Geloven in oorlogstijd

Tegelijk met de heruitbreng van de originele Peter Pan uit 1953 op dvd en video komt de sequel in de bioscoop, Peter Pan: Return to Never Land - die eigenlijk is gemaakt voor televisie. Het lijkt slimme marketing maar is ook risicovol. Zo kan iedereen zien dat het vervolg in alle opzichten inferieur is: qua animatie, verhaal, liedjes en charme.

In Return to Never Land leert de dochter van Wendy ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, als Londen in brand staat, dat het belangrijk is om in sprookjes (lees: vertelkunst) te geloven. Zij gelooft niet dat Peter Pan bestaat, laat staan piraten of de engelenstof van Tinkelbel. Alhoewel ze nuttig werk doet als oorlogsverpleegster in een treurige realiteit is het volgens het verhaal belangrijker voor haar om te geloven in een prettige maar onwerkelijke fantasie. Zo hecht de film meer waarde aan gemakkelijk escapisme dan aan het leren omgaan met de soms sombere werkelijkheid: pedagogie van de koude grond. En sprookjes zijn alleen leuk als ze buitengewoon kunstig en interessant verteld worden. Dat laat het vlakke Return to Never Land na. Het is nu meer een remake dan een sequel van Peter Pan. Met één verschil: Jane wordt de eerste Lost Girl. Zo is het feminisme eindelijk ook doorgedrongen bij Disney; nu nog originele scripts en ouderwets tekentalent.

Peter Pan: Return to Never Land (Peter Pan: terug naar Nooitgedachtland). Regie: Robin Budd. Met de stemmen van Willem Rebergen, Nicoline van Doorn, Isa Hoes, Paul van Gorcum. In 106 bioscopen.