Een karikatuur van de samenleving

Ontgroenen draagt bij aan de saamhorigheid tussen studenten, zo menen voorstanders. Maar kritiek wordt luider. Het verval van een instituut?

`Word toch lid. Je steekt er wat van op.'' Deze subtiele aanmoediging volstond jarenlang voor duizenden schoolverlaters om zich aan te melden bij een studentenvereniging. De loodzware ontgroening namen ze voor lief; voor wat, hoort immers wat. Maar tijden veranderen. Ontgroenden worden tegenwoordig door de publieke opinie als ware slachtoffers onthaald. Niet zonder resultaat, want na het Rotterdamsch Studentencorps vorig jaar is dit jaar het Utrechtse C.S. Veritas door de universiteit in de ban gedaan. Wegens excessen tijdens de introductietijd. En het Wageningse Ceres heeft bekendgemaakt dat het de ontgroening heeft afgeschaft. Het verval van een instituut?

De `leden' zijn overtuigd: voor het ware studentenleven moet je op de sociëteit van je vereniging zijn. Daar heersen de mores en tradities. Daar tref je mensen met verschillende achtergronden, is altijd wat te doen. Daar is het gezellig. Maar om het goede leven te bereiken, moet wel een proeve van bekwaamheid worden afgelegd: ontgroening. Of, zoals universiteiten en verenigingen liever zeggen: kennismakingstijd.

,,Vooral in het begin is het zwaar. Al was het alleen maar omdat je absoluut niet weet wat je te wachten staat. Je komt jezelf tegen. Maar je groeit er in. Op een gegeven moment besef je dat je voor jezelf moet opkomen. En dan red je het wel. Je weet wat je uiteindelijk wilt bereiken'', zegt Maarten van der Velden (21), die dit jaar de kennismakingstijd van het Utrechtsch Studentencorps doorliep.

Waarom is een kennismakingstijd toch zo zwaar? Hein Lodewijkx is sociaal-psycholoog aan de Open Universiteit en deed onderzoek naar ontgroeningen. ,,Niets is zo erg als nergens bij horen. Daarom hebben mensen er veel voor over om van een studentenvereniging lid te worden. Ze verklaren zichzelf bereid om vergaand te investeren in hun lidmaatschap. De ontgroening is het beste te beschouwen als een situatie waarin een groep mensen gezamenlijk een negatieve ervaring ondergaat. Het beoogde doel daarvan is om de onderlinge band tussen de aspirantleden te versterken. Dat lukt ook: het ondergaan van vervelende ervaringen leidt in het algemeen tot `kameraadschap' tussen lotgenoten. Zoals mensen in de wachtkamer van een ziekenhuis samenklonteren, zo zoeken eerstejaars steun bij elkaar tijdens een ontgroening'', aldus Lodewijkx.

,,Het is echter niet zo dat de zwaarte van een ontgroening de mate van kameraadschap bepaalt. Wat cruciaal is, is de interactie tussen de ontgroenden.'' Lodewijkx onderzocht een ontgroening waarbij de aspirantleden iedere dag met andere mensen in een andere tent moesten slapen. ,, Dat is goed. Hoe vaker aspirant-leden een praatje met elkaar kunnen maken, hoe beter.''

Studenten denken daar anders over: hoe `bitser' de ontgroening, hoe zoeter de smaak van het verenigingsleven, luidt een oude stelling. Lodewijkx: ,,Iemands zelfbeeld is ontleend aan de groep waar hij toe behoort. Wie een zware ontgroening doorloopt, zal na afloop het sterke gevoel hebben dat hij iets heeft volbracht. Hij zal trots zijn op zijn lidmaatschap, trots op zijn vereniging. Een zware ontgroening is een goede manier om loyale leden te krijgen.''

Bedreigende, onvoorspelbare ouderejaars belichamen de `negatieve ervaring' tijdens een ontgroening. Hun vijandschap is het middel om samenbinding en paradoxaal loyaliteit te bewerkstelligen. Het vraagt van het aspirantlid een gezonde dosis humor en relativeringsvermogen om de `vijand' niet al te serieus te nemen. Anderzijds moeten ouderejaars de verantwoordelijkheid bezitten om het bezorgen van een negatieve ervaring niet als doel op zich te zien. Om een spel te blijven spelen. Waar dat besef ontbreekt, kunnen excessen plaatsvinden. En daarom ligt de `negatieve ervaring' zwaar onder vuur.

Maar wat is een exces? Valt een eerstejaars die een bruistablet in zijn mond moet laten schuimen, om zo het bruisende verenigingsleven te symboliseren, ten prooi aan een exces of aan studentenhumor? Wanneer gaat een ontgroening te ver?

Jan Veldhuis, voorzitter van het college van bestuur van de Universiteit Utrecht: ,,Tijdens een kennismakingstijd mag de persoonlijke integriteit van een aspirantlid niet worden aangetast. Fysiek geweld bijvoorbeeld het onthouden van slaap, en geestelijk geweld vernedering – zijn uit den boze. Mentale vorming dient centraal te staan. Wij hebben samen met de studentenverenigingen protocollen opgesteld die strikt dienen te worden nageleefd. Als tijdens een kennismakingstijd veiligheid of gezondheid van aspirant-leden niet gewaarborgd kan worden, is het uit met de pret.'' Dat het de universiteit menens is, blijkt als zij breekt met studentenvereniging Veritas. Volgens de universiteit heeft Veritas het kennismakingstijd-protocol niet nageleefd.

Het Utrechtsch Studentencorps (USC) heeft ook een protocol voor de kennismakingstijd. Dat werd wel nageleefd. ,,Studentenverenigingen zijn een beetje de karikatuur van de samenleving'', zegt Willem Guensberg (22), persvoorlichter van het USC. ,,Hier ligt alles er wat dikker bovenop. Maar feitelijk verschilt het niet zoveel van de echte maatschappij. Respect, initiatief en verantwoordelijkheid, daar draait het om. Die zaken brengen wij onze kandidaatleden bij tijdens de kennismakingstijd. Studentenverenigingen hechten erg aan tradities, lopen een eindje achter op de tijdgeest, maar dat betekent niet dat het er barbaars aan toe gaat. Wij hebben onze kennismakingstijd grondig herzien, in overleg met de universiteit.'' Het kennismakingstijd-protocol schrijft voor dat aspirantleden én ouderejaars geen sterke drank drinken. Ook het zogenoemde `feuten' is streng verboden. Beide zaken waren eeuwenlang belangrijke pijlers van de ontgroening. Blijft er nog iets over? Guensberg: ,,Kijk, het protocol zegt iets over de uitvoering van de kennismakingstijd. De inhoud van de kennismakingstijd blijft altijd hetzelfde.''

En reglementen of niet, studentenjaren zijn de jaren des onderscheids. Zolang er studenten zijn, zullen ze elkaar ontgroenen, op welke manier dan ook. Ontgroeningspraktijken worden altijd door ouders, universiteiten en media aan de kaak gesteld. Veel verzet van eerstejaars zal er niet komen. Want niets is zo erg als nergens bijhoren.

    • Arjen Benedictus