgesteld. Maar voorlopig lijkt er geen alternatief buiten het wankele evenwicht van het Goede Vrijdag-akkoord, waarin niemand capituleert noch de overwinning kan opeisen, maar waarin schieten is vervangen door praten, óók als het bij ruziën blijft.

Gerectificeerd

Stormont

De foto bij het artikel Noord-Ieren zijn veroordeeld tot praten (15 oktober, pagina 4) toont het gebouw waar het Noord-Ierse parlement vergadert. Dit heet Stormont Parliament Buildings, niet Stormont Castle.