`In de Hollanders schuilen bestiale krachten'

Leopold Witte en Geert Lageveen schreven voor Orkater het historische muziektheaterstuk `De Gouden Eeuw'. `We zijn begonnen met veel lezen.'

Geert Lageveen: ,,Bij de begrafenis van zeeheld Michiel de Ruyter in 1676 werd ook zijn harnas meegevoerd. Een arbeider was bereid om erin te kruipen – leuke schnabbel. Het harnas was echter gebouwd op paardrijden, zodat de man urenlang wijdbeens met zijn loodzware last achter de kist moest lopen. Op het eind van de dag bleef hij erin. In het harnas gestorven.'' Leopold Witte: ,,Hoe mooi dit verhaal ook is, we konden het niet kwijt in de voorstelling.''

Lageveen: ,,Je moet oppassen met dit soort anekdotes. Als je er een plot omheen bouwt, krijg je een onverteerbare historische roman. Je kunt beter een heel ander stuk schrijven en zo'n prachtig weetje er terloops in stoppen.''

Acteurs/regisseurs Witte en Lageveen schreven voor toneelgroep Orkater het muziektheaterstuk De Gouden Eeuw, dat vanavond in première gaat. De voorstelling is het vervolg op het succesrijke Conijn van Olland. Ook nu maakt de groep muziektheater waarin een verhaal uit de vaderlandse geschiedenis wordt verteld. Een belangrijke rol is er weer voor de inventieve muziek van Beppe Costa. De voorstelling, over de geboorte van onze natie, heeft als ondertitel Wind, winst en woede in de Hollandse Hof van Eden.

Conijn van Olland was een overzichtelijk, relatief onbekend verhaal over één man, koning Lodewijk Napoleon. De Gouden Eeuw is een veel bekender, veelomvattend thema. Hoe maak je daar boeiend theater van?

Witte: ,,We zijn begonnen met veel boeken lezen: Huizinga, Israels, Schama. In plaats van historische figuren hebben we toen een fictief gezin genomen, een moeder (Tamar van den Dop) en een tweeling (dat zijn wij), die de grote gebeurtenissen van die tijd als ooggetuigen meemaken: de Tachtigjarige Oorlog, het Rampjaar 1672.'' Lageveen: ,,We hebben vooral de hoofdgedachte van Simon Schama's boek Overvloed en onbehagen gevolgd. Hoe de nieuwe Republiek in korte tijd uitgroeide tot steenrijke wereldmacht, en hoe de calvinistische Nederlanders zich daarvoor schaamden. Ze mochten niet toegeven aan de prikkeling der zinnen, en vreesden de toorn van God voor hun voorspoed.''

Witte: ,,Het gaat ook over de speciale band tussen de Nederlanders en God. In het stuk komt God (Costa) als toerist langs in Holland, het enige stukje aarde dat hij niet zelf heeft gecreëerd. Hij vindt ze geweldig, die Nederlanders. Zelfs nadat hij bot een Hollands huis wordt uitgestuurd, mompelt hij nog: ,,Geweldig!'''

Lageveen: ,,Omdat Nederland plotseling ontstond uit een groepje losse provincies, werd er een mythe gecreëerd: die van het door God uitverkoren volk, dat zich van het juk van de Spanjaard had bevrijd en nu het Beloofde Land had bereikt. De Nederlanders bewonderden Gods Majesteit zoals die zich openbaarde in alle dingen. Tegelijkertijd hadden ze hun landje zelf zo mooi op orde dat ze dachten: `Straks worden we nog beter dan U.'''

Witte: ,,We zoeken met dit stuk ook naar de Nederlander in ons. We trekken parallellen met nu, vooral wat betreft de onberedeneerde angst, het onbehagen ondanks de rijkdom. Ook zit er een verhaal in van een dode rat die op het Hollandse stoepje ligt. Eerst hielden we ons eigen stoepje schoon, toen huurden we er iemand voor in, daarna lieten we de rat liggen en gaven de overheid de schuld.''

Lageveen: ,,Toen we aan de moord op Johan de Witt (1672) bezig waren, werd Pim Fortuyn vermoord. Precies op de plaats waar De Witt en zijn broer werden gelyncht - bij het Binnenhof – zagen we kaalgeschoren relschoppers `Melkert Moordenaar' roepen. Vlak onder die propere ordentelijkheid der Nederlanders schuilen bestiale krachten.''

Witte: ,,We volgen de lijn van de Gouden Eeuw, maar we wilden geen geschiedenisles houden. We kauwen geen jaartallen en historische feiten voor. Het stuk bestaat uit scènes in een schijnbaar los verband, de kijkers leggen zelf de verbanden wel.''

Lageveen: ,,Het moet niet alleen op cerebraal niveau bevredigend zijn, maar ook grappig en ontroerend. Dus is het ook een verhaal over een gezin dat uit elkaar valt. We zouden het nooit gedurfd hebben zonder de muziek van Beppe Costa. Die maakt alles speelser, fantasievoller, en maakt diepere emoties los. Als Costa op zijn zelfgebouwde instrumenten begint te tokkelen, kunnen we wel inpakken met onze doortimmerde tekst. We begonnen met tweehonderd bladzijdes, de helft hebben we moeten weggooien.''

`Gouden Eeuw', t/m 19/10 in Toneelschuur Haarlem. Tournee t/m 18/1. Inl. 020-606 0606 of www.orkater.nl

    • Wilfred Takken