De lease-auto als bezuinigingsmiddel

De tijd dat zo'n beetje elke werknemer een lease-auto kon uitkiezen en een laptop en een mobiele telefoon kreeg als hij bij een nieuwe werkgever begon, is voorbij. Met de verslechterende economie komen ook de arbeidsvoorwaarden in diverse sectoren onder druk te staan. In de industrie en bij de overheid is (nog) weinig veranderd. Maar reclamebureaus en drukkerijen bieden nieuwkomers beduidend minder dan voorheen.

Een maand geleden zag Peter van Oosten (33) in een advertentie zijn droombaan beschreven. `Groot IT-bedrijf zoekt topontwerper met pragmatische instelling, die ook een tikkeltje eigenwijs is', luidde de tekst. Dat is mij op het lijf geschreven, dacht Van Oosten en hij schreef snel een solllicitatiebrief. Hij was al een tijdje op zoek naar ander werk, na zes jaar was hij enigszins uitgekeken op zijn baan als grafisch ontwerper/manager in een kleine studio. En, even belangrijk, Van Oosten wilde betere arbeidsvoorwaarden. Hij was ontevreden over zijn (bruto)salaris van 3.500 euro voor een fulltime werkweek, vooral omdat zijn werkgever niet meebetaalt aan zijn pensioen en ziektekostenverzekering.

Van Oosten ging op sollicitatiegesprek en kwam zeer enthousiast terug: de baan was net zo veelbelovend als het had geklonken in de advertentie. Totdat het salarisbod kwam: 80 procent van zijn huidige salaris voor eenzelfde aantal (veertig) werkuren. Van Oosten: ,,Dat was voor mij natuurlijk onacceptabel. Zelfs het wervings- en selectiebureau dat als tussenpersoon optrad, deed er lacherig over.'' Toen op Van Oostens tegenvoorstel – voor het geboden salaris een dag minder werken – geen reactie kwam, was zijn enthousiasme over de `droombaan' definitief verdwenen.

Directeur marketing Jan-Willem de Lange van Appoint, bemiddelingsbureau voor personeel in de communicatiesector, is niet verbaasd over Van Oostens verhaal. Appoint werkt veel voor reclamebureaus, drukkerijen en omroepen en heeft gemerkt dat het daar voor de meeste personeelsleden een rat race is geworden, de afgelopen anderhalf jaar. Dat geldt voor IT-mensen en grafisch ontwerpers, maar ook voor verkoop- of marketingmedewerkers. ,,Veel mensen in de reclamewereld gaan zelfs terug in salaris als ze een nieuwe baan aannemen'', zegt De Lange. ,,Gemiddeld met 30 procent. De salarissen van starters op de arbeidsmarkt zijn het zwaarst getroffen. Een projectmanager internet op hbo-niveau met drie jaar werkervaring verdiende, toen het goed ging met de economie, al snel 4.000 tot 5.000 euro. Dat is nu nog 2.500 euro. Een beginnend ontwerper kreeg een paar jaar geleden 2.000 à 2.500 euro. Nu is dat 1.500, hooguit 2.000 euro en moet hij bovendien vaak genoegen nemen met minder prestigieuze ontwerpklussen.''

Bij kleine bedrijven in de communicatiesector is de achteruitgang in salaris volgens De Lange het grootste. In goede tijden konden salarissen hier, bij goede onderhandelingstactieken, hoger uitkomen dan bij de grotere bureaus. Grotere bureaus werken vaak met interne salarisrichtlijnen en konden het zich veroorloven minder te bieden omdat personeel mede afkwam op hun aanzien en prestige in de markt.

De secundaire arbeidsvoorwaarden in de communicatiesector zijn volgens Appoint ook verslechterd. ,,Overal worden dezelfde trucjes toegepast'', zegt De Lange. ,,Het is het bekende verhaal: nieuwe werknemers krijgen minder snel laptops en mobiele telefoons, voor zittend personeel wordt steeds vaker een eigen bijdrage ingevoerd voor de mobiele-telefoonkosten en er wordt minder snel toestemming gegeven voor het bijwonen van cursussen en congressen.''

Ook de lease-auto is een populair bezuinigingsmiddel: mensen die van baan veranderen, wordt dikwijls gevraagd in een lagere klasse auto te gaan rijden; De Lange kent zelfs een reclamebureau in de Randstad waar alle driehonderd zittende werknemers in een goedkopere auto moesten gaan rijden.

Managing director Luc Steenhorst van managementadviesorganisatie Berenschot: ,,Door de ontslagen van de afgelopen tijd in de profit-sector staan er vaak ongebruikte auto's in het bedrijfswagenpark, waarvoor de werkgever nog een contract heeft lopen. Nieuwe mensen moeten het in dat geval doen met de auto's die er nog staan.'' Volgens Steenhorst, beloningsadviseur voor onder meer De Nederlandsche Bank en PinkRoccade, komen werkgevers de laatste tijd met andere vragen. ,,Twee jaar geleden wilden ze nog dat ik onderzocht of hun arbeidsvoorwaarden competitief genoeg waren. Nu willen ze medewerkers nog steeds marktconform belonen, maar vragen ze me óók of ik mogelijkheden zie om de kosten iets terug te dringen.'' Snijden in pensioen- en ziektekostenvoorzieningen is taboe. Steenhorst: ,,Dat is echt een van de laatste dingen die sneuvelen''.

Een heel ander verhaal geeft Ton Hendriks, directeur van Ranger Consultancy, een bureau dat bemiddelt voor management- en commercieel-technische functies in de industriesector. Want volgens Hendriks, die onder meer Strukton, Philips, Stork en de Schiphol Group als klanten heeft, is in de industrie geen sprake van een verslechtering van de arbeidsvoorwaarden. De jaarlijkse collectieve loonsverhoging, die door veel bedrijven in de zakelijke dienstverlening dit jaar is uitgesteld, bedraagt hier keurig 5 procent en bij een nieuwe baan is een salarisverhoging van 7 à 8 procent gangbaar. Alleen de (vele) mensen die overstappen van de ICT-sector naar de industrie, de zogenoemde `horizontale overstappers', gaan er nogal eens op achteruit. Hendriks: ,,In de ICT werden overdadige salarissen betaald. Als een kandidaat daaraan vasthoudt, prijst hij zichzelf uit de markt.'' In de traditioneel ingestelde industriesector, zegt Hendriks, was tijdens de economische voorspoed geen sprake van exorbitante salarisverhogingen. Daar staat tegenover dat ,,nu het in de industrie over de hele linie minder goed gaat'' er niet minder wordt betaald. Medewerkers worden er volgens een vast patroon beloond; de arbeidsvoorwaarden worden, méér dan in de zakelijke dienstverlening, gereguleerd door CAO's. In de deelmarkten waar het momenteel erg goed gaat, zoals de energie- en railinfrasector, en gebrek aan personeel is, worden nog steeds ,,zelden extraatjes geboden''. Hendriks: ,,Soms is het al een probleem als iemand 200 euro per maand duurder is dan gangbaar. Wij geven wel eens aan hoe moeilijk het zal worden om een andere geschikte kandidaat te vinden, maar de meeste P&O-mensen in de industrie zijn principieel: van het salarisgebouw wijken ze niet af, onder meer omdat ze geen precedentwerking willen.''

Ingenieur Frank Simon (36) heeft weinig gemerkt van terughoudendheid in het salarisaanbod van zijn toekomstige werkgever, staalconcern Corus. Over een paar weken gaat hij er werken als maintenance manager. Een soortgelijke functie bekleedde hij de afgelopen vijf jaar bij een andere hardmetaalfabrikant. Maar gezien de grotere verantwoordelijkheden in zijn nieuwe baan (chef van twintig in plaats van vijf mensen en beheer over een groter budget) zette hij in op een loonsverbetering van ruim 10 procent. Hij had zich al opgemaakt voor stevige onderhandelingen, maar kreeg direct een aanbod dat overeenkwam met zijn eisen. De helft van de verbetering zit 'm in een betere pensioenregeling en drie extra verlofdagen, de andere helft in een salarisverhoging. ,,Bij mijn huidige werkgever is het destijds bijna afgeketst op het salarisaanbod'', aldus een verbaasde Simon. ,,Bij Corus kan, geloof ik, boven een bepaald salarisniveau je inkomen deels worden afgestemd op je prestaties.'' Aan de typische statussymbolen van een `goede baan', zoals een auto en een mobiele telefoon, hecht hij niet. ,,Bij Corus krijg ik beide niet. Maar ik wil ook helemaal niet met de auto naar mijn werk, laat mij die acht kilometer maar lekker fietsen. En wat betreft die mobiele telefoon, die heb ik helemaal niet nodig. In mijn huidige functie ben ik een keer of tien 's nachts uit m'n bed gebeld en moest ik zelfs op vakantie in Zuid-Frankrijk de telefoon aanhouden. Bij Corus vangt een storingsdienst de telefoontjes op en dat lijkt me een veel rustiger oplossing.''

Wie op zoek is naar goede arbeidsvoorwaarden, is volgens Luc Steenhorst van Berenschot ook bij de overheid aan het juiste adres. ,,In de profit-sector is de tendens dat werkgevers zich in deze mindere economische tijden stringenter houden aan de opgestelde salarisregels. Bij de overheid zie je juist dat de trend doorzet om flexibeler om te gaan met die regels. Werknemers kunnen bijvoorbeeld iets sneller door de periodieken van het salarishuis heen gaan als ze goed presteren. En de overheid werkt steeds vaker met competentiebeloningen.'' Hij verwacht niet dat deze trend wezenlijk zal veranderen door de op prinsjesdag gepresenteerde bezuinigingsplannen.

Jan-Willem de Lange van Appoint is somberder over de toekomstperspectieven bij de overheid. ,,Het klopt dat de arbeidsvoorwaarden tot nog toe niet zijn verslechterd. Er wordt bijvoorbeeld ook inflatiecorrectie toegepast, wat in de reclame en bij de omroepen echt niet meer gebeurt. Maar er zitten nu enorme bezuinigingen aan te komen, bijvoorbeeld bij de ministeries. Qua salaris zal er niet veel verslechteren, de voorwaarden daarvoor liggen immers redelijk vast in de CAO. Maar van flexibeler beloning zal geen sprake zijn. De noodzaak daartoe ontbreekt ook: een paar jaar geleden wilde nog geen hond bij de overheid werken. Nu wordt zij overspoeld met sollicitatiebrieven van vooral beleids-, advies- en communicatiemensen die na een loopbaan in het bedrijfsleven – bijvoorbeeld bij KPN of KPNQwest – de veiligheid opzoeken van de overheid.''