Lieve mensen,

Hoe meer ik lees over de ongelooflijk ingewikkelde en prachtige gebeurtenissen in ons lichaam – hoe overbodige cellen tot zelfmoord worden aaangemoedigd en hoe keurig ze dan eerst hun orgaantjes inpakken voor later gebruik; hoe chaperonnes pasgeboren eiwitmoleculen helpen, en als het misgaat, hoe een ketentje andere moleculen ze dan naar een onzichtbaar klein fabriekje trekt waarbinnen ze worden fijngemalen, enzovoort, alles duizenden malen per seconde – en hoe meer ik lees over blinde haat tussen die prachtige mensen, des te meer, ja, wat, des te meer zou ik ze willen toeschreeuwen dat ze zich vreselijk vergissen. Maar ja, een klein gedicht voor vrede in een klein vredelievend land, wat helpt het, denk ik dan. En dan weer: als er maar één enkele persoon haatloos door wordt gemaakt, dan kan ik wat mij betreft rustig dood.

Doodgaan is immers hier in Trinity Terrace, Fort Worth, waar Tineke en ik al vijf jaar wonen, de belangrijkste bezigheid. Hoe luchtledig zijn dan ook, vanuit ons einde gezien, de gevoelens van wraak die alle behoefte aan menslievendheid en pogingen tot begrip overschreeuwen. En hoe vreselijk wordt de doodstraf hier in Texas nog vaak genoten. En zelfs oorlog; de naam chickenhawk is uitgevonden om iemand te beschrijven die zo nodig oorlog moet, maar nooit in een oorlog gediend heeft. Gelukkig hebben we hier toch heel wat liberalere vrienden. Maar ik verlang naar Carter terug.

    • Leo Vroman