Nog geen paniek over oplopen tekort

Het feitelijk tekort op de begroting is twee keer zo groot als het geplande tekort voor eind dit jaar. Er is vooralsnog geen reden voor paniek, zegt Financiën. Maar: `We volgen het op de voet.'

Paniek? Geen paniek. Geruststellende woorden van het ministerie van Financiën nadat gisteren bleek dat het feitelijk tekort tot en met augustus dit jaar het dubbele bedroeg van een maand ervoor. In plaats van een zogenoemd EMU-saldo van -0,5 procent van het bruto binnenlands product – dat volgens het Centraal Planbureau aan het eind van het jaar in de boeken moet staan – bedroeg het jaargemiddelde tot en met augustus reeds -1,0 procent van het bruto binnenlands product (bbp).

,,We volgen het op de voet, maar het is niet zo dat we iedere maand de begroting aan gaan passen als we een nieuwe realisatie binnen hebben'', aldus een woordvoerder van het ministerie. Dat klopt. Maar voor minister Hoogervorst (Financiën) die maandag met zijn Europese collega's vergadert over de begrotingstekorten in de Europese Unie (EU), is het oplopen van het tekort geen steun in de rug.

De plotselinge verdere verslechtering van het saldo (in totaal 0,5 procent, ofwel 2,3 miljard euro) wordt volgens Financiën veroorzaakt door tegenvallende belastinginkomsten (0,3 procent) en het eerder dan gepland doen van uitgaven, met name op het terrein van Verkeer en Waterstaat (0,2 procent). Die laatste post is in ieder geval eenmalig, en zal dus niet `doortellen' in het uiteindelijke saldo. Maar de tegenvallende belastinginkomsten hebben wellicht een structureel karakter. Gezien de afnemende winsten van bedrijven, brengt de winstbelasting minder op dan in voorgaande jaren. De inning van de winstbelasting neemt nogal wat tijd in beslag, zodat de economische dip lang naijlt aan de inkomstenkant van de begroting. Tel daarbij op de constatering van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat de groei de eerste twee kwartalen van dit jaar nul bedraagt en een verdere verslechtering van het saldo lijkt op zijn zachtst gezegd waarschijnlijk.

Daar komt bij dat de cijfers die Financiën iedere maand op haar site publiceert, zogenoemde twaalf-maandsgemiddelden zijn, ze tonen het gemiddelde tekort van de laatste twaalf maanden. Het gisteren gepubliceerde cijfer heeft betrekking op de periode september 2001 tot augustus 2002. De huidige daling zal naar verwachting nog verder doorzetten, omdat de relatief goede resultaten van vorig jaar (waar overschotten van 1,5 procent werden geboekt) langzaam verdwijnen uit de nieuwe twaalf-maandsgemiddelden. De slechte scores van begin 2002 komen daarvoor in de plaats.

De twaalf-maandsgemiddelden mogen dan niet de katalysator zijn van direct ingrijpen in de begroting, ze zijn wel een goede indicator van het uiteindelijke resultaat in een jaar. Ter vergelijking: Het laatste gemiddelde in 2001 (gemeten over het hele jaar dus) bedroeg volgens de gemiddelden van Financiën toen 0,3 procent, een miniem overschot dus. In de uiteindelijke realisatie (die inmiddels door het CBS is bevestigd, werd dat saldo nog iets neerwaarts bijgesteld naar uiteindelijk 0,1 procent van het bbp.

De Financiën-woordvoerder licht toe: ,,Pas als alle cijfers van dit jaar binnen zijn en we die geanalyseerd hebben, weten we welk deel van de tegenvallers incidenteel en structureel zijn.'' De geruststellende woorden van Financiën mogen dan formeel terecht zijn, de verwachtingen zijn minder rooskleurig. Zeker gezien de doelstellingen die het kabinet zich ten aanzien van 2003 en verder heeft gesteld (een overschot van 0,6 procent in 2006). Het aflossen van de staatsschuld staat nog steeds hoog op de wensenlijstjes van de coalitiepartners, maar dat kan alleen maar als er een overschot op de begroting is.

Of en hoe de huidige slechte resultaten doortellen in volgende jaren is lastig te voorspellen, hoewel met enige zekerheid gesteld kan worden dat de groei in de laatste twee kwartalen van dit jaar wel erg fors moet aantrekken om op het verwachte EMU-saldo van -0,5 uit te komen.

Financiën komt pas `in beweging' als het Centraal Planbureau (CPB) begin volgend jaar met nieuwe ramingen voor de stand van 's lands economie komt, ten behoeve van de Voorjaarsnota. In april vinden dan de traditionele onderhandelingen tussen Financiën en de andere departementen plaats over extra (of minder) geld. Tot die tijd blijft de begroting gewoon zoals die is vastgesteld op prinsjesdag, tegenvallers of niet. Paniek? Geen paniek, althans, nog niet.