Voorwoord Prodi in boek euroscepticus

Romano Prodi, de voorzitter van de Europese Commissie, heeft zijn naam geleend voor een boek tegen het Verdrag van Nice. Het boek speelt een rol bij de Ierse campagne voor het (tweede) referendum over het Verdrag van Nice dat op zaterdag 19 oktober wordt gehouden.

Het boek is van de meest extreme euroscepticus in het Europees Parlement, de Deen Jens-Peter Bonde. Hij schrijft dat de Europese Unie eerst met nieuwe lidstaten moet uitbreiden alvorens te onderhandelen over onderwerpen die in het Verdrag van Nice staan.

Het verdrag van Nice is van groot belang om het proces van uitbreiding van de EU met landen in Midden- en Oost-Europa alsmede Cyprus en Malta volgens plan te laten verlopen. Daarvoor moet het door alle vijftien huidige EU-landen worden goedgekeurd. Ierland is het enige land dat het verdarg nog niet heeft geratificeerd. De tijd dringt, omdat de Europese regeringsleiders zich hebben voorgenomen uiterlijk op hun top medio december in Kopenhagen te beslissen welke nieuwe landen vanaf 2004 kunnen toetreden tot de EU.

Bonde ondersteunt in Ierland zeer actief de campagne tegen het Verdrag van Nice. Prodi heeft het boek van Bonde van een voorwoord voorzien waarin hij pleit voor een discussie over de redenen waarom de Europeanen samenwerken en over de vraag wat zij samen willen bereiken.

Bonde, die ooit als communist in Oost-Duitsland zijn anti-EU-standpunten doceerde, wist Prodi vorig voorjaar tot het schrijven van de inleiding over te halen. Kort daarop (in juni) wezen de Ieren het Verdrag van Nice per referendum af. De toenmalige Ierse regering besloot toen dat het verdrag in de loop van dit jaar opnieuw aan de bevolking zou worden voorgelegd.

Prodi baarde vorig jaar na het eerste referendum opzien door in een interview te verklaren dat het Verdrag van Nice juridisch voor de uitbreiding niet vereist was. In Nice werden de EU-regeringsleiders het na vier dagen onderhandelen eens over de toekomstige omvang van de Europese Commissie, de verdeling van de macht in de Raad van Ministers en de zetelverdeling in het Europees Parlement na uitbreiding tot 27 lidstaten.