Bagdads laatste vriend

Scott Ritter was de Amerikaanse wapeninspecteur die in augustus 1998 plotseling ontslag nam uit de VN-ontwapeningscommissie UNSCOM. Hij was gefrustreerd door het ondiplomatieke gedrag van zijn chef Richard Butler en de slappe knieën van Kofi Anan en president Clinton. Bij zijn afscheid onthulde hij dat de UNSCOM-teams vol CIA-spionnen zaten, precies zoals Saddam Hussein had beweerd. Zijn grieven bracht hij samen in het boek Endgame, kennelijk geschreven met hulp van een ghostwriter.

Ritter is nog steeds gefrustreerd, nu door het plan van de regering Bush om Saddam Hussein aan te vallen. Maar hij kan nog steeds geen coherent betoog op papier krijgen, daarom heeft hij zich deze keer laten interviewen door de activist William Rivers Pitt, die de rol van aangever kreeg. Zo kon Ritter de huidige situatie in hapklare cowboytermen samenvatten.

In het kort komt de analyse van Ritter (oud-marinier en -inlichtingenman) erop neer dat Irak geen noemenswaardige hoeveelheden massavernietigingswapens meer heeft en dus geen bedreiging meer vormt voor zijn directe buren, laat staan voor de VS. Die hebben er geen enkel belang bij om het zittende regime af te zetten, want een volwaardige democratie zou betekenen dat de sjiieten aan de macht zouden komen, een feilloos recept voor burgeroorlog. Ook staat volgens hem vast dat de Iraakse sjiieten het op een akkoordje zouden gooien met de sjiieten van Iran, wat de helft van de olieproductie in het Midden-Oosten onder moslimfundamentalistisch beheer zou brengen.

Gezaghebbender zijn waarschijnlijk Ritters conclusies over de aanwezigheid van masavernietigingswapens in Irak. Ritter gelooft dat het UNSCOM-onderzoek en de wapenvernietiging een groot succes zijn geweest. Er kunnen nauwelijks bruikbare chemische en biologische wapens over zijn, denkt hij, en nucleaire wapens zijn er nooit geweest. Als de Irakezen doorwerken aan uraniumverrijking zou dat worden opgemerkt door de verhoogde gammastraling, denkt Ritter. En uit luchtmonsters valt op te maken of er gewerkt wordt aan chemische wapens.

Helaas is Ritters analyse ingehaald door de Britse inlichtingendiensten die nu juist wel sterke aanwijzingen zeggen te hebben dat Irak inderdaad doorwerkt aan massavernietigingsgwapens. Fabrieken zijn herbouwd, onderdelen worden besteld in het buitenland. Als Ritter beweert dat je het heus wel zou merken als Irak zwaardere raketmotoren ontwikkelde, dan staat daar de constatering van Britse zijde tegenover dat ook werkelijk nieuwe installaties voor het testen van zwaardere raketten zijn gesignaleerd. Als Ritter beweert dat de voorraden zenuwgas die Irak mogelijk nog bezat bij het vertrek van UNSCOM inmiddels onbruikbaar zijn omdat Irak dat zenuwgas niet `stabiliseerde', staan er recentere verklaringen tegenover dat Irak wel degelijk zulke stabilisatoren bijmengde. We stellen vast: Ritters sop is uitgewerkt.

Scott Ritter: War on Iraq. What team Bush doesn't want you to know.

Profile Books, 96 blz. €13,52

    • Karel Knip