Bomhoff bevecht het CPB al 25 jaar

De interventies van vice-premier Bomhoff op het terrein van zijn collega Heinsbroek mogen dan ongepast lijken, verklaarbaar zijn ze wel. Een kwart eeuw strijd tegen het CPB vanuit verschillende loopgraven.

Eduard Bomhoff heeft zijn vijfde lustrum als luis in de pels van het Centraal Planbureau (CPB) op een wel heel bijzondere manier gevierd. De vice-premier intervenieerde enkele keren bij zijn LPF-partijgenoot en collega Herman Heinsbroek (als minister van Economische Zaken verantwoordelijk voor het CPB). Bomhoffs boodschap: volg het CPB kritisch, onderwerp ze aan onderzoek en bedenk dat je er belang bij hebt om de methode-CPB aangepast te krijgen, want dan komt het kabinetsbeleid er beter uit.

Heinsbroek legde de adviezen van de macro-econoom naast zich neer.

De interventie is de jongste episode van Bomhoffs strijd tegen het CPB, nu vanuit zijn nieuwe positie als minister. Vanaf midden jaren zeventig spuwde de Rotterdamse monetarist Bomhoff zijn gal over het planbureau. De jaren daarna uitte hij, vanuit wisselende loopgraven, steeds dezelfde kritiek: het CPB hanteert verkeerde modellen, onderschat de effecten van overheidsinvesteringen op de economische groei en heeft geen oog voor de effecten van lastenverlichting op de groei.

Om aan te tonen dat het ook anders kon, richtte Bomhoff in 1995 zijn eigen, commerciële onderzoeksinstituut Nyfer op, gelieerd aan de in Breukelen gevestigde private Universiteit Nijenrode. Nyfer probeert met een eigen macro-economisch model het CPB verslaan op het gebied van de ramingen en doet daarnaast eigen onderzoek in opdracht van het bedrijfsleven. Ook via zijn tweewekelijkse column in deze krant vocht Bomhoff zijn strijd met het CPB uit.

De kritiek die Bomhoff heeft op het CPB staat niet op zichzelf. Weliswaar was Bomhoff (als directeur van concurrent Nyfer) niet de meest objectieve boodschapper van de kritiek, ook anderen waren kritisch over het planbureau. VNO-NCW-voorzitter Jacques Schraven zei maart dit jaar: ,,Als het CPB in 1944 de landing in Normandië had moeten doorrekenen, dan lagen die boten nu nog voor de kust.'' En de politieke partijen hebben regelmatig, vaak uit opportunistische overwegingen, ook vraagtekens bij de uitkomsten waar het CPB mee komt als dat hun beleid heeft doorgerekend.

Om de critici te weren laat Economische Zaken het CPB met regelmaat onderzoeken. In 1997 was het planbureau onderwerp van een internationale visitatie. Daaruit kwam naar voren dat het CPB ,,succesvol heeft gereageerd op veranderingen in de economische omgeving''. De aanbevelingen om de modellen op sommige punten aan te passen zijn de de afgelopen jaren opgepakt door het CPB. Vorig jaar werd een nationaal onderzoek gehouden onder leiding van onderdirecteur Age Bakker van De Nederlandsche Bank, Het CPB doorgelicht. Bomhoff betitelde dat onderzoek in zijn brieven aan Heinsbroek als ,,bijzonder vlak''. Volgend jaar, zo meldde Heinsbroek gisteren, volgt een nieuwe internationale visitatieronde, ditmaal met onder meer de vooraanstaande hoogleraren Zimmermann (voorzitter, Berlijn), Gross (Centre for European Policy Studies, Brussel), Newbery (Cambridge) en Van der Ploeg (London en Florence). Heinsbroek liet overigens, bijna pesterig, weten ,,het volste vertrouwen'' te hebben in het CPB. Hij is een voorstander van een ,,open en niet-vooringenomen discussie'' over de kwaliteit van het CPB en vindt het belangrijk dat ,,de economische kennis up-to-date is''.

Bomhoffs interventie op het terrein van Heinsbroek heeft in de Tweede Kamer tot onrust geleid. Oppositiepartijen GroenLinks en Leefbaar Nederland willen woensdag in een spoeddebat opheldering van premier Balkenende en de ruziënde LPF-ministers over hoe het kabinet nu tegen het CPB aankijkt. Kamerlid Vendrik (GroenLinks) vindt de interventie van Bomhoff, gezien zijn verleden, ,,buitengewoon verdacht. Het lijkt erop alsof hij alleen maar zijn gram wil halen.'' Vendrik is het wél eens met de kritiek die Bomhoff heeft op de monopoliepositie van het CPB. De GroenLinks'er pleit voor de oprichting van een tweede onderzoeksbureau, opgezet door alle economische faculteiten en vergelijkbaar met de Duitse situatie, waar maar liefst vijf onderzoeksbureaus continu strijden om de gunsten van de politiek.

    • Egbert Kalse