Pensioenpijn kwelt economie

Wie betaalt de rekening nu de pensioengaten vallen? Gevraagd: 23 miljard euro. De pensioenlobby versus de pensioenwaakhond.

Nieuwe ronde, nieuwe kansen.

Een half jaar geleden kon de pensioenlobby van werkgevers en werknemers staatssecretaris Hoogervorst (Sociale Zaken) niet op andere gedachten brengen. Hoogervorst hield vast aan het uitgangspunt dat een pensioenfonds genoeg vermogen moet hebben om aan zijn toezeggingen te voldoen.

Zekerheid is een essentie van het Nederlandse pensioenstelsel: als een werkgever bankroet gaat, verliezen werknemers hun baan, maar niet hun pensioenrechten. Vandaar de norm: elk pensioenfonds moet minimaal 100 procent dekking hebben.

Nu eenderde van de bijna duizend pensioenfondsen een zorgelijke financiële positie heeft, en enkele tientallen fondsen zelfs een tekort, gaat de discussie opnieuw spelen. Met een nieuwe staatssecretaris, VVD'er M. Rutte.

Bij een stand van de Amsterdamse beursgraadmeter AEX van 300 punten, zoals gisteren, moeten de pensioenfondsen in een jaar een tekort van 23 miljard euro wegwerken. Kan de economie dat trekken?

Voorzitter D. Witteveen van de toezichthoudende Pensioen- en Verzekeringskamer verwees afgelopen week naar becijferingen van het Centraal Planbureau voor de Macro-Economische Verkenning, de prognoses waarop het kabinetsbeleid is gebaseerd. Het zit al in de cijfers waarmee het kabinet rekent, zei Witteveen.

Dat wil zeggen: het kabinet rekent met een verhoging van de pensioenpremies die voortvloeit uit de beleggingsverliezen die samenhangen met een AEX-stand van 400. Dat kwam toen neer op een koersdaling van 20 procent; inmiddels staat de graadmeter 40 procent onder de uitgangssituatie van 500. Doordat pensioenfondsen eind juni 46 procent van hun vermogen in aandelen hadden belegd, zijn hun reserves weggesmolten.

In de prijsstijging van het pensioen zitten overigens nog niet de hogere bedragen die vooral het midden- en kleinbedrijf kwijt is met collectieve pensioencontracten bij verzekeraars. Deze premiebedragen zijn al geëxplodeerd: in 2001 met 50 procent naar 4,1 miljard euro. Witteveen liet zich wijselijk niet uit over de vraag hoe de 23 miljard euro betaald moet worden. Hogere pensioenpremies bijten in de loonruimte. Extra loon wordt meteen besteed aan hogere pensioenpremies.

Om even de gedachten te bepalen: dit jaar betalen werkgevers en wernemers samen zo'n 13 miljard euro aan premies aan de pensioenfondsen. Het kabinet biedt dezelfde partijen 500 miljoen euro lastenverlichting als zij akkoord gaan met loonmatiging. Het bedrag van 23 miljard wordt overigens 90 procent minder als de AEX eind dit jaar op 400 punten staat.

Gezien de bedragen die nu over tafel gaan laat de pensioenlobby luid en duidelijk weten dat tijdelijke onderdekking bij een pensioenfonds wél een optie is en wat langer mag duren dan de twaalf maanden die de PVK accepteert. Onderhandelaar H. van der Kolk van de FNV heeft dat al naar voren gebracht.

Onder de pensioenfondsen die voor grote(re) ondernemingen werken bestaat grote twijfel of het bedrijfsleven wil en kan betalen. Nu de economie stagneert, zijn rappe verhogingen van pensioenkosten uit den boze.

,,Ik zou het niet verkeerd vinden als wij over drie maanden opnieuw met de Pensioen- en Verzekeringskamer rond de tafel gaan zitten'', zegt voorzitter H. Thoman van de overkoepelende stichting van ondernemingspensioenfondsen. ,,Dan kunnen wij horen hoe de pensioenfondsen hun positie willen verbeteren. En of de termijn die zij daarvoor hebben niet moet worden verlengd. Dan zou de PVK de consequenties van zijn beleid opnieuw moeten overwegen.''

Maar acceptatie van tijdelijke onderdekking kan ook vervelend uitpakken op de arbeidsmarkt. Door de (dreigende) financiële tekorten bij honderden pensioenfondsen wordt het moeilijker voor werknemers om hun opgebouwde pensioenrechten mee te nemen naar een volgende baas. Het tekort van een pensioenfonds wordt groter als werknemers vertrekken; zij hebben recht op 100 procent van hun pensioenrechten.

Bovendien worden bedrijven met een tekort in hun pensioenfonds ook zelf gehinderd. Reorganisaties die onontkoombaar kunnen zijn om de winstgevendheid op peil te houden worden duurder doordat werknemers – naast een sociaal plan – ook aanvulling van hun pensioenrechten tot ten minste honderd procent zullen eisen.

    • Menno Tamminga