Verstopt recht

,,Wij praten liever over voorraden dan over achterstanden.'' Dat zei de coördinator van de vreemdelingenkamers bij de rechtbanken onlangs over de overstelpende werklast. Een elegante relativering, die echter weinig oplost. Sterker nog, de ellende blijft niet beperkt tot de vreemdelingenrechtspraak. Het gehele justitiële apparaat dreigt kopje onder te gaan.

Drugszaken zijn de grote vervuiler, zoals de scheidende president van de Amsterdamse rechtbank, mr. Gisolf, heeft gewaarschuwd. Evenzeer is duidelijk dat Nederland niet eenzijdig een eind kan maken aan de eigentijdse variant van de Drooglegging, zoals de scheidende magistraat het graag noemt. Dat neemt niet weg dat de verstopping waarvoor de `bolletjesprop' nu zorgt, had kunnen worden voorkomen of op zijn minst beperkt wanneer parlement en regering met meer nuchterheid hadden gereageerd toen de publicitaire bom vorig jaar barstte.

Interessanter dan de (eigenlijk al beantwoorde) vraag of de vorige minister van Justitie, Korthals, niet wat al te gemakzuchtig is omgesprongen met dit dossier, is of de nieuwe minister Donner daaruit lering trekt. De eerste tekenen zijn niet onverdeeld geruststellend. Donner gaat bolletjesslikkers terugsturen, maar zou het liefst de strijd tegen drugs intensiveren. Hij wil in het algemeen méér uit de politie halen. Dat is een geheid recept voor nieuwe verstoppingen in de justitiële keten. Verdere stroomlijning van procedures is dan aantrekkelijk. Meer alleenzittende rechters bijvoorbeeld, of meer afdoening van zaken met een schikking, waaraan geen rechter te pas hoeft te komen. De kwaliteit van het `justitieel product' komt daarmee wel onder druk te staan en daarmee het vertrouwen in de rechtspraak.

De nieuwe minister ziet het recht en de rechtspleging als slechts ,,een instrument'' van het overheidsbeleid, zo liet hij weten in zijn beleidsvoornemens. Aan de kritische functie van de rechtspleging tilt hij niet zo zwaar. De burger is gewaarschuwd. Donner vindt het ook tijd voor ,,een ander verhaal'' dan steeds maar die nadruk op preventie van criminaliteit, zei hij tegen het huisorgaan Justitie Magazine.

De begrotingstoelichting spreekt zich uit voor een ,,Rotterdamse aanpak'' waarbij innovatieve en verreikende maatregelen niet zullen worden geschuwd. Anders dan het wellicht lijkt, is dit niet nieuw. Eind jaren tachtig, begin jaren negentig hamerde de politiek ook al op resultaten, zonder al te veel lastige vragen te stellen over de manier waarop deze worden bereikt. Dat werd bekend als het zogeheten `scoren'. Het liep zo uit de hand dat er een parlementaire enquête-Van Traa aan te pas moest komen om justitie en politie weer een beetje op het rechte spoor te brengen. Daar kunnen zij maar beter op blijven.