Explosie in Fins winkelcentrum blijkt bomaanslag

De Finse politie heeft nog geen aanwijzingen voor de motieven van de aanslag van afgelopen vrijdag in een winkelcentrum in een voorstad van Helsinki. Bij de aanslag kwamen zeven mensen, onder wie de dader, om het leven en raakten tachtig mensen gewond. Op het moment van de aanslag waren er zo'n tweeduizend mensen in het winkelcentrum aanwezig.

De dader was een 19-jarige student scheikunde. Materiaal dat bij huiszoeking van de student is gevonden, toont aan dat hij de dader is, aldus een politiewoordvoerder, die zei ,,geen enkele aanwijzing te hebben dat iemand anders bij de aanslag betrokken was, of dat de dader een van de slachtoffers persoonlijk kende''. Volgens de krant Hufvudstadsbladet zou de student een regelmatige bezoeker zijn geweest van nieuwssites op internet waar informatie over scheikunde wordt uitgewisseld, waaronder gegevens over het vervaardigen van explosieven.

,,We hebben geen reden om aan te nemen dat er sterke ideologische motieven achter de daad zaten'', aldus de politie. Aanvankelijk veronderstelde de politie dat de jongen zelfmoord wilde plegen, maar dat de bom te vroeg is afgegaan. Die theorie is echter in strijd met de aard van de bom. Het ging om een professioneel gemaakte bom waarin behalve twee tot drie kilo explosief materiaal ook een grote hoeveelheid metaalscherven en hagelkorrels waren verwerkt. Volgens de politie was de bom bedoeld om veel schade aan te richten en ,,zo veel mogelijk slachtoffers te maken''. Mogelijk was het helemaal niet de bedoeling van de dader om zelf bij de aanslag om te komen.

Premier Paavo Lipponen heeft de aanslag zaterdag veroordeeld als ,,een daad van terrorisme''. Volgens Lipponen is zoiets nog nooit vertoond in Finland. Hij gaat er van uit dat het een daad van een eenling is en ,,mocht het om een criminele organisatie gaan, dan zou dat zeer ernstig zijn''.