De macht van ambtelijk apparaat

Ministers wíllen wel alles weten, maar zijn afhankelijk van het ambtelijk apparaat, zo bleek deze week. ,,U moet zich voorstellen, een minister heeft zoveel aan haar hoofd.'' Jorritsma en Korthals volgen maandag.

Als minister informatie nodig? Vraag het aan het ambtelijk apparaat. Maar onthoudt wel: een bewindsman is vaak kloon van de eigen ambtenaren. Voor kennis is de minister of staatsecretaris volledig afhankelijk van wat zijn ambtenaren weten – en vertellen.

,,Wat er in de krochten van grote instituten als mijn departement gebeurt, kan ik niet altijd weten'', verzuchtte voormalig minister Netelenbos van Verkeer en Waterstaat afgelopen week tijdens haar verhoor door de parlementaire enquêtecommissie bouwnijverheid. Voor die informatievoorziening was ze afhankelijk van de top van haar ambtelijk apparaat, secretaris-generaal R. Pans en zijn staf.

Maar ook voor de departementale topambtenaren geldt dat zij niet alles – kunnen – weten. Daarvoor zou de top moeten beschikken over alle mogelijke antennes die politiek-strategische details feilloos oppikken. Uit de verhoren van de afgelopen weken blijkt dat daaraan in de directe kring van Netelenbos het nodige heeft ontbroken. Zo werd de ex-minister donderdag in verlegenheid gebracht door een onderonsje dat ze had met de inmiddels in opspraak geraakte naamgever Henk Koop van het Groningse bouwbedrijf en zijn mede-directeur Veerman. De twee wilden wat met de minister bijpraten.

Van publiciteit over de schaduwboekhouding van Bos of bekendheid met omkooppraktijken van Koop was toen nog geen sprake. En de minister wist daarvan op dat moment niets, bezwoer ze de commissie. Koop was in haar ogen een bona fide ondernemer, die ook meegeweest was op een handelsreis. En voorafgaand aan dat onderonsje op het ministerie had haar directeur-generaal Netelenbos ook maar weinig wijzer gemaakt.

Maar Netelenbos had elders in haar apparaat wél voldoende geïnformeerd kunnen worden. Dat bleek al uit verhoor van haar secretaris-generaal, twee weken geleden. Die was al in 1999 op de hoogte van onderhandelingen tussen justitie en voormalig Koop-directeur Bos. Dat wist Pans van secretaris-generaal Harrie Borghouts van Justitie. ,,Harrie, ik weet dat jullie weinig mogen betalen aan tipgevers, maar misschien is dat er toch wel eentje waar je aandacht aan moet besteden'', had hij in 1999 Borghouts nog op het hart gedrukt. En haar directeur-generaal, Prins, wist ook van niets. Netelenbos en Prins hoorden een bizar verhaal aan over een ex-directeur die na een uit de hand gelopen arbeidsgeschil met compromitterende documenten liep te leuren.

Krap drie weken later, aan de vooravond van de publiciteit rond die schaduwboekhouding en de malversaties bij de bouw van de Schipholspoortunnel, wisten de minister en haar topambtenaar echter nog steeds van niets. Prins was inmiddels op de hoogte van geruchten over die schaduwboekhouding. Maar hij lichtte zijn minister maar half in. De vraag of het bouwbedrijf inderdaad betrokken was bij goed georganiseerde malversaties had hij nagetrokken bij Koop zelf. Die ontkende uiteraard.

Netelenbos werd ambtelijk ook nog eens op het verkeerde been gezet in onderhandelingen met de NS over het terugbetalen van subsidies voor bouw van de Schipholspoortunnel. Netelenbos wilde 50 miljoen gulden van de NS terug, terwijl het openbaar ministerie onderhandelde over boetes om strafrechtelijk onderzoek af te doen met een schikking in plaats van een strafzaak. Voor Justitie waren die dossiers een package deal, voor de drie aan de NS gelieerde bouwbedrijven KSS, Strukton en HBG ook.

Veroordeling impliceerde voor die drie het risico van uitsluiting van overheidsopdrachten. Maar wat Netelenbos betrof, was dat verband er helemaal niet. ,,Ik wil dat geld terug'', was haar enige doel, zo herinnerde ze deze week. Met de NS had ze uitdrukkelijk niet gesproken over de zwarte lijsten waar de bouwers zo angstig voor waren. Daar wist ze niets van.

Ten minste, totdat ze tijdens haar verhoor werd geconfronteerd met een door haar zelf ondertekende brief aan NS-directeur Huizinga van 13 november vorig jaar. Daarin schreef ze expliciet dat ze de drie bedrijven niet met sancties zou treffen. Een brief die achter haar rug om geschreven is, was haar verklaring. Opnieuw de schuld het ambtelijk apparaat, zo verklaart ze het zelf. Want als ze dat indertijd geweten had, ,,was de deal er in die vorm niet geweest.''

Minister Korthals van Justitie dreigt maandag tijdens zijn verhoor in eenzelfde parket verzeild te raken. Zijn secretaris-generaal Borghouts had al jaren weet van Bos' schaduw-dossier. Maar richting zijn minister had hij niet de lijn gelegd met het tegelijkertijd lopende onderhandelingsdossier over de Schiphol-schikking en de politieke gevoeligheid daarvan. Ook bij Justitie zou behendiger ambtelijk opereren de minister beter hebben behoed voor politiek zwaar weer. Ook een kwestie van oog voor het politiek-strategische detail.