Verslaafd aan geweld en altijd bang

De scherpschutter die Washington en omgeving in zijn greep houdt, kon zo uit de film Bowling for Columbine zijn weggelopen.

KNAL, flats, boem. Eén bal raakt alle kegels met een heftig geraas. De symboliek is simpel en direct. Dylan Klebold en Eric Harris begonnen die dag met kegelen. Toen reisden zij naar hun middelbare school in Littleton, een fatsoenlijke voorstad van Denver. Zij openden het vuur in het overblijflokaal en schoten 12 medeleerlingen en een docent dood. Vervolgens sloegen zij de hand aan zichzelf.

Columbine High was de naam van de school, die dankzij Eric en Dylan in 1999 een wereldbekend symbool werd van het overal in Amerika dreigende zinloze geweld, de gewelddadige dood zonder aanleiding. Sinds die dag ook door toedoen van kinderen, die de wapens vaak thuis kunnen vinden. Want wapenbezit is een burgerrecht, in sommige staten bijna een burgerplicht.

Amerika's verslaving aan geweld is de rode draad die loopt door Bowling for Columbine, de exuberante film van Michael Moore die maandag in New York in première ging (en in november in Nederland het IDFA opent). Komend weekeinde zal de documentaire door heel Amerika te zien zijn. Distributeur United Artists gokt er kennelijk op dat de film een snaar zal raken in uitgaans- en winkelcentra van kust tot kust. Zeker nu.

De scherpschutter die de hoofdstad Washington en omgeving sinds eind vorige week in zijn greep houdt, kon zo uit Bowling for Columbine zijn weggelopen. Naar zijn motieven wordt vruchteloos gegist. Het effect van de lange-afstandsmoorden is weer een bron van onzekerheid, na 11 september, de miltvuurbrieven, de economische malaise, de oorlog tegen het terrorisme en een dreigende oorlog met Irak. Zoals filmmaker Michael Moore na afloop van de première zei: ,,Dit land is altijd bang. Voor dodelijke bijen, voor wat de eeuwwisseling in computers aanricht, voor scheermesjes in Halloween-snoep, voor liften en roltrappen, haaien en terroristen. De regering-Bush adviseert het volk regelmatig angstig te zijn. Amerika lijdt aan een angst-cultuur, nog steeds met raciale ondertonen.''

De sfeer in en om Washington is er zeker een van sprakeloze angst. De lege openbare klimrekken – ondanks helder herfstweer – zijn een teken aan de wand. De hoofdstad is een van de meest raciaal gesegregeerde steden van de Verenigde Staten. Tot nu toe heeft de schutter in zijn witte bestelwagen zijn automatische wapen niet zichtbaar geleegd op de ene of de andere minderheidsgroep.

De zes doden zijn blank, zwart en Latino. Dat neemt niet weg dat als de puur blanke wijken dichter bij het Witte Huis zes doden te betreuren hadden gehad de media-koorts sneller en hoger was opgelopen. Ook nu worden peuters en schoolkinderen in de hele regio binnengehouden. Schoolpleinen zijn verboden gebied. Het brengen en afhalen bij school is een gespannen procedure geworden die doet denken aan het overdragen van zieken in een gijzelingsdrama.

De angst zit er goed in. Het afgelopen jaar is de verkoop van inbraakalarmsystemen met 38 procent omhoog gegaan. Terwijl de misdaadcijfers een aantal jaren zijn gedaald, is het gevoel van onveiligheid toegenomen. Zulke ongerichte angstgevoelens als nu bij de Washingtonse scherpschutter spelen de wapenlobby in de kaart. [Vervolg COLUMBINE HIGH: pagina 4]

COLUMBINE HIGH

Veilig met een wapen onder het kussen slapen

[Vervolg van pagina 1] Die wapenlobby legt – nog vóór de dader is gepakt – uit dat striktere regels om de identiteit van wapenkopers of alleen maar hun wapens vast te leggen ineffectief en onwenselijk zijn. Het (rechtse) Huis van Afgevaardigden voerde het punt tijdelijk af van de agenda.

In de staat Maryland, waar de meeste aanslagen hebben plaatsgehad, probeert men ook al de `vingerafdruk' van vuurwapens wettelijk te doen registreren.

De wapenlobby verslapt de aandacht niet. ,,Deze maatregelen zullen wetsgetrouwe burgers treffen terwijl zij niets doen om het soort schietpartijen als we nu in Washington zien te voorkomen'', schreef Alan Gottlieb van het `Citizens Committee for the right to keep and bear Firearms' gisteren in USA Today.

Moore's breed opgezette film, die deze zomer in Cannes veel lof won, is vanaf begin december in Nederlandse bioscopen te zien. `Bowling for Columbine' mag een documentaire zijn, in handen van de guerrilla-cineast Michael Moore wordt het een achtbaanrit door de realiteit van het wapenbezit.

De film geeft een vervreemdend beeld van de miljoenen mannen en een handvol vrouwen die de Amerikaanse grondwet omhelzen en met een wapen onder hun kussen slapen.

,,Dat geeft me een veilig gevoel'', zegt een bejaarde Charlton Heston, de voorzitter van de National Rifle Association in de film. Cineast Moore zocht na twee jaar vergeefs vragen om een afspraak – als een journalistieke Tijl Uilenspiegel de acteur (die Mozes was in `De Tien Geboden' van Cecil B. de Mille) thuis op. De villa in Beverley Hills gaat even voor hem open, totdat de vragen van de cineast de filmster niet langer bevallen.

Moore gaf maandagavond in de première-bioscoop bij Times Square toe dat hij wel een beetje hard voor de aan vroege Alzheimer lijdende wapenprofeet was geweest. Maar als kijker blijft je medelijden beperkt bij het zien van de pro-wapen-manifestatie die Heston en zijn wapengenoten in Denver organiseerden kort na de ramp van Columbine. Die was zeker even provocerend.

Hoe komt het dat Duitsers, Engelsen en anderen met het nodige geweld in hun geschiedenis zo veel minder slachtoffers maken uit de loop van een vuurwapen, vraagt Moore zich af. Die landen hebben een kleinere bevolking, maar met een paar honderd doden per jaar is hun vuurwapentol niet te vergelijken met de meer dan 11.000 slachtoffers die de Verenigde Staten jaarlijks begraven.

Volgens Heston heeft Amerika een gewelddadig verleden. Geweld hoort er bij. Moore neemt daar geen genoegen mee. Op één van zijn omzwervingen komt hij er achter dat Canada bijna evenveel wapens heeft, maar nauwelijks moordt.

Een sluitende verklaring vindt hij niet. Wel hoop: ,,We zijn nog vrij. We kunnen de televisie afzetten en andere informatie zoeken.''

Michael Moore hoopt dat het wapenbezit eens aan banden wordt gelegd.

Voorlopig is 273.000 dollar uitgeloofd voor wie helpt de `Washington sniper' te vangen. En in de salons van Washington, de hoofdstad van de wereld, gaat het dezer dagen toevallig ook over het gebruik van geweld. Maar dan de nette vorm.

    • Marc Chavannes