NS stort zich weer op zakelijke markt

Na het mislukken van de betaalkaart `Odessey' probeert NS andermaal de zakelijke reiziger de trein in te lokken. Ditmaal met de NS Business Card.

Het was 1996 en hij heette Odessey. Het was een betaalpas waarmee je treinritten, taxi, treintaxi, auto met chauffeur én huurauto kon betalen. NS was er trots op: eén telefoontje volstond, een helpdesk zocht de ideale route én vervoermiddel. Doelgroep was de zakelijke reiziger.

Maar Odessey bestaat niet meer. ,,Er zaten te veel toeters en bellen aan', geeft Jan Breugem van NS Business Services toe. ,,Een uitgebreid callcenter, auto met chauffeur, je kon het zo gek niet bedenken. Het was veel te duur.'

Sinds deze maand probeert NS het opnieuw met een betaalkaart voor de zakelijke reiziger, de `NS Business Card'. ,,Er is geleerd uit het verleden', zegt Breugem. De kaart heeft dus minder toeters en bellen. Geen auto's met chauffeur meer, maar louter treintaxi, trein en parkeerterrein.

Bedrijven kunnen de kaart (30 euro per jaar vastrecht) voor hun werknemers aanschaffen. Daarmee kunnen ze met de trein reizen. Buiten de spits geldt een korting van 20 procent. De gebruiker hoeft niet meer in de rij om een kaartje te kopen. In de trein volstaat het tonen van de kaart aan de conducteur. In ruil daarvoor moet de reiziger zijn reis vooraf boeken. Via internet of telefoon.

Het aantal gereisde kilometers per trein in Nederland is de laatste tien jaar explosief gestegen: van 53,5 miljard in 1995, naar 63 miljard in 2004, zo is de verwachting van het CBS. Maar het aandeel van het zakelijk verkeer daarin is ongeveer stabiel, namelijk rond de 30 procent. Ook de manier waarop de zakelijke reiziger reist, verandert niet: ongeveer drie procent met openbaar vervoer en maar liefst 30 procent met de auto. Wil NS haar aandeel op de zakelijke markt vergroten, zal ze dus kilometers van de auto moeten afsnoepen.

Maar dat is moeilijk, zo blijkt ook uit de herhaalde pogingen van de ministeries van Verkeer en Waterstaat en Economische Zaken. Zo werd half jaren negentig het plan gelanceerd voor een `mobiliteitskaart', een kaart geldig in trein, bus, metro, taxi en huurauto. Die kaart is er nog steeds niet. Het ,,met je krantje en croissantje in de trein'-idee van voormalig minister Maij-Weggen is nog niet erg aangeslagen. De autorijder is nog steeds vergroeid met zijn brik.

Niet voor niets. Elke zakenman die wel eens één keer in een overvolle spitstrein gezeten heeft of gestrand is op Woerden, zal snel weer in zijn auto kruipen. Natuurlijk, zegt Breugem. ,,Ik dacht zelf ook nooit aan de trein toen ik hier kwam werken.' Maar als zakelijke reizigers af en toe eens met de trein gaan reizen, is dat al heel wat.

Als voordeel van de NS Business Card noemt NS dat de kaarthouder geen treinkaartjes meer hoeft voor te schieten. NS rekent rechtstreeks met het bedrijf af. Verder hoopt NS de `normale' voordelen van de trein weer eens te benadrukken: je kunt werken in de trein, hoeft niet met stadsplattegronden in de auto te worstelen, en je hebt geen parkeerproblemen op de plaats van aankomst. Negentig procent van de bedrijven in de proef met de NS Business Card blijft de kaart gebruiken, zegt NS.

De huidige treinreizigers hoeven volgens Breugem niet bang te zijn dat de spitstreinen nu overspoeld zullen worden door extra zakelijke reizigers. Hij verwacht dat de Business Card gebruikers in de spits hun auto zullen blijven gebruiken en de trein voor de ritten naar congressen en klanten overdag. ,,Dan zijn de treinen vrij leeg.' De snelwegen toch ook? ,,Nou, nee', zegt Breughem. ,,Overdag sta je heel vaak vast op de weg.' Bovendien, zo wil Breugem nadrukkelijk stellen, de kaart is beslist niet bedoeld als vervanging van de auto. ,,Als de leaserijder het gevoel krijgt `ik mót de auto uit' werkt het niet.' Daarom wordt ook samengewerkt met TopLease Nederland. ,,Die wil zich profileren als aanbieder van flexibele mobiliteitsoplossingen', zegt Breughem.

De verwachtingen van NS met de kaart zijn volgens Breugem ,,niet hoog'. In aantallen, bedoelt hij. ,,We willen van enkele tienduizenden nu, groeien naar honderd duizend kaarten.'

    • Japke-d. Bouma