Hirsi Ali 1

Ayaan Hirsi Ali heeft met haar artikelen en uitspraken over islam, integratie en vrouwenemancipatie niet alleen het publiek debat over dit thema sterk gestimuleerd, maar ook de interne discussie binnen de Wiardi Beckman Stichting tot grote hoogte opgevoerd. Haar vrijheid van publicatie is daarbij, uiteraard, nooit in het geding geweest. Ook heeft ze zonder belemmering een onderzoek naar de positie van moslimvrouwen in Nederland kunnen voorbereiden. Het onderzoeksvoorstel is door de WBS met enthousiasme geaccepteerd en zal, ondanks de bedreigingen aan haar adres, door haar worden uitgevoerd.

Een `plan voor een speciaal op moslimmeisjes gerichte voorlichtingsinstelling', waarover Paul Steenhuis in NRC Handelsblad van 5 oktober schrijft, is in WBS-verband nooit besproken – laat staan dat het bij ons vanwege ,,taboe(s) in PvdA-kringen [...] maar niet van de grond komt.'' Onjuist is ook Steenhuis' bewering dat ik `als haar baas' stukken uit een krantenartikel in Trouw zou hebben geschrapt. In Trouw van 23 maart schreef Hirsi Ali een kritisch artikel over de opstelling van Job Cohen en Roger van Boxtel jegens de georganiseerde moslimgemeenschap in ons land. Een week later publiceerde de redactie van het desbetreffende Trouw-katern, tegen haar wil en tot ons beider verontwaardiging, gedeelten uit een eerdere, voorlopige versie van dit artikel. De ongefundeerde beschuldiging van de redactie dat ik het stuk had `gecensureerd', neemt Steenhuis klakkeloos over.

    • Paul Kalma