Maritieme filmkolos bij de Kuip

Eergisteren opende de Pathé de Kuip, de nieuwe megabioscoop bij het Feyenoord Stadion in Rotterdam. Het ontwerp is van Sjoerd Soeters, Nederlands feestelijkste architect.

De feestelijkste en mooiste bioscoop van Nederland is natuurlijk het Tuschinski Theater in Amsterdam. Deze orgie van art-deco vormen geeft de bezoeker al op de trappen van het gebouw het gevoel dat hij een andere, betere wereld betreedt.

Het Tuschinski Theater dateert al uit 1921, maar is nooit overtroffen. Ook de dure, luxe megabioscopen die de laatste jaren her en der in Nederland zijn verrezen, moeten in Tuschinski hun meerdere erkennen als het om feestelijkheid gaat. Weliswaar gaf bioscoopexploitant Pathé in de jaren negentig architecten van naam de opdracht om megaplexen te ontwerpen, maar de sfeer van bijvoorbeeld Koen van Velsens bioscoop uit 1996 op het Schouwburgplein in Rotterdam is eerder koelkastachtig steriel dan feestelijk. Frits van Dongens theater dat een paar jaar geleden bij de Arena in Amsterdam Zuid-Oost verscheen, heeft ontegenzeggelijk een feestelijke showtrap met knipperlichten, maar van buiten oogt het gebouw als een saaie doos waar heel goed verboden chemische wapens in opgeslagen zouden kunnen zijn.

Zakelijkheid en koelheid regeren de recente Nederlandse bioscooparchitectuur, kortom. De nieuwste, gisteren geopende megabioscoop bij het Feyenoordstadion in Rotterdam beloofde daar eindelijk verandering in te brengen. De architect, Sjoerd Soeters, had tenslotte al begin jaren negentig laten zien dat hij lak heeft aan de correcte Nederlandse architectuursmaak toen hij het Circus Zandvoort bouwde. Dit amusementspaleisje met gok- en spelletjeskasten gaf hij de vorm van een circustent met een druk, barok interieur in knallende kleuren. Grootste (en zeer geslaagde) grap van het exterieur was de rij kleurig betegelde kolossale vlaggen, een verwijzing naar de Zandvoortse strandcultuur.

Ook de nieuwe Pathé-bioscoop bij stadion De Kuip had dergelijke effecten goed kunnen gebruiken. Pathé De Kuip, met 14 bioscoopzalen en in totaal 2746 stoelen, ligt in een nu nog desolaat gebied langs een drukke uitvalsweg die, naar Pathé's verwachting, vooral door naar film verlangende Drechtstedenbewoners zal worden gebruikt. In de toekomst wordt het hele gebied bebouwd met horeca-gebouwen en winkels met als thema `sport en leisure'. In zo'n omgeving past een uitbundige, bonte vorm van roadside architecture.

Dit is de Pathé De Kuip voor een deel ook geworden: vanaf de uitvalsweg is het moeilijk om het gebouw over het hoofd te zien. De lange gevel langs de weg is bekleed met gifgroene stukken metalen golfplaat die schots en scheef zijn gemonteerd. Maar de andere lange gevel van het gebouw, die tegenover al gebouwde nieuwbouwwoningen ligt, is het volkomen tegendeel van bontheid geworden. Hier zijn de vele vluchttrappen geplaatst met als resultaat een doodse, rommelige, grijze gevel. Dat de trappen schuilgaan achter grote halfdoorzichtige metalen schermen, geeft een zekere eenheid, maar biedt de bewoners van de woningen er tegenover toch weinig troost.

De metalen schermen, die ook aan de gifgroene snelweggevel hangen, doen vaag denken aan de bollende zeilen van oude zeilschepen. Pathé De Kuip is dan ook de eerste Nederlandse bioscoop die een thema heeft gekregen. Rotterdam heeft een grote haven, de Maas is vlakbij en dus is het thema `varen' geworden. Het komt vooral tot uitdrukking in de in de lange, hoge hal die is gelegen tussen de twee dozen waarin de 14 zalen zijn ondergebracht. De kassa's hebben hier de vorm van gestileerde boeien gekregen. Terwijl de ene lichtgekleurde binnengevel met zijn rijen rechthoekige openingen met zonweringen een scheepsterminal moet voorstellen, lijkt de andere donkerpaarse gevel met zijn ronde lampen annex patrijspoorten op een oceaanstomer. Tussen beide binnengevels loopt en aantal al dan niet schuine luchtbruggen. Ernstige critici zouden hierin een verwijzing naar Piranesi's beroemde Carceri-prenten ofnaar de beroemde luchtbruggen van de Van Nellefabriek in Rotterdam kunnen zien, maar het zijn natuurlijk gewoon de loopplanken van de terminal naar de boot.

De zalen zelf bevatten geen enkele verwijzing naar schepen of varen. Met hun donkere wanden en rode stoelen wijken ze nauwelijks af van de zalen uit de Pathé Arena in Amsterdam. Alleen is de afstand tussen de stoelen met 1 meter 35 een 25 centimeter groter dan in Amsterdam, zodat het nóg gerieflijker zitten is dan in de toch al comfortabele Pathé Arena.

Vergeleken met zijn eveneens gethematiseerde Circus Zandvoort is Soeters Pathé De Kuip een terughoudend gebouw geworden. Ondanks de maritieme verwijzingen is het gebouw jammer genoeg geen radicale breuk met de traditionele zakelijke Nederlandse bioscooparchitectuur geworden. Pathé De Kuip is onmiskenbaar een Soeters, maar wel een Soeters met de handrem erop. Zo blijft Tuschinski de feestelijkste bioscoop van Nederland.

    • Bernard Hulsman