LPF

Het is een puinhoop bij de LPF. Twee dwaallichten zijn afgeschoten, maar de ruzies, verdachtmakingen en belangenstrijden woekeren voort. De peilingen laten een dramatische daling van de populariteit van de LPF zien; de partij mag nog rekenen op een 1/3 van het electoraat van 15 mei. De neergang lijkt hardnekkig. Zo knaagt de LPF aan de wortels van het kabinet, het aftellen is begonnen.

Zonder Pim heeft de LPF het electoraat en het land bitter weinig te bieden. Dat electoraat vroeg echter veel, en de vraag is opportuun wat er na een val van dit kabinet met die (over)vraag en met alle onder- en achterliggende onvrede moet gaan gebeuren. In de peilingen profiteren coalitiegenoten CDA en VVD en ook de SP het meest van de wanorde bij de LPF. De populariteit van de SP is niet verwonderlijk. Ook Marijnissen kan onvrede politiek maken en Fortuyn in populariteit zeker gaan benaderen. Marijnissen profiteert ook van een PvdA die nog steeds op de intensive care ligt en weinig uitzicht op beter biedt.

De geest is uit de fles. Ontevredenheid, frustratie en rancune hebben hun weg gevonden naar een LPF vol ontevreden, gefrustreerde en rancuneuze mensen (mannen, met name) die elkaar bij gebrek aan enige band en binding politiek permanent naar het leven staan. Aan de problemen in het land gebeurt in de tussentijd niets. Daar is geen plan, geen tijd en geen geld voor. De frustratie zal niet afnemen. Nu ook de economie het laat afweten, is het wachten op een nieuwe Pim die dankbaar gebruikmaakt van de electorale ruimte die braak ligt.

    • Kasper van Noppen