Ode aan de Sport

Op 4 december 2001 voorspelde ik op deze plaats het einde van Pim. In een visioen zag ik hoe Pim, in het gezelschap van een dove hond, zich terugtrok op de zolder van een verlaten graanmolen, om de rest van zijn leven te wijden aan de voltooiing van het magnum opus `Zelf Bitter Worden'.

Het visioen zag verkeerd.

Het visioen krijgt toch een beetje gelijk. Zich beroepend op de geest van Pim bestijgen zijn volgelingen ijlings het steile laddertje naar de molenzolder.

Op 15 mei 2002 deed een aanzienlijke Nederlandse verongelijktheid in het stemhokje een greep naar de macht.

Een belangrijk licht op verongelijktheid werpt sociaal-psycholoog Hans Boutellier in het boek `De Veiligheidsutopie'. Op de kaft een bungeejumper. Pim komt nog net als voetnoot tevoorschijn - op 6 mei 2002 lag het manuscript al bij de drukker. In een interview op 29 juni in NRC Handelsblad verklaart Boutellier dat de mens graag in een afgrond springt, maar zich evenzeer graag beschermd weet door een elastiek rond zijn voeten. Een citaat. ,,Fortuyn was de bungeejumper van onze tijd. Hij was ook de verpersoonlijking van onze cultuur: eigen emotie eerst! En de norm, die geldt voor anderen.''

Norm. Normen en waarden. Het lijkt wel oorlog. Ook de sportwereld heeft een beschavingsoffensief ingezet als ik de kranten mag geloven. Er is gruwlijke honger naar de beginselen zoals gedeclameerd door Pierre de Coubertin.

Ik deel die honger.

De Coubertins ideaal was, net als bij de Grieken, een sportieve én culturele wedkamp. Tijdens de Olympische Spelen van Stockholm (1912) was het vooral de letterkundige wedstrijd die de belangstelling opeiste. Twee Duitsers Hohrod en Eschbach wonnen met hun in samenwerking geschreven gedicht van middelmatige letterkundige waarde `Ode aan de Sport'. Vijfentwintig jaar later bleek dat achter de twee Duitsers Pierre de Coubertin schuil ging om de artistieke wedstrijden aan te moedigen.

Mijn andere goeroe was behalve dat dichter, terrorist, onafhankelijksstrijder, brievenschrijver, sigarenroker en levenskunstenaar. Hij is dood, ik moet me behelpen met het nagelaten oeuvre van 16.000 pagina's. Elk facet van het leven passeert. Over sport: ,,Sport, of course, belongs to the lower end of things. (...) But even in the ugliest corner of life there is something beautiful that saves it.''

    • Peter Winnen