Alleen het zwembad ontbreekt nog

Eindhoven is kandidaat-gastheer van de Europese kampioenschappen zwemmen 2006. Voorwaarde is wel dat het zwemstadion wordt gebouwd.

Opgewekte gezichten verzamelden zich gisteren in het stadhuis van Nieuwegein om getuige te zijn van een blijde boodschap: de Nederlandse zwembond (KNZB) gaat, in samenwerking met zowel de overheid als de gemeenten Eindhoven (langebaan) en Hoorn (open water), serieus aan de slag om de Europese kampioenschappen van 2006 naar Nederland te halen. ,,Die ambitie steken wij niet langer onder stoelen of banken', sprak bondsvoorzitter Erik van Heijningen.

Ambities in `Nederland zwemland' waren tot voor kort slechts te vinden in het water, bij de topzwemmers uit Eindhoven en Amsterdam met name. Langs de badrand was de geestdrift voorbehouden aan een select gezelschap van trainers, coaches, wetenschappers en een enkele bestuurder. Met kromme tenen keken zij de afgelopen twee jaar toe hoe de KNZB er maar mondjesmaat in slaagde de olympische successen van `Sydney' (vijf keer goud) te verzilveren.

Maar de bond, die lange tijd vooral oog had voor de breedtesport, lijkt de steeds rauwer klinkende noodkreet, ruim twee maanden geleden bij de EK in Berlijn nog kernachtig verwoord door de ontgoochelde stichtingsvoorzitter Cees-Rein van den Hoogenband uit Eindhoven (,,Dat lethargische gedoe in Nieuwegein!'), te hebben opgepikt. Omstandig werd gisteren de heilzame en aanstekelijke werking van topsport geprezen.

Vol trots presenteerde Van Heijningen een werkgroep die de komende weken de financiële haalbaarheid van het plan gaat onderzoeken, en daarnaast de Europese zwemfederatie LEN ertoe moet brengen veertig jaar na dato (Utrecht) de titelstrijd opnieuw aan Nederland toe te wijzen. Hongarije (Boedapest) en Slovenië (Ljubljana) zijn de andere kandidaten. In maart valt de beslissing over het evenement, dat vier onderdelen telt (naast langebaan- en marathonzwemmen ook schoonspringen en synchroonzwemmen) en waarbij een kleine duizend sporters en officials betrokken zijn.

Bij de LEN-najaarsvergadering, die morgen in Bologna begint, hoopt delegatiehoofd Henny Smorenburg te horen aan welke voorwaarden Nederland moet voldoen.

Er is één `maar', een niet onbelangrijke: de beoogde gastheer Eindhoven, thuisbasis van onder anderen tweevoudig olympisch kampioen Pieter van den Hoogenband, wacht nog altijd op een topsportwaardige en toegezegde opvolger van de huidige, sterk verouderde `klotsbak' in De Tongelreep. Hoewel de gemeente formeel heeft ingestemd met de aanleg van een nieuwe topsportaccommodatie met onder meer een 50- en een 25-meterbad op de bestaande locatie, zijn alle handtekeningen nog niet gezet en is de financiering nog allerminst rond.

De begroting voor de bouw van wat Nederlands eerste (en enige) zwemstadion moet worden, vermeldt een bedrag van 21,9 miljoen euro (index 2001). Daarvan is tot dusverre 14 miljoen binnen aan toezeggingen. Voor het resterende bedrag heeft het gisteren als Swimcity geafficheerde Eindhoven de hoop gevestigd op Europese en provinciale subsidies, en sponsorbijdragen uit het bedrijfsleven.

Sussende woorden sprak de wethouder van Sport, Marriët Mittendorff, gisteren dan ook toen het heikele onderwerp ter sprake kwam. Met die accommodatie komt het wel goed, bezwoer ze. Haar optimisme is gestoeld op het vertrouwen van het ministerie van VWS, de raad, de regio en de enige overheidspartij die nog geen financiële donatie heeft gedaan, de provincie Noord-Brabant.

Op zijn beurt vroeg ook Guus Hulshof, hoofd Sport & Recreatie in Eindhoven, opnieuw om begrip. ,,Het is aan de buitenwacht vaak moeilijk uit te leggen, maar zoveel tijd nemen dergelijke procedures nu eenmaal in beslag.' Dankzij een Europese aanbesteding stromen, aldus Hulshof, momenteel de ontwerpen van verschillende architecten binnen. Voor het einde van het jaar moet de procedure zijn afgerond, waarna over ruim een jaar de eerste paal kan worden geslagen. De oplevering volgt eind 2005, begin 2006.

Bij alle mooie plannen en woorden past enige scepsis. Al sinds de succesvolle Olympische Spelen in Sydney is de bond bezig met de opzet van de Stichting Topzwemmen Nederland, een slagvaardig orgaan dat los van de KNZB voortaan de belangen van het topzwemmen zou moeten behartigen. Twee jaar later bestaat dat model nog slechts op papier. Al had de gisteren uitgereikte persmap een verheugende mededeling in petto: `bevindt zich in een afrondende fase' stond tussen haakjes vermeldt, toen de door de topzwemmers en hun coaches zo vurig gewenste organisatie werd aangestipt.