Euroland heeft groei en meer discipline nodig

Europese politici schieten tekort als het om financiële ingrepen gaat. Ze zijn zo een gevaar voor de euro, meent Melvyn Krauss.

De Europese Commissie is gezwicht voor politieke druk van grote lidstaten met hoge begrotingstekorten. Ze heeft de termijn waarbinnen de leden hun begroting in evenwicht moeten hebben (in 2004) nog met twee jaar verlengd. Ook heeft ze beloofd bij de beoordeling van de nationale begrotingen rekening te houden met de huidige economische malaise. Dit roept ernstige twijfel op aan de geloofwaardigheid van het zogeheten stabiliteitspact, bedoeld om greep te houden op de financieringstekorten, en van de Economische en Monetaire Unie (EMU) zelf.

Er wordt natuurlijk aangevoerd dat het onredelijk is de begroting in evenwicht te brengen of het begrotingstekort te beperken tijdens economische malaise. Maar als dezelfde politieke leiders die nu oproepen tot `herinterpretatie' en een grotere `flexibiliteit' hun werk hadden gedaan en Europa de structurele hervorming hadden gegeven die het nodig heeft om te groeien – zoals belastingverlagingen, deregulering, liberalisering van de arbeidsmarkt – dan was ons het huidige vermoeiende schouwspel van verbroken beloften en laffe terugkrabbelwoorden als `herinterpretatie' bespaard gebleven. Dan zou de economische groei de belastingopbrengst hebben opgeleverd die de lidstaten nodig hadden om te voldoen aan de verplichtingen van het stabiliteitspact.

De schroom tot hervorming is niet de enige factor die verantwoordelijk is voor de huidige fiscale crisis in Euroland. De politici hebben ook ernstige fouten gemaakt in het fiscaal beleid. De belangrijkste was om het begrotingstekort binnen de toegestane marge te verhogen toen het economisch goed ging, zodat het moeilijker werd om binnen de grens van het stabiliteitspact te blijven toen de economie en de belastingopbrengsten achteruitgingen. Het pro-cyclische fiscale beleid heeft niet alleen averechts gewerkt op de conjunctuur, maar is ook fnuikend geweest voor de Europese pogingen tot belastingdiscipline.

De slappe knieën van de Commissie inzake het stabiliteitspact zijn vooral verontrustend omdat een strenge en standvastige beperking van het begrotingstekort de onmisbare voorwaarde voor de EMU is. Zonder dat wordt de verleiding voor de lidstaten te groot om op de zak van hun partners te teren. Ze kunnen dan Keynesiaanse tekorten aan de vraagkant laten ontstaan in plaats van structurele hervormingen uit te voeren – waarmee de Europese Centrale Bank voor de keus wordt gesteld om ofwel de kosten van die tekorten af te wentelen op de medelidstaten door de rentetarieven te verhogen, ofwel domweg te aanvaarden dat de inflatoire druk in de hele eurozone de Europese monetaire unie zou veranderen in een motor voor inflatoire, benedengemiddelde groei. Dat is onaanvaardbaar, en daarvoor is de euro niet in het leven geroepen.

Niettemin zijn veel aanhangers van de euro juist omdát ze de nieuwe munt als een motor voor de Europese groei zien tegen het stabiliteitspact, want dat bemoeilijkt belastingverlagingen. Daar zit iets in. Op het ogenblik hebben de voorstanders van hoge belastingen onder de Europese politici te veel armslag om de belastingen te verhogen en belastingverlagingen in te trekken zodra een lidstaat in het rood belandt en door grens van het tekort heen gaat.

De oplossing is evenwel niet om afstand te nemen van het stabiliteitspact en zijn grenzen aan de begrotingstekorten, of het akkoord zodanig te herinterpreteren dat de probleemleden extra speling krijgen om aan de doelstellingen te voldoen. Dat zou de EMU kapotmaken en gelet op de hang naar hoge belastingen onder de EU-politici waarschijnlijk toch niet tot veel belastingverlaging leiden. Het is beter de vrijheid van de EU-politici te beperken en hen te dwingen om te doen wat het beste voor de economie is.

Een nieuw, hervormd stabiliteitspact, dat expliciet fiscale discipline paart aan economische groei, zou de EU meer invloed geven op het soort belastingmaatregelen dat de lidstaten zouden moeten nemen om te voorkomen dat de drie-procentsgrens voor het tekort wordt overschreden. Zo zou bijvoorbeeld kunnen worden verlangd dat de belastingen en bestedingen gelijktijdig worden verminderd als de drie-procentsgrens wordt genaderd. Daarmee zou het uitgangspunt van het stabiliteitspact eerder pro-groei dan anti-groei worden. Een combinatie van belastingverlaging en bezuinigingen op korte en middellange termijn verhoogt de economische groei, zo laat de nieuwe litteratuur zien. Dit waarborgt een verminderd financieringstekort, aangezien de groei tot hogere belastingopbrengsten leidt.

Het probleem in de EU is nu dat politici verzuimen voor een adequate groei te zorgen, en dat maakt het werk van de Europese Centrale Bank een stuk lastiger. Mocht deze onevenwichtigheid nog geruime tijd duren, dan zullen de EMU en de euro ernstig in gevaar worden gebracht. Aangezien de huidige EU-politici niet gevoelig lijken voor deze dynamiek, kan maar het beste zo spoedig mogelijk hun beleidsruimte worden beperkt.

Melvyn Krauss is verbonden aan het Hoover-instituut van de Stanford-universiteit.