Drugs

Bij het diner georganiseerd ter kennismaking tussen de buurtbewoners en de bewoners van het nieuwe hostel voor dak- en thuislozen, zit mijn dochter van zeven naast Hendrik. Hij is een ,,super-dakloze'', vertelt hij. Nadat hij als soldaat in Bosnië heeft gediend, is er ,,iets misgegaan''. Vanaf 1995 leeft hij op straat. Hij slaapt altijd buiten. Hendrik vertelt ook dat hij verslaafd is.

,,Aan wie ben je verslaafd'', vraagt mijn dochter.

Hendrik legt uit dat hij niet verslaafd is aan iemand, maar aan iets: aan wit poeder, een beetje zoals koffiemelkpoeder.

Dat begrijpt mijn dochter niet. Mijn vrouw legt uit dat Hendrik verslaafd is aan drugs. ,,Oh, dat is mijn vader ook'', roept mijn dochter uit. ,,Aan sigaretten, maar binnen mag hij niet roken.''