Een Bossche Bol met een zwembandje

In Den Bosch degusteert Joep Habets het lokaal culinair erfgoed en ontdekt de snijdbare slagroom.

Mijn liefste wil van geen verschil weten tussen een moorkop en een Bossche Bol. Nou ja, niemand is perfect. Wij Brabanders weten beter. Een moorkop is opgetuigd met een toefje slagroom en bekroond met een stukje ananas. Een Bossche Bol, of chocoladebol zoals we hem liever noemen, heeft dat soort onzin niet nodig. De Bossche Bol stelt het zonder versiering. Wel is hij op het grondvlak na geheel in het chocoladeglazuur gedoopt en een moorkop slechts voor tweederde.

Is het geen erg voor de hand liggende gedachte een Bossche Bol te gaan eten in Den Bosch? Ja, maar dat is nog geen reden het niet te doen. Het is gemakkelijk, wie met de trein reist en een half uurtje over heeft kan op het Stationsplein al een Bossche Bol genieten. Beter is het de lekkernij bij de bron te verschalken nog geen honderd meter verderop in de Stationsstraat bij de lunchroom annex banketbakkerij Jan de Groot, de befaamde Bossche-Bollenbakker. Wie nog een half uurtje kan missen loopt een paar honderd meter verder en eet bij Den Otter een tweede Bossche Bol.

Rond de Bossche Bol hangt een web van waarheid en verdichting. Zo claimt Jan de Groot op zijn website dat vader De Groot de Bossche Bol heeft uitgevonden, dat moet na 1936 zijn geweest. Duiken we in de wetenschappelijke Bossche-Bollenliteratuur dan blijkt dat de creatie al uit het begin van de vorige eeuw stamt, aanvankelijk gevuld met gele room en na de Tweede Wereldoorlog met slagroom. Menigmaal valt te lezen dat de Bossche Bol in pure chocolade wordt gedoopt. In werkelijkheid is het in met cacao en cacaoboter verrijkt glazuur. Ook wordt wel beweerd dat een Bossche Bol dik maakt. Dat is kwaadsprekerij, in feite telt de Bossche Bol minder calorieën dan enig ander taartje.

Den Otters taarten en taartjes zijn modieuzer dan die van De Groot, maar wat zijn publiek aangaat is het net andersom. Bij Jan de Groot oogt het gebak klassiek. De taartjes vertonen rijkelijk slagroom en sommige zijn voorzien van een rand van marsepein. In de vitrine liggen oude getrouwen als mergpijpjes, appelcarrés, appelbollen, eierkoeken en gevulde koeken met drie amandelen versierd. Er is ook Brabants worstenbrood. Dat mag niet ongeproefd blijven. Het is gevuld met kruidig gehakt, maar de korst is slap alsof het broodje is opgewarmd in de magnetron. Dat zal toch niet waar zijn, want dat is een doodzonde voor een banketbakker.

Als Bossche Bollen van de menselijke soort waren, dan is de bol van De Groot een strakke jonge meid en die van Den Otter een huisvader met een zwembandje. De Groots bol, met een kop thee (3,10 euro) is hoogglanzend. Het exemplaar van Den Otter, met een kop thee en een speculaasje (euro 3,25) is matbruin. De chocoladesmaak van de Bossche Bol blijft bij Den Otter wat royaler en pregnanter in de mond hangen. De slagroom van Den Otter lijkt me wat minder zoet en is wat slapper van structuur dan die van De Groot. De bol van de Groot is gevuld met snijdbare slagroom. Hij is daardoor heel ordelijk te consumeren en is zelfs uit de hand te eten.

Het is verleidelijk een doos Bossche Bollen mee naar huis te nemen als zo'n moorkopeter dat maar naar waarde wist te schatten.

Jan de Groot, Stationsweg 24

Den Bosch, 073-6133830,

www.bosschebollen.nl

Den Otter, Visstraat 44 Den Bosch , 073-6143333, www.bosschebol.nl

    • Joep Habets