Sloffen, sigaretten en monotonie

Het begin van Otar Iosseliani's Lundi matin is briljant. Het is zes uur `s ochtends als er zo'n drie à vier wekkers afgaan. Een man klimt uit bed, strompelt naar beneden en begint zijn dagelijkse ritueel. Op sloffen loopt hij naar de aftandse auto, z'n schoenen in de hand. Als hij vertrekt, staan de sloffen nog in de modder, te wachten tot hij terugkeert. Op het treinstation rookt iedereen. Zodra de wagondeuren openen, gooit iedereen zijn peuk op de grond. Vervolgens worden die van het perron geveegd. Uit de bus stappend, steken de werknemers er nog een op. De twintig meter naar de fabriek kunnen nog net een paar trekjes genomen worden. Naast de poort staat een gigantische asbak, waarin de nauwelijks opgerookte sigaretten gegooid worden. Dan begint de kakofonie van het werken in een chemische fabriek.

Deze openingssequentie bevat alles wat Lundi matin zo goed maakt. De woordloosheid introduceert het thema van het niet onderling communiceren en brengt tegelijkertijd een ode aan de visuele vertelkunst van de zwijgende film. De dagelijks sleur waarin de hoofdpersoon gevangen zit, wordt door deze scènes knap duidelijk gemaakt. De terugkerende sloffen in de modder en sigaretten op het perron worden door Iosseliani gebruikt als licht surrealistische getuigen van een leven dat monotonie en regelmaat verraadt.

Het idee dat de mens slaaf is van zijn arbeid, werd onlangs ook aangekaart in Laurent Cantets L'emploi du temps. Iosseliani's melancholische toon en meanderende stijl verschillen van die van Cantet. De oorspronkelijk Georgische Iosseliani houdt van absurde details en filmt scènes die geen directe functie binnen het verhaal hebben. Zo trekt een groep zingende zigeuners door het dorp, en loopt de hoofdpersoon langs een tafel lallende kozakken in het café. Wel versterken ze motieven uit de film, zoals vrijheid en berusting. Zigeuners leven vrij, en de kozakken rest niets dan drank en melancholische liederen om het leven aan te kunnen. Zo worden alle, ogenschijnlijk losse elementen door Iosseliani kundig en met humor aan elkaar gebreid. Op een dag besluit de lassende fabrieksarbeider er vandoor te gaan. Hij komt terecht in Venetië, bij de levensgenietende Italianen. Dat is, net als de zigeuners, een beetje een cliché, maar het moment waarop hij op het dak van een huis het weidse uitzicht over de stad ondergaat, werkt binnen de film uitstekend. Terwijl de camera langzaam rondgaat besef je droef dat dit het enige geluksmoment in zijn leven is. De sloffen wachten op hem, evenals de lekkende dakgoot.

Lundi matin. Regie: Otar Iosseliani. Met: Jacques Bidou, Anne Kravz-Tarnavsky, Narda Blanchet. In: De Uitkijk, Amsterdam; Cinerama, Rotterdam; Haags Filmhuis; Lux, Nijmegen.