Waterstof 2

Het gebruik van waterstof als brandstof in auto's (via een brandstofcel) heeft als grootste bezwaar dat het zeer onveilig is. Zowel bij de distributie via pijpleidingen als bij het rijden met een van een waterstoftank voorziene auto is het met de veilgheid slecht gesteld. Bij graafwerkzaamheden kan een pijpleiding, en bij een botsing in het verkeer kan de waterstoftank beschadigd raken – in beide gevallen zullen slachtoffers vallen.

Wat betreft het energie-aspect het volgende: in een brandstofcel wordt waterstof met zuurstof gecombineerd, hetgeen water en elektriciteit oplevert. Mooi, dan zijn wij eindelijk af van de koolwaterstoffen. Maar hoe komen wij nu aan waterstof? Waterstof kan op verschillende manieren gemaakt worden. Met behulp van elektriciteit kan waterstof uit water gemaakt worden (elektrolyse). Bekeken moet worden hoe de benodigde elektriciteit wordt opgewekt.

Wil men de inzet van fossiele brandstoffen vermijden, dan komen alleen hydro-elektrische of geothermische centrales in aanmerking (helaas zeer beperkt beschikbaar) en in de toekomst, wanneer kernfusie beschikbaar komt, kernfusiecentrales waarin een ongelimiteerde hoeveelheid elektriciteit opgewekt kan worden. Momenteel is de bereiding uit methaan (aardgas) de meest praktische manier om waterstof te maken.

Hiermee zijn wij weer terug bij de koolwaterstoffen, zij het dan dat de keten: aardgas/waterstof/elektriciteit/voortbewegingsenergie toch altijd nog schoner is dan de keten: aardolie/benzine/voortbewegingsenergie. Bij toepassing van elektrolyse met behulp van elektriciteit, opgewekt in een aardgas-gestookte centrale, is de keten: aardgas/elektriciteit/waterstof/elektriciteit/voortbewegingsenergie. Men zou zowaar op het idee komen om auto's op aardgas te laten rijden en waterstof maar te vergeten.

    • Bernard G. Taverne