Volleybal in Nederland is na zestien jaar terug bij af

Het Nederlands volleybalteam werd gisteren al in een vroeg stadium uitgeschakeld op het WK. De toekomst ziet er somber uit.

In de Argentijnse stad Santa Fe, ver verwijderd van volk en vaderland, is een tijdperk ten einde gekomen. De nationale mannenvolleybalploeg werd daar in de tweede ronde van het wereldkampioenschap uitgeschakeld en plaatste zich voor het eerst in zestien jaar niet bij de laatste acht. Dat roemruchte tijden zijn vervlogen, wisten we al, maar in Santa Fe voltrok zich definitief het demasqué van een gouden ploeg.

Gisteren werd het door toenmalig bondscoach Arie Selinger in 1986 geïntroduceerde Bankrasmodel ten grave gedragen. De aftakeling was al begonnen in 1996 nadat sterspeler Ron Zwerver en in zijn kielzog de midspelers Henk-Jan Held en Jan Posthuma afscheid namen als international. Met de gouden medaille tijdens de Olympische Spelen in Atlanta was hun doel bereikt. De Europese titel van 1997 en de vijfde plaats bij de Olympische Spelen van 2000 in Sydney waren de laatste stuiptrekkingen van een generatie, die nog in stand werd gehouden door het aanblijven van Peter Blangé en Bas van de Goor.

Met het afscheid van die twee na `Sydney' werd de navelstreng met het Bankrasmodel doorgeknipt. De generatie internationals na Zwerver en de zijnen is weliswaar minder talentvol, maar het ontbrak hen ook aan de harde opleiding om het hoge internationale niveau vast te kunnen houden. Er is in Nederland altijd veel kritiek geweest op het Bankrasmodel, maar vast staat dat het besluit van toen om de internationals uit de competitie te halen en dagelijks in de Amstelveense Bankrashal harde trainingsarbeid te laten verrichten de basis van de successen is geweest.

Nadeel van die on-Nederlandse aanpak was dat brede steun ontbrak. Clubs hebben zich vanaf het begin tegen het Bankrasmodel verzet, omdat zij hun beste spelers kwijtraakten. Zij stelden het clubbelang boven de het nationale belang. Aan die op zich acceptabele houding ontbrak echter de visie én intentie om het clubniveau op te krikken. Zij namen de nationale ploeg nimmer als voorbeeld van eigen beleid. Het niveau van de nationale competitie is als gevolg daarvan al jaren dalende. Nederlandse clubs spelen geen enkele rol van betekenis in Europa-Cuptoernooien, zodat de internationals die niet in een sterke buitenlandse competitie speelden steeds verder van de wereldtop verwijderd raakten.

Van het huidige basisteam spelen spelverdeler Nico Freriks en de midspelers Sander Olsthoorn en Joppe Paulides niet in het buitenland. Het is geen toeval dat zij bij het WK in Argentinië de zwakke schakels waren. De internationaal meer gelouterde spelers als Guido Görtzen, Reinder Nummerdor en Richard Schuil konden dat klasseverschil onmogelijk compenseren.

De toekomst van het Nederlands volleybal is allerminst rooskleurig. Een plaats bij de beste tien landen ter wereld lijkt voorlopig niet meer weggelegd voor Nederland, omdat naast het talent ook het geld onbreekt. De nationale ploeg speelt al twee jaar zonder hoofdsponsor en wordt door een armlastige Stichting Topvolleybal Nederland (TVN) moeizaam in leven gehouden. De directie van TVN was dit jaar al gedwongen te bezuinigen op de opleidingsteams en heeft reeds aangekondigd dat bij ontbreken van een hoofdsponsor volgend seizoen de A-ploegen aan de beurt zijn. Dat is niet het klimaat waarin topvolleybal kan gedijen, laat staan het verloren gegane terrein kan worden herwonnen.

Voor de Nederlandse Volleybalbond (NeVoBo) is het moment aangebroken om een toekomstvisie voor de nationale teams te ontwikkelen. Als van bondswege nog steeds een plaats in de wereldtop wordt verlangd, zal het beleid daarop moeten worden aangepast. Dan zal een plan moeten worden ontwikkeld waarin duidelijk wordt gemaakt hoe die doelstelling gerealiseerd kan worden. Voor handhaving van intenties moet worden gebroken met de cultuur van amateurisme in Nederland.

Om te beginnen zal er geld gevonden moeten worden om het faillissement van TVN te voorkomen. Als dat lukt, zal gezocht moeten worden naar een nieuwe Arie Selinger, die de Nederlandse talenten moet scholen in een modern Bankrasmodel. Want alleen die aanpak garandeert op termijn succes. Alle alternatieven zijn nutteloos gebleken.

De NeVoBo kan ook kiezen voor handhaving van beleid. Volkomen legitiem, maar in het verlengde daarvan ligt opgesloten dat het nationale team voorgoed afscheid heeft genomen van de wereldtop.

    • Henk Stouwdam