Hongaar zonder vaderland

Imre Kertész geldt als één van de grote schrijvers over de jodenvervolging. Het duurde lang voordat hij erkenning vond in zijn vaderland Hongarije.

Imre Kertész werd in 1929 geboren als Hongaarse jood. Hij voelt zich het een noch het ander, en al helemaal geen deel van een `nationaal team' van Hongaarse schrijvers. ,,Mijn werk is niet het product van een nationale groep. Mijn werk komt voort uit de duisternis van de jodenvervolging. Het is literatuur, die ik in alle eenzaamheid heb geschreven tegen de omstandigheden in, ondanks de omstandigheden.'' Aldus Kertész in een interview uit 1999 met Renée Postma in het Cultureel Supplement van deze krant.

De romans van Kertész gaan over de diepe onverschilligheid van de Hongaren tegenover hun joodse medeburgers. In Hongarije leidt zijn werk een `slapend bestaan', in zijn eigen woorden. Kertész treedt niet op in Hongarije, geeft geen lezingen en hoort nergens bij. Kort na de val van het communisme is hij uit de schrijversbond getreden uit protest tegen de antisemitische opmerkingen van de toenmalige vice-voorzitter.

In 1975 verscheen Onbepaald door het lot, Kertész' antwoord op de jodenvervolging. Het boek lag drie weken in de winkel en verdween vervolgens uit beeld. Volgens Kertész zelf werd het boek doodgewegen omdat Hongaren niets wilden weten over hun land tijdens de Tweede Wereldoorlog en de jodenvervolging. Pas na de val van het communisme, ruim tien jaar geleden, begon dat te veranderen. Kertész werd internationaal ontdekt en geldt nu als één van de grote schrijvers over de jodenvervolging. ,,Tegenwoordig ben ik in een wereld beland waar ik gelezen word, waar naar mij geluisterd wordt. Een wereld van normale lezers.'' Kertész weet nog niet helemaal wat hij daarmee aanmoet. Wat moet een schrijver met normale lezers, vraagt hij zich af. Grote schrijvers als Samuel Beckett en Franz Kafka weigerden met lezers om te gaan. Ook in de normale wereld schuilen gevaren. ,,Je kunt bijvoorbeeld heel makkelijk gemanipuleerd worden.''

Kertész blijft een argwanend mens, al kwam de grote omwenteling van tien jaar geleden wat hem betreft precies op tijd. ,,Het schrijversleven dat ik geleid heb, onbekend en vrij, is goed voor een bepaalde tijd. Je wordt hard en leert met jezelf om te gaan. Je begrijpt de ernst van je opdracht. Dat is goed. Maar het gaat wel met depressies gepaard. Ik heb geluk gehad met de omwenteling van tien jaar geleden. Na al die jaren was ik verkrampt in mijn eenzaamheid. Het schrijven werd moeilijker. Je kunt niet altijd zonder controle blijven schrijven.''

Kertész voelt zich niet thuis in de Hongaarse literaire wereld, maar ook niet in die van de Hongaarse joden die zich probeerden te assimileren. ,,Ze dachten zich te kunnen redden door zich altijd maar aan te passen, ook aan de zogenaamde christelijke koers van de regeringen tussen de wereldoorlogen. Dat had met christendom niets te maken. Nog altijd betekent christendom hier in Hongarije: niet joods. Dat is geen geloof, dat heeft niets te maken met de grote god. Dat is pure ideologie. Een deel van de joden is ver van de eigen wortels verwijderd geraakt omdat ze probeerden te integreren als Hongaarse joden, maar dat is mislukt. In 1944 zijn in zes weken tijd achthonderdduizend joden door Hongaarse politieagenten samengedreven in het getto en naar Auschwitz afgevoerd door de Duitsers, zonder dat de Hongaarse maatschappij daar iets tegen deed.''

In 1988 volgde Het fiasco, over de de communistische totalitaire staat, en in 1990 Kaddisj voor een niet geboren kind, over het onvermogen van iemand die zijn eigen dood overleefd heeft om het leven door te geven. De ervaringen van de jodenvervolging zijn voor Kertész vanzelf overgegaan in die van het communisme. Ze zijn altijd blijven bestaan, ook na de bevrijding bleek vrijheid een illusie.

Ook Het fiasco is het verhaal van Kertész zelf. Tien jaar lang had hij zijn oorlogservaringen onderdrukt. ,,Plotseling kwam het allemaal terug. Het was alsof er een vreemde macht in me getreden was die me bevel gaf om te schrijven. Dat is natuurlijk niet echt zo. Het is gewoon het resultaat van de verdringing en de arbeid van het onderbewustzijn. Ik voelde dat ik schrijver moest worden en op moest schrijven wat ik wist en wat ik had meegemaakt. Daarna lag ik niet meer de hele tijd met die ervaringen overhoop, maar kon ik ze zien als materiaal om mee te werken. En door het schrijven kon ik dat materiaal bovendien redden. Niet alleen redden, maar op een hoger niveau brengen.''