`Israël breekt af, wij bouwen weer op'

Israël heeft Arafats hoofdkwartier in Ramallah letterlijk in een puinhoop veranderd. Het heeft zijn positie versterkt.

Vanaf de straat kijk je nu recht in het hart van de Muqata, Yasser Arafats hoofdkwartier in de Palestijnse stad Ramallah dat een paar weken geleden nog veel had van een grote ommuurde kazerne. Weliswaar waren in de loop van de huidige intifada al tal van gebouwen van het complex volkomen verwoest door Israëlische beschietingen, maar na de Israëlische belegering-annex-slooppartij van vorige maand is behalve het gebouw waar Arafat verschanst zat en wat ruïnes, alleen nog een massa onherkenbaar puin over.

Een grote Palestijnse vlag ligt over de zandzakken bij de toegang tot Arafats kantoor gespreid en geeft aan dat dit de ambtswoning is van de Palestijnse leider. Arafat beschikt nu alleen nog maar over de zuidelijke vleugel van dat ene gebouw, waar hij zelf met zijn gevolg woont en officiële gasten ontvangt. De Palestijnen hebben er meteen een grap aan gewijd: toen Arafat zondag weer vrij was, en het V-teken maakte, dacht men dat dit de V voor Victory (overwinning) was. Maar in werkelijkheid maakte hij met zijn vingers duidelijk dat hij nu nog maar twee kamers heeft in zijn hoofdkwartier.

Drie gebouwen ertegenover staan ook nog overeind, zij het met weggeslagen buitenmuren. Na de bulldozers van het Israëlische leger werken nu de Palestijnen op hun beurt met bulldozers in de Muqata. Zij zijn begonnen met de meest dringende reparaties aan wat nog te redden is. Volgens het Palestijnse ministerie van Openbare Werken is bij de belegering voor ongeveer 15 miljoen euro schade aangericht.

Een Palestijns gezin dient zich aan bij de ingang van Arafats hoofdkwartier. Ze vragen de agenten van diens persoonlijke lijfwacht Eenheid 17 of ze Arafat kunnen begroeten. Zij zijn lang niet de enigen die Arafat na de tien dagen durende Israëlische bezetting weer als hun nationale symbool en de onbetwiste leider op handen dragen. De onder de Palestijnen levende bezwaren tegen zijn bewind zijn even vergeten. Een paar uur eerder trokken duizenden aanhangers in een solidariteitsbetoging met Palestijnse vlaggen en foto's van Arafat van het centrum van Ramallah tot bij de Muqata. Arafat kwam hun op straat tegemoet, ongehinderd door de Israëlische tanks die nu voor de poort van het complex staan.

Het beleg kwam als reactie op een zelfmoordaanslag in Tel Aviv, waarbij vijf doden vielen. Verklaard doel was Arafat in ballingschap te drijven en de uitlevering van tientallen gezochte Palestijnen af te dwingen. Amerikaanse druk heeft er een einde aan gemaakt.

,,Arafat zit net zoals wij gevangen in Ramallah'', vertelt Kamal Damra, een student. Hij komt zijn oom spreken, Mahmoud Damra, een van Arafats adviseurs. Ook zijn vader was tijdens het tien dagen durende beleg in het hoofdkwartier. ,,Hij telefoneerde ons hoe moeilijk het was. Ze hebben al die tijd geen oog dichtgedaan, en er was gebrek aan water, elektriciteit en voedsel.''

Binnen in het hoofdkwartier is het donker. Alle ramen zijn met zandzakken en met stenen gevulde olievaten afgeschermd. Maar het was niet Arafats eerste beleg. Hij ziet er vermoeid uit, maar hij ontvangt al meteen officiële delegaties. Er liggen talrijke verwoeste limousines tussen het puin, maar er staan al opnieuw evenveel glimmende diplomatenauto's met chauffeur voor de deur. Arafat telt nog altijd mee, al is het zowat zijn enige manier van triomferen.

Sinds Israël zich uit de Muqata heeft teruggetrokken is ook het uitgaansverbod in Ramallah overdag opgeheven. De mensen gaan winkelen en betogen. Amjad werkt als adviseur vooral aan infrastructuur-projecten voor de Wereldbank en andere donors. ,,Wat er overblijft van deze gebouwen, geeft precies de visie van de Israëlische premier Ariel Sharon weer: bommen en tanks. Hij kan zich alleen maar een gewelddadige oplossing voorstellen. Maar wat je hier ziet, is al een eerste antwoord aan Sharon. Jullie breken af, maar wij bouwen alles weer op.''

Dit is volgens Amjad zeker niet het einde van Arafat of diens bestuur. ,,De mensen zijn kwaad om de corruptie'', zegt hij. ,,De mensen spuien veel kritiek op allerlei wantoestanden, maar vergis je niet: niemand kan ons dicteren wie wij als leiders moeten kiezen. We staan achter Arafat, en we eisen tegelijk ook het recht op om kritiek te hebben op onze gekozen leiders. De meeste mensen in Ramallah lijden erg onder de bezetting. Sommigen vinden dat de bezetters hiervoor een prijs moeten betalen, en ze willen gewelddadig verzet, maar de meerderheid beseft goed dat er geen militaire oplossing komt, en dat Sharon wil dat het Palestijnse bestuur niet meer kan functioneren. Daarom staan ze nu juist als één man achter Arafat'', zegt Amjad. En Ahmed, directeur van een basisschool: ,,Hij heeft nu eindelijk begrepen wat wij van hem verwachten.''

In de servicetaxi richting Jeruzalem is het onderwerp van gesprek het uitgaansverbod, en de dagelijkse ellende die dat met zich meebrengt. Heeft iemand misschien iets opgevangen over de toestand voor morgen? De Israëlische beslissingen worden meestal 's avonds via de lokale tv-zenders meegedeeld. Neen, voor morgen is nog niets bekend. Het is zes uur en de straten liggen er nu weer volkomen verlaten bij. De Israëlische tanks nemen rond dit uur de stad opnieuw over.