De ondraaglijke lichtheid van de recessie

,,De vuistregel dat aandelen op lange termijn voordeliger zijn dan obligaties kan naar de schroothoop van de beursgeschiedenis'', meent het Duitse zakenblad Wirtschaftswoche. ,,Een belegger die vijftien jaar geleden aandelen kocht, haalt een rendement voor belasting van minder dan 4,5 procent per jaar.''

Maar degene die in 1987 een staatsobligatie aanschafte met een looptijd tot 2016 heeft nu een rendement van

8,65 procent per jaar, dus bijna twee keer zo veel als het rendement op aandelen.

Ondanks het historisch lage renteniveau geven de beleggers de voorkeur aan staatsobligaties omdat ze het vertrouwen in het bedrijfsleven volledig kwijt zijn, schrijft het blad. ,,Duitse staatsobligaties met een looptijd van tien jaar zijn te koop tegen een rente van 4,36 procent.'' In Amerika is het van hetzelfde laken een pak. De rente voor tweejarige staatsobligaties zakte tot onder de 1,75 procent. En toch gaan ze grif van de hand.

Het blad voorziet ook dat het lang verwachte herstel van de aandelenkoersen steeds onwaarschijnijker wordt: als de koersen zich niet voor het eind van dit jaar herstellen zullen staatsobligaties voor de derde achtereenvolgende keer beter presteren dan aandelen. Dat gebeurt dan, concludeert het blad, voor het eerst in zeventig jaar.

Is verlaging van de rente de oplossing? De president van de Europese Centrale Bank, Wim Duisenberg, betwijfelt het, want ,,het hoofdprobleem is niet het renteniveau, maar het gebrek aan vertrouwen''. Het Duitse weekblad Die Zeit citeert hem in een artikel getiteld `Onder de schaduw van de grote depressie', waarin een overzicht wordt geschetst van de situatie in de VS, Japan, en Europa. Volgens het blad zal Duisenberg de rente op zijn vroegst tegen het eind van het jaar verlagen. ,,Het probleem daarbij is: als de geldpolitiek rust, stijgt de druk op de nationale regeringen om zelf iets te doen, en om nog meer geld uit te geven'', schrijft het blad. En dat is een rechtstreekse ,,bedreiging voor het stabiliteitspact, de grondslag van de Europese munteenheid''.

Duisenbergs Amerikaanse collega Alan Greenspan houdt de moed er in. Het Amerikaanse bruto binnenlands product steeg de afgelopen twaalf maanden met drie procent, overeenkomstig de verwachtingen. Daarom kwalificeert hij de recessie als ,,mild en kort''. Terecht, meent Die Zeit, maar dan wordt het wel tijd dat de lang verwachte opleving realtiteit wordt. En dat kan lang duren, leert de ervaring in Japan.

Nou valt het voor de burgers in Japan allemaal reuze mee. Volgens Die Zeit omschrijven ze hun situatie als ,,de gouden recessie''. Immers, ,,de consumentenprijzen zijn sneller gedaald dan de lonen, zodat veel Japanners zich rijker voelen dan ze waren''. Dat neemt de noodzaak tot hervormingen niet weg, weet de regering Koizumi, met name in de banksector en de bouwsector. Het schoonmaken van deze Augiasstal is weggelegd voor superminister Heizo Takenaka, een voormalige Harvard-hoogleraar. Van hem wordt volgens het blad verwacht dat hij zich zal gedragen als de spreekwoordelijke olifant in de porseleinkast.

Het zal voor de president van de Amerikaanse centrale bank, Alan Greenspan, steeds moeilijker worden om de stemming in de Amerikaanse economie op peil te houden. Want, schrijft het Amerikaanse zakenblad BusinessWeek, ,,de vrees voor deflatie groeit''. En die vrees is volgens het blad terecht omdat de prijzen maar blijven dalen, niet alleen in de industrie maar ook in de dienstensector. Desondanks blijft de vraag onder de maat, is er overcapaciteit in elke sector, en begint het bedrijfsleven de concurrentie te voelen van lagelonenlanden als China.

,,Het risico van dalende prijzen is groter dan ooit sinds de jaren dertig.'' Zo refereert het Britse weekblad The Economist aan de Grote Depressie van zo'n zeventig jaar geleden. Zo ver is het nog niet, maar het is wel zo dat de Amerikaanse inflatie is gezakt tot 1,1 procent, het laagste punt sinds veertig jaar. De Federal Reserve, Amerika's centrale bank, heeft volgens het blad al onderzoek gedaan naar de deflatie in Japan. De conclusie luidt dat ,,centrale banken bij ongewoon lage inflatie bijzonder bedacht moeten zijn op het risico van deflatie en dat ze de rente verder moeten verlagen dan normaliter''.

Het risico op deflatie is volgens het blad in Europa veel groter. Als de voormalige Bundesbank het alleen voor het zeggen had in Duitsland zou de rente er al lang minder zijn dan 2 procent. Daar komt bij dat het Europese stabiliteitspact Duitsland verhindert een eigen flexibel begrotingsbeleid te voeren of de munt te devalueren. ,,Beroofd van zijn macro-economische beleidsinstrumenten loopt Duitsland serieus het risico om Japan te volgen op weg naar deflatie.''

,,De voortekenen zijn niet goed'', betoogt het dagblad de Financial Times in zijn weekendeditie. Het belangrijkste voorteken is dat de netto waarde van de Amerikaanse huishoudens is gedaald tot het niveau van 1996. Tot dusverre geloofden de kleine Amerikaanse

beleggers nog in spoedig herstel, ,,maar ze kunnen niet blijven geloven in oplevingen die ze met een sisser zien aflopen''.

    • Herman Frijlink