Prins Claus

Bij leven was prins Claus van Amsberg, de echtgenoot van koningin Beatrix, erkend en miskend tegelijk. Hij vond erkenning als echtgenoot, vader en prins-gemaal. Zijn persoonlijke integriteit nam midden jaren zestig, na zijn intrede in de koninklijke familie, alle aanvankelijke bezwaren van het anti-Duits bevooroordeelde Nederland in hoog tempo weg. Aan het Huis van Oranje voegde hij in de loop der jaren een informele, moderne, maatschappijbewuste component toe. Zijn kinderen kregen in hem een vader die hun het leven zo gewoon mogelijk wist te maken, veel met hen optrok en hun zeer nabij stond. Recentelijk is hij voor zijn Argentijnse schoondochter een vanzelfsprekende steun geweest bij haar eerste kennismaking met de soms weerbarstige Nederlandse samenleving. Daar had hij zelf ruime ervaring mee. In Claus kreeg Nederland een bescheiden, ingetogen en fijnzinnige ex-diplomaat als prins-gemaal, een opvallend contrast met de flamboyante Bernhard.

De jonge Claus von Amsberg ging in 1965 het avontuur met de kroonprinses van Oranje aan in de naderhand door hem als `naïef' gekenschetste gedachte dat hij zijn diplomatieke loopbaan gewoon zou kunnen voortzetten. Maar dan voor het Koninkrijk der Nederlanden. Al snel moet hem duidelijk geworden zijn dat zijn rol in Nederland politiek onzichtbaar diende te zijn en dat zelfs de rol van semi-ambtelijk adviseur onder de regels van de ministeriële verantwoordelijkheid al controversieel kon worden. Van Claus is dan ook de opvatting bekend dat de grootste aanhangers van de monarchie niet noodzakelijkerwijs binnen het Huis van Oranje gevonden moesten worden. Of hij daarmee op zichzelf doelde, is niet bekend, maar onwaarschijnlijk lijkt het niet.

Op verschillende momenten in zijn leven leek prins Claus een zichtbaar slachtoffer van de soms krampachtige verhoudingen die een constitutionele monarchie oplegt aan het staatshoofd, diens partner en familie. Als vrijzinnig denkende intellectueel, deskundig in en begaan met ontwikkelingswerk, werd hem aanvankelijk ontplooiing geboden en daarna weer ontzegd als voorzitter van de Nationale Commissie Ontwikkelingsstrategie. Hij mocht, als echtgenoot van de kroonprinses en later de koningin, in het openbaar geen mening van betekenis naar buiten brengen. Zijn rol was beperkt tot die van adviseur van het staatshoofd en vader van zijn kinderen. Deelnemen aan het maatschappelijke verkeer kon hij alleen achter de schermen. In het openbaar was hij veroordeeld tot vriendelijke, onkritische woorden. Slechts éénmaal doorbrak hij het protocol – hij deed in 1998 openlijk afstand van de stropdas, met de tekst `voel de vrijheid van een open hals'. Menigeen veronderstelde dat hiermee op meer werd gedoeld dan alleen op het kledingvoorschrift.

Zijn fysieke achteruitgang verdiepte het mededogen en schuldgevoel dat al jaren in het publieke domein jegens zijn persoon domineerde. Claus werd niet alleen alom gerespecteerd en gewaardeerd, hij werd geliefd. Hebben de staatkundige verhoudingen in Nederland deze man van vele kwaliteiten recht gedaan? Het is moeilijk een eenduidig antwoord te geven, maar de twijfel overheerst.

Al eerder is op deze plaats de beperkte maatschappelijke rol en grote verantwoordelijkheid van de partners van het staatshoofd in onze monarchie als schier onmenselijk gekenschetst. Bij de dood van een zo waardevol lid van het koninklijk huis dringt zich onwillekeurig de vraag op naar de redelijkheid van de beperkingen die de leden ervan worden opgelegd in het kader van de rol die zij moeten spelen. Ook binnen het streven naar de continuïteit van de monarchie, zoals de meerderheid in dit land wenst, zou meer aandacht aan de kwestie van de vrijheid van ontplooiing en daarmee van het individu gegeven kunnen worden. Dat Claus zich in zijn constitutioneel beperkte rol wist te schikken is een grote persoonlijke prestatie geweest, die hij tot het laatst toe heeft volgehouden. Ook toen hij steeds ernstiger met zijn fragiele gezondheid worstelde. Aldus heeft hij de kracht van zijn liefde voor Beatrix, als echtgenote en als vorstin, en voor zijn nageslacht een leven lang gestalte gegeven. Bij zijn dood gedenkt Nederland een geliefd man die door zijn volharding in een gewone manier van doen de uitzonderlijkheid van het koningshuis heeft helpen bewaren.