Balseming moet lichaam toonbaar houden

Balsemen is een lijkbehandeling die ontbinding uitstelt en de overledene er goed uit laat zien. De moderne methode die bij prins Claus is toegepast, behelst vervangen van het bloed door een conserverende vloeistof. De andere lichaamsholten (maag, darmen, blaas, longen) worden ook leeggezogen en gevuld met bederfwerende vloeistof. De balsemers sluiten daarna alle lichaamsopeningen en ontsmetten de huid om schimmel- en bacteriegroei zo lang mogelijk tegen te gaan.

Balsemen is vooral een Amerikaanse praktijk. Iemand die in de Verenigde Staten begrafenisondernemer wil worden, moet aantonen dat hij kan balsemen. In Europa worden weinig lichamen gebalsemd. Meestal voeren artsen of verpleegkundigen de balseming uit.

Lijkconservering wordt al duizenden jaren in veel culturen toegepast. De Egyptenaren verwijderden bij het mummificeren van belangrijke doden bijvoorbeeld de hersenen. Geparfumeerde oliën en harsen, zoutoplossingen en drogende poeders waren in de loop van de eeuwen allemaal in gebruik. Maar ook het boven een laag vuur drogen van lichamen is gepraktiseerd, in Zuid-Amerika.

De moderne vorm van balsemen met het inspuiten van een conserverende vloeistof in de aderen is in de 18de eeuw in Europa ontwikkeld. William Harvey, de Brit die de bloedsomloop ontdekte, injecteerde gekleurde oplossingen in de aderen van overledenen om de loop van het bloed te kunnen volgen. Maar hij zag ook dat lijken er langer houdbaar door werden. Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865), toen de lijken van gesneuvelde soldaten vaak teruggestuurd werden naar hun woonplaats, zijn de balsemtechnieken verbeterd.

De Nederlandse wet op de lijkbezorging verbiedt balseming of lijkconservering. Maar er zijn uitzonderingen. Conservering is toegestaan om orgaandonatie mogelijk te maken. Dan wordt uiteraard een geheel andere techniek gebruikt. Het lijk van de hersendode donor wordt beademd, zodat de hartslag en bloedcirculatie in stand blijven. Balsemen mag als het lijk naar het buitenland wordt vervoerd. Luchtvaartmaatschappijen eisen eenvoudigweg dat een lijk is gebalsemd voordat ze het meenemen. Pim Fortuyns stoffelijk overschot was bijvoorbeeld gebalsemd. En stoffelijke overschotten van mensen die hun lichaam ter beschikking van de wetenschap hebben gesteld, mogen worden gebalsemd. In uitzonderlijke gevallen kan de minister van Volksgezondheid om andere redenen ontheffing verlenen.

Een balsemvloeistof bevat meestal formaline. Daarnaast zijn fenol, isopropylalcohol en glycol veelgebruikte ingrediënten. Gewoonlijk wordt de balsemvloeistof via de halsslagader naar binnen geleid. Door het vloeistofreservoir boven het lichaam te hangen ontstaat overdruk. De benen en armen, de vingers en de tenen en de rug hebben vaak nog extra injecties nodig.

Over grafkelders zegt de wet alleen dat er lucht moet kunnen in- en uitstromen. Grafkelders mogen hun ingang niet hebben in een gebouw dat ook voor andere doeleinden wordt gebruikt. De grafkelder van de Oranjes, toegankelijk via de Nieuwe Kerk in Delft, wordt door dat verbod niet getroffen, want artikel 87 van genoemde wet stelt simpelweg: ,,Deze wet is niet van toepassing op de lijkbezorging van leden van het koninklijk huis.'' Niet alle Oranjes zijn gebalsemd. Koningin Wilhelmina wilde ,,voor God verschijnen zoals zij was''.