Invloed van Claus moeilijk meetbaar

Prins Claus wordt dezer dagen bedolven onder loftuitingen. Zijn eruditie en scherpe intellect worden geprezen. Zijn betrokkenheid bij de ontwikkelingsproblematiek wordt geroemd, evenals zijn zorg voor het milieu en zijn invloed moet niet worden onderschat – maar is dat ook echt zo?

Het is altijd moeilijk vast te stellen hoe groot iemands invloed is geweest, vooral als het gaat om ideeënvorming en beleidsbeïnvloeding. Dat geldt zeker voor iemand als prins Claus. Iedereen die daar nu iets over zegt, is speculatief bezig.

Insiders zeggen dat de prins, zeker in de beginjaren, op het ministerie voor Ontwikkelingssamenwerking niet bepaald met open armen is ontvangen. Veel ambtenaren zouden hem vooral hebben gezien als een indringer die de orde kwam verstoren.

Zo'n houding is niet erg bevorderlijk voor de mate waarin de prins het beleid mee kon vormgeven. Maar de geschiedenis van het ministerie moet nog worden geschreven, en pas dan is het eventueel mogelijk een oordeel te vormen.

Dat geldt ook voor Claus' rol bij De Nederlandsche Bank en KPN. Wellicht dat over tientallen jaren, als de notulen van de bijeenkomsten van de raden van commissarissen voor historisch onderzoek worden vrijgegeven, meer duidelijkheid komt over de inbreng die de prins als commissaris heeft gehad op het beleid van beide organisaties.

Wat achter de schermen gebeurde, valt moeilijk of slechts op langere termijn vast te stellen. Anders ligt het met datgene waarvoor de prins in het openbaar heeft geijverd en/of gewaarschuwd. Daarvan valt beter na te gaan of dat invloed heeft gehad.

Een van de grootste zorgen van prins Claus betrof de toekomst van de landen in de Derde Wereld. Hun economische ontwikkeling zou door het westen worden gefnuikt als gevolg van allerlei importbeperkende maatregelen, zo meende hij.

Al begin jaren zeventig zei de prins dat de grenzen van de westerse landen zouden moeten worden opengegooid voor producten uit de arme landen. Tot op heden is dat niet gebeurd.

Ook het milieu en de cultuur waren voor Claus zaken waarvan hij bij voortduring het (levens)belang probeerde te benadrukken. Premier Balkenende refereerde daaraan in zijn toespraak voor de Eerste en Tweede Kamer afgelopen woensdag in de Ridderzaal. Eigenlijk pijnlijk, want als echt naar prins Claus was geluisterd en als hij echt invloedrijk zou zijn geweest, zouden in ieder geval Ontwikkelingssamenwerking en Milieu een eigen minister hebben gehad.

Dit kabinet vond dat blijkbaar niet nodig. Zo bezien was de toespraak van Balkenende een affront voor de overleden prins.

J. van Bree is historicus.

    • J. van Bree