Turkije boos op Brussel

In Turkije is teleurgesteld en boos gereageerd op het advies van de Europese Commissie om Ankara nog geen datum te geven voor het begin van toetredingsonderhandelingen. ,,Dit staat ver af van onze verwachtingen'', aldus vice-premier Yilmaz gisteren.

Eerder, toen het advies onofficieel was `gelekt', had minister van Buitenlandse Zaken Gürel al gezegd dat, als de politieke leiders van de Unie het advies overnemen, de betrekkingen tussen Ankara en `Brussel' schade zullen oplopen als de politieke leiders van de Unie het advies van de Commissie zouden overnemen.

De Turkse president Sezer riep de Europese Unie vanmorgen op om met verstand te besluiten op de top van Kopenhagen. Wat Turkije met name steekt, is dat de Europese Commissie – ondanks lovende woorden voor de Turkse `vooruitgang' – toch weinig oog lijkt te hebben voor de grote hervormingen op het gebied van de mensenrechten die het land de afgelopen tijd heeft doorgevoerd. Zo schafte het parlement begin augustus in een buitengewone zitting de doodstraf af en gaf het meer rechten aan de Koerden. Door desondanks in het advies weer uitgebreid stil te zijn bij martelpraktijken in Turkije ,,martelt de Europese Commissie ons nu'', aldus een columnist van de krant Cumhuriyet.

Ondanks de teleurstelling acht de regering in Ankara de strijd voor de toetredingsdatum echter nog niet verloren. Volgens bewindslieden is het rapport van de Commissie simpelweg een ,,advies'' dat de politieke leiders in december niet per definitie over hoeven te nemen. Turkije lijkt dan ook begonnen te zijn aan een grote lobbycampagne om het advies te `neutraliseren'. Zo werden de ambassadeurs van enkele grote EU-landen gisteren ontboden.

Turkse bewindslieden maakten gisteren ook een aantal harde opmerkingen over kwesties die Europa graag wil regelen, maar dat zonder Turkse hulp niet kan. Zo liet minister Gürel weten dat de deling van Cyprus wel eens definitief kon worden als de EU doorgaat met haar voornemen om (Grieks-)Cyprus hoe dan ook toe te laten. Hij herhaalde ook dat Turkije onder deze omstandigheden niet bereid is over medewerking aan de Europese defensiemacht te praten.