Een beschavingsoffensief voor de sport

`Sportiviteit & Respect' heet de campagne waarmee vier sportbonden de strijd tegen normvervaging aanbinden. Niet alleen óp, maar vooral ook rondom de velden. ,,Wangedrag moet bespreekbaar zijn.''

Fronsende wenkbrauwen ontmoette Marijke Fleuren de afgelopen maanden toen de adjunct-directeur van de Nederlandse hockeybond (KNHB) collega-sportbestuurders informeerde over het op handen zijnde `beschavingsoffensief' van haar organisatie. ,,`Dat jullie dat nodig hebben', was een van de meest gehoorde opmerkingen. Vanuit de gedachte: in die keurige hockeywereld gebeurt nooit iets.''

Maar dat standpunt berust op een misverstand, weet Fleuren. ,,Hoewel het de spuigaten nog niet uitloopt, ontvangen wij de laatste jaren steeds meer en steeds vaker signalen waarvan wij zeggen: zo wil niemand het. Ook in het hockey is sprake van normvervaging, zowel binnen als buiten de lijnen. Daar weigeren wij de ogen voor te sluiten.''

Om die reden besloot de hockeybond twee jaar geleden de aanzet te geven tot een campagne die vorige maand officieel van start ging onder de vlag van NOC*NSF: `Sportiviteit & Respect'. Niet alleen de in sommige gevallen forse toename van het aantal gele en rode kaarten was aanleiding voor wat initiatiefneemster Fleuren ,,een tegenoffensief'' noemt. ,,Het gaat óók om verontwaardigde ouders die op hoge poten stukken schrijven in clubkrantjes waarvan de honden geen brood lusten.''

Sport is emotie, erkent Fleuren. ,,Maar het is te makkelijk om op basis daarvan allerlei misdragingen onder het tapijt weg te moffelen, zo van: moet kunnen. Zodra het ene jeugdteam het andere staat op te wachten of een ouder in bijzijn van kinderen verbaal over de schreef gaat tegen een begeleider, dan wordt het tijd om mensen aan te sporen tot zelfreflectie en een dialoog op gang te brengen. Wij willen wangedrag, in wat voor vorm dan ook, bespreekbaar maken. Dat doen wij liever dan botweg sancties opleggen.''

Van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ontving de KNHB een subsidie (100.000 euro) ter ondersteuning van het project. Zelf investeert de bond 150.000 euro in de drie jaar durende campagne, waarbij elke doelgroep bij toerbeurt wordt aangesproken. Drie bonden (basketbal, handbal en korfbal) ondersteunen het initiatief en starten binnenkort in eigen kring een soortgelijke actie.

Hoewel een maand geleden vertegenwoordigd bij de presentatie op Papendal doet 's lands grootste sportorganisatie, de Nederlandse voetbalbond, niet mee aan de landelijke campagne. ,,Niet omdat wij er niet in geloven, maar omdat wij momenteel zelf tal van projecten hebben lopen die alle zijn gericht op fair play'', zegt woordvoerder Rob de Leede. Als voorbeelden noemt hij onder meer de enkele jaren geleden gestarte actie `Fluit geweld terug!' en de huidige proef met clubwaarnemers. ,,Die helpen amateurclubs waar het in het verleden fout is gegaan bij het terugbrengen van het fatsoen.''

Datzelfde staat de KNHB voor ogen en onder het mom `Laten we hockey gezellig houden' heeft de bond een keur aan promotiemateriaal laten vervaardigen: van posters en bierviltjes met teksten ('Die schreeuwende meneer langs de zijlijn. Is dat jouw vader?') tot een website www.zwartekaart.nl. Want ook interactief hoopt de bond de bewustwording te stimuleren, waarbij de zwarte kaart geldt als `het symbool van onsportief gedrag op of rondom de velden'.

Van betutteling is volgens de bond geen sprake. Fleuren: ,,Integendeel, het zijn prikkelende teksten met een sarcastisch ondertoontje, waar wij bewust voor gekozen hebben. Net zo goed dat wij afgezien hebben van de beladen term `normen en waarden'. Die kreet roept namelijk irritatie op, zowel bij diegenen die zich niet aangesproken hoeven te voelen als bij diegenen voor wie dat wel geldt. De eerste groep denkt: wat zeuren ze nou, terwijl het bij de tweede agressie opwekt.''

Socioloog Lex Veldboer van de Erasmus Universiteit doet momenteel in opdracht van de gemeente Rotterdam onderzoek naar de achtergronden van de verruwing in de lokale sport in het algemeen en het amateurvoetbal in het bijzonder. Hij juicht het KNHB/NOC*NSF-initiatief toe, maar meent dat ,,sommige teksten toch een beetje het oude moralistische stempel'' dragen. ,,Maar goed, ze doen wat en dat is al heel wat.''

,,Een sterk punt'' daarentegen noemt Veldboer het door de bond samengestelde handboek, dat naar alle clubs is gestuurd. ,,Daarin wordt aan de hand van een aantal praktijkvoorbeelden geschetst hoe je deëscalerend te werk kan gaan zodra de gemoederen oververhit dreigen te raken. Dat is een uiterst effectief want preventief middel dat navolging verdient.'' Om de campagne te laten slagen, heeft de bond alle verenigingen bovendien gevraagd een `clubambassadeur' aan te stellen: iemand die toeziet op het uitdragen van de boodschap.

De campagne valt samen met de oproep van het kabinet voor `het herstel van waarden en normen'. Fleuren spreekt van ,,puur toeval en eigenlijk ook weer niet, want dat waar de samenleving nu tegenaan loopt, is bij veel sportclubs al jaren zichtbaar''.

Maar heeft een sportbond wel een opvoedkundige taak? Fleuren: ,,Niet in de zin dat wij willen bepalen hoe onze leden zich dienen te gedragen, wel als het gaat om het aanreiken van hulpmiddelen om wangedrag in de kiem te smoren.''