Een bolletje kan heel raar rollen in de politiek

De bolletjesslikkers houden politie en justitie in hun greep, zo waarschuwde scheidend rechter Gisolf vorige week nog. Hoe heeft het zover kunnen komen?

In de jaren negentig ging alle aandacht uit naar extra cellen, zei toenmalig minister Korthals van Justitie vorig jaar november in de Tweede kamer. Dat daar meer personeel bij hoort, werd over het hoofd gezien. Toenemende werkdruk had onder het gevangenispersoneel inmiddels tot groot ziekteverzuim en demotivatie geleid. Met als gevolg dat vorig najaar jeugdgevangenissen afdelingen moesten sluiten en vrouwelijke gedetineerden vroegtijdig naar huis werden gestuurd. ,,De grenzen van de loyaliteit en inzet van het gevangenispersoneel zijn in zicht, zo niet bereikt'', verzuchtte Korthals in de Tweede Kamer. Eind dat jaar moest justitie in 2 maanden tijd 135 gevangenen vervroegd vrijlaten als gevolg van cellentekort. Het probleem van de bolletjesslikkers op Schiphol moest zich toen nog in volle omvang aandienen.

Begin januari stond politiek Den Haag op zijn achterste benen toen douanepersoneel op Schiphol uit de school klapte over de daar gegroeide praktijk om betrapte drugskoeriers na aanhouding werden weg gestuurd. Wie met minder dan een kilo werd betrapt, bleek de dans te ontspringen. Justitie in Haarlem had (en heeft) te weinig personeel en te weinig cellen om de toestroom aan drugskoeriers te verwerken. Uit een maand eerder geschreven brief van hoofdofficier H. Wooldrik van justitie bleek dat het formeel beleid is om het aantal aanhoudingen op Schiphol gelijke tred te houden met de beschikbare cellen. Buitenlandse drugskoeriers met minder dan een kilo 'op zak' konden wat Wooldrik betreft na aanhouding worden heengezonden.

Op 12 januari presenteerde toenmalig minister-president W. Kok een 'plan van aanpak' om de toestroom aan drugskoeriers te stoppen. Elke aangehouden drugskoerier zou in het vervolg opgesloten en berecht worden, was het uitgangspunt. Het kabinet sprak harde taal aan het adres van de Antilliaanse regering om haar grenscontrole aanzienlijk te verscherpen. Begin februari loodste Korthals noodwetten door de Tweede kamer die het mogelijk maakt om bolletjesslikkers in aparte gevangenissen op te sluiten. Met die noodwetten is het ook mogelijk om meerdere arrestanten (tot maximaal vier) op één cel te plaatsen. Een maand later gaat ook de Eerste Kamer schoorvoetend akkoord met de 'bolletjeswet'. D66 stemde tegen, de PvdA verdeeld. Voor de bewaking van opgepakte bolletjesslikkers had Justitie inmiddels particulier bewakingspersoneel uit Groot-Brittannië ingehuurd.

Het recordaantal drugskoeriers dat inmiddels was aangehouden, dreigde justitie in Haarlem volledig te verstoppen, zo bleek eind maart. In de twee maanden daaraan voorafgaand, werden 457 drugskoeriers op Schiphol gearresteerd, waaronder 128 bolletjesslikkers. De noodcellen zaten toen al goeddeels vol, het tekort aan benodigde capaciteit aan rechters en officieren van justitie in Haarlem groeide verder. De rechtbank in Haarlem zag zich genoodzaakt om zitting te houden in een sportzaal van de politie.

De stroom aan opgepakte bolletjesslikkers steeg verder, ondanks pogingen om ze al op de Antillen te weren, liet Korthals in juni aan de Tweede Kamer weten. Het aantal heenzendingen uit reguliere gevangenissen liep voor het eerst sinds jaren weer op, 1880 gedetineerden zijn heengezonden aldus Korthals. Hij stelde toen al voor om Nederlandse drugskoeriers met een dagvaarding heen te zenden, precies het voorstel van Wooldrik waarover zoveel ontzetting bij de Kamer was ontstaan. Op 3 juli opperde hij in overleg met de fractiespecialisten in de Tweede Kamer om buitenlandse drugskoeriers retour land van herkomst te sturen. Die stemden in.

In de vierde voortgangsrapportage over bolletjesslikkers liet de net aangetreden nieuwe minister van Justitie, Donner, weten dat het aantal aangehouden bolletjesslikkers nog steeds toenam. Hij nam de suggestie van zijn voorganger Korthals over om buitenlandse koeriers inderdaad aan de grens terug te sturen. Tegelijkertijd liep ook het reguliere cellentekort op. Meer dan 8000 gedetineerden, zo zijn de schattingen op het ministerie, ontlopen daardoor dit jaar voor kortere of langere tijd hun detentie. Vorig jaar waren dat er 446.