Noord-Zuidlijn

De Noord-Zuidlijn is een voor de toekomst van Amsterdam vitale voorziening. Die lijn moet er komen. Terecht wordt door de gemeenteraad zekerheid verlangd dat de met de aanleg gemoeide kosten binnen de perken blijven. In dat kader is geopperd nog eens goed te kijken naar de zeer aanzienlijke investeringen voor het busstation aan de IJ-zijde van het Centraal Station. Vooralsnog wordt daarbij alleen gesproken over het laten vervallen van de grote nieuwe kap, een gezichtsbepalend element van het plan van de architecten Benthem en Crouwel. Daarmee zou een besparing kunnen worden bereikt van ongeveer 23 miljoen euro.

Als tot dit onzalige compromis besloten zou worden, blijft van het huidige ontwerp niet meer over dan een circa vijf meter hoge platte doos aan de IJ-zijde van het station, met een afmeting van ongeveer 50 x 400 meter ofwel met een oppervlak van zo'n 20.000 m², ongeveer de helft van het overkapte gedeelte van het bestaande station. Een monstrum in het hart van de IJ-oeverplannen waarvoor Amsterdam zich zou moeten schamen en waarvoor van beoordelende instanties zoals monumentenzorg zeker geen goedkeuring verkregen zal kunnen worden. Niet doen dus. Er is een beter alternatief. Er kan aanzienlijk meer worden bezuinigd door het busstation niet op perronniveau, zoals in de huidige plannen, maar op maaiveld aan te leggen – op hetzelfde niveau als de trams aan de voorkant van het station. In de eerste plaats levert dat een besparing op van zeker nog eens circa 50 miljoen euro. Bovendien kan het `balkon aan het IJ' dat daarbij ontstaat in de toekomst als openbare ruimte voor andere doeleinden worden gebruikt. Mede in het licht van de voorgenomen ontwikkelingen op de noordoever van het IJ is dat een aantrekkelijk perspectief.

    • Tjeerd Dijkstra
    • Voormalig Supervisor Ij-Oevers