Het Engelse publiek ziet alles

Acteur Jochem ten Haaf ontdekte in Londen hoe anders Engels toneel is. ,,In Nederland was ik doorlopend bezig op cabareteske wijze contact met het publiek te leggen.''

,,Dat rode haar gaat in mijn nadeel werken'', dacht acteur Jochum ten Haaf toen hij nog op de Toneelschool in Maastricht zat, ,,Wie wil er een Hamlet met rood haar?''

Nu, twee jaar later, is de 23-jarige Maastrichtenaar een gevierde ster in Londen, waar hij Vincent van Gogh speelt in het toneelstuk Vincent in Brixton. De recensies zijn juichend. Na een periode van vier maanden uitverkochte zalen heeft het toonaangevende Royal National Theatre het stuk overgeplaatst naar het grotere Wyndhams Theatre in de uitgaanswijk West End. Ten Haaf loste Madonna af (,,ja, ik heb haar de hand geschud; slap handje''), die daar korte tijd in de komedie Up for Grabs speelde.

Nog steeds is het stuk altijd uitverkocht, acht keer achthonderd man per week. Ten Haaf zou eigenlijk deze maand terugkeren naar Koos Terpstra's Noord Nederlands Toneel (NNT) in Groningen, waar hij vorig jaar onder meer in Othello en Arturo Ui speelde, maar voorlopig blijft hij overzee. De filmwereld lonkt naar hem, met aanbiedingen om in de nieuwe piratenfilm van Jerry Bruckheimer (Top Gun, Pearl Harbour) te spelen, of in een tv-serie met Leonardo DiCaprio als Alexander de Grote. Maar er zijn ook plannen om Vincent in Brixton over te plaatsen naar Broadway in New York.

Het toneelstuk, geschreven door Nicholas Wright, gaat over de twee jaren dat de jonge Van Gogh in Londen doorbracht, als jongste bediende bij een kunsthandel, en als leraar. In het stuk wordt Van Gogh verliefd op de dochter van zijn hospita, en later op de hospita zelf, gespeeld door Clare Higgins, die wordt getipt voor een Olivier Award.

,,Ten Haaf is so right for the part'', schreven de kranten. En inderdaad, als hij het podium oploopt is hij sprekend Van Gogh, met zijn wilde rode haardos, het rode baardje, het rode puisterige aardappelgezicht. Harkerig, het grote hoofd tussen de schouders, een wat onhandige, emotionele jongen, die zich puur en impulsief uitdrukt.

Na afloop van de voorstelling tref ik Ten Haaf in een zijsteeg die naar de artiesteningang leidt. Hij nodigt me uit om met de cast mee te gaan naar een peperdure, ongezellige club, waar in iedere wc twee bodyguards staan om het cokegebruik in de hand te houden. Eén van de actrices, Alice Patten, komt later omdat ze eerst heeft gedineerd met de zangeres Lulu. Volgens Ten Haaf is Patten `wereldberoemd in Hongkong' als een van de drie engelachtige dochters van de laatste gouverneur: ,,Iedere dag stonden The Patten Girls daar op de celebrity pagina.'' Ten Haaf vertelt ook nog dat hij een kwartier met Glenn Close heeft gepraat. Hierna volgt een onnavolgbare rij namen van filmregisseurs en acteurs die hij heeft ontmoet, of met wie hij zou willen werken.

Casting

Het interview vindt plaats de volgende middag in een pizzeria in de steeg naast het theater. Ten Haaf belt nog even met zijn moeder in Limburg en tracht zijn vermoeidheid te verdrijven met koffie en slices pizza.

Ten Haaf speelde vorig jaar alleen in Groningen, niet echt een stad waar de Britse theaterscouts op de eerste rij zitten. Hoe heeft regisseur Sir Richard Eyre (voormalig directeur van het RNT, hier vooral bekend als regisseur van de Murdoch-biopic Iris) hem gevonden? Ten Haaf: ,,Eyre heeft casting director Hans Kemna gevraagd om een Nederlandse Van Gogh voor hem te vinden. Kemna zag me in Groningen en heeft een auditie geregeld. Eyre en de anderen stonden meteen te juichen omdat ik zo op Van Gogh leek. Eyre zei die avond tegen zijn vrouw: `We hebben hem gevonden. God geve dat hij kan acteren'.''

Het stuk speelt zich af in een keuken, die gedetailleerd realistisch is vormgegeven. De keuken leek zo echt, dat in het laatste bedrijf een zich vergissende muis het podium overstak. Voor de liefhebbers zijn allerlei details uit Van Goghs schilderijen te vinden: stoel, tafel, bepaalde houdingen van de personages, een paar afgetrapte schoenen. Er wordt driftig gekookt, wat de Nederlandse kijker, die gewend is aan abstractere decors, nogal afleidt.

Ten Haaf: ,,Richard Eyre wilde in het eerste bedrijf één grote beweging van mensen die aan het koken zijn. Dat geeft Van Goghs eerste verwarrende indrukken van het huis goed weer. Alles moest precies kloppen, dat was zijn stokpaardje. Na een scène zei hij bijvoorbeeld: `Yes, yes, that's great... But what about the sprouts?' Hij haalde steeds Mrs. Beaton's Cookery Book erbij – een Victoriaans standaardwerk – om bijvoorbeeld op te zoeken hoe we op zijn 19de-eeuws moesten afgieten.

,,Dat kun je overdreven vinden, maar het Engelse publiek valt alles op. We hebben brieven gekregen als: `Er zat een geel stickertje onder het theekopje.' Of: `De baby van de dochter droeg een Pamper.' Dat was te zien door een spleetje in het bakerkleed. Als je het realistisch maakt, lok je dat soort kijkgedrag uit. Maar de Britten willen het nu eenmaal zo.''

Tachtig procent van de wereldbevolking weet bij het noemen van Van Goghs naam meteen op te sommen: zonnebloemen, gekte, oor eraf, schot in het korenveld. Hoe speel je zo'n overbekende historisch figuur? Ten Haaf: ,,Bij de première kreeg ik een geheimzinnig, Se7en-achtig pakketje dat was afgegeven aan de artiesteningang. Daarin zat een oor met heel veel bloed. Het was afkomstig van mijn ex-collega's van het NNT. Ik heb me eigenlijk niet zo erg in Van Gogh verdiept. Een bevriende kunsthistoricus die ik om raad vroeg, zei: `trap niet in de val dat je de romantisch gekwelde kunstenaar gaat uithangen'. Zo van: `mensen, ik word later gek!' Dit stuk gaat over Van Gogh vóór hij kunstenaar werd. Hij tekende soms, maar dat was gênant slecht. Je kunt niet spelen dat je een historische figuur bent. Ik speel gewoon een jongen van negentien jaar die in de grote stad Londen komt wonen.

,,Wat dat betreft spiegel ik me aan mijn rol. Ik ben ook jong, net aangekomen in Londen. Wat mijn uiterlijk betreft lijk ik op Van Gogh, en ik sta ongeveer op hetzelfde punt in mijn leven. Richard Eyre zei: `Deze rol past je als een handschoen. Dat komt misschien maar drie keer in je leven voor'.

,,Op zondag is iedereen hier met zijn familie, maar ik heb niemand. Dus maak ik – net als Van Gogh – eindeloze wandelingen. Lopen, lopen, lopen. En ik word daar gelukkig van. Het is ook een geweldig gevoel om in een der hoofdsteden van de wereld te wonen. Ik ben hier meer thuis dan in Amsterdam. Daar voel ik me toch altijd de jongen uit het zuiden. Ik ken hier wel wat mensen, maar die kennen alleen de Jochum van de afgelopen maanden, niet mijn geschiedenis. Als je zo op jezelf bent teruggeworpen, komt het moment dat je jezelf in de ogen moet kijken. Ik ben zo veranderd, ik ben hier reflectiever dan thuis. Mijn dagboek wordt steeds duisterder en grimmiger.''

Zwaar gelovig

Vincent In Brixton is een traditionele, zorgvuldig gemaakte, eenvoudige vertelling over een ongepolijste vreemde jongen die iets moois krijgt met een oudere vrouw, maar uiteindelijk staat zijn zwaar gelovige boerenafkomst tussen hen in. Anders dan in het Nederlandse theater gaat de aandacht niet uit naar het concept van de regisseur, maar naar de prestaties van de acteurs, die zo ingeleefd mogelijk spelen. Ten Haaf: ,,In het begin had ik mijn reserves. Ik dacht: mooie rol, maar het zou niet mijn voorstelling zijn. Al dat gepraat. Maar inmiddels ben ik er enorm trots op. Het theater lééft hier in Londen. Wat zo'n stuk dóet met de toeschouwers; iedere avond achthonderd huilende en lachende mensen. Kom er maar eens om in Nederland. Je kunt wel blijven mopperen dat Johnny Kraaijkamp wél uitverkocht is, en er bij Gerardjan Rijnders niemand komt kijken. Maar ik vind: als je je zaal niet vol krijgt, doe je toch iets verkeerd.''

Een van de geheimen van Ten Haafs succes is dat zijn Nederlandse speelstijl prettig schuurt langs de Britse stijl, waardoor Van Goghs vreemdelingschap ook in het acteren tot uitdrukking komt: ,,Met het Britse acteren had ik eerst wat moeite. Ik geloof alles wat ze doen, er zit geen cynische ondertoon of ironie achter. Maar ik vind ze zo ongevaarlijk. In Nederland, zeker bij Koos Terpstra's NNT, heerst de geest van Brecht. Nederlandse acteurs houden ervan wat cynisch naast hun rol te gaan staan, altijd ironiserend te laten merken dat ze doen alsof. Ikzelf heb ook die neiging, groot en krachtig spelen, uitpakken, veel voor de lach gaan. Bij het NNT ben je altijd medeverantwoordelijk voor de hele voorstelling, dus ben je meer bezig met een voorstelling maken dan met acteren.

,,Nu kan ik me voor het eerst volledig concentreren op het toneelspelen. En dat voelt bevrijdend. Richard Eyre liet me grotendeels mijn gang gaan, hij regisseert niet op details. Hij heeft drie keer wat gezegd, maar dat waren wel meteen de drie belangrijkste toneellessen die ik ooit kreeg. Hij zei: `Je moet geen commentaar geven op je rol. Je moet in je rol geloven.' Ook zei hij: `Je bent een charmante crowd pleaser, je wilt aardig gevonden worden. Dat hoort niet bij Van Gogh. Je glimlacht te veel.' De derde opmerking was: `Je bent je te veel bewust van je lichaam, je beweegt gracieus als een balletdanser.' Voor deze rol moet ik juist krukkig bewegen. Ook bleef hij er op hameren dat ik minder groot moest spelen: `Je moet minderen, doe maar bijna niets. Dat is mooi genoeg.' Zo ben ik langzaam dichter bij de Britse speelstijl gekomen.

,,Bij het NNT was ik doorlopend bezig op cabareteske wijze contact met het publiek te leggen. Alles de zaal in gooien: `jongens, jullie moeten er allemaal bijkomen! Dit is leuk, dit is belangrijk!' In dit stuk gebeurt dat niet. Het komt rustig op gang, vertrouwend op de kracht van het stuk laten we het gebeuren. Een mooi moment is als de hospita en Van Gogh elkaar hun liefde hebben bekend. Dat is spannend, iedereen denkt: wat gaan ze doen. Maar ik zeg slechts: `let's sit down'. En dan gaan we aan weerszijden van de grote tafel zitten. Ik doe niets en denk: nog even wachten, nog even. En dan pas zeg ik: 'And now we love each other.' Daarna krijg je in de zaal een enorme ontladende lach.''

Lomp

Voor Nederlanders geeft Vincent in Brixton een aardig inkijkje in hoe Engelsen over ons denken. Vincent is de lompe, directe Nederlander die zomaar alles zegt wat in hem opkomt, en daarmee zijn Britse omgeving charmeert maar ook in verlegenheid brengt. Overtreffende trap is zijn botte, vrome zuster Anna (gespeeld door de Britse Emma Handy), wier zware 'Allo 'Allo- accent een groot succes is bij het publiek. Aardig zijn verder de grappen over de Nederlandse zuinigheid (Vincent en zus nemen hun eigen bammetjes mee in de trein), vrijpostigheid (Vincents zus gaat ongevraagd het huis schrobben) en properheid (Vincent zegt tegen zijn zus dat de Engelsen nu eenmaal een beetje viezig zijn). Liep Ten Haaf ook aan tegen dit soort cultuurverschillen?

,,Van Gogh komt in dat huishouden en hij zegt meteen hardop hoe de relaties liggen. Dat snel analyseren doen Nederlanders inderdaad. En Nederlanders zijn inderdaad gewend om zich overal mee te bemoeien. Ik zelf ben niet tactloos, maar tijdens het repeteren zei ik wel vaak iets over de regie. Onder bepaalde scènes is bijvoorbeeld romantische pianomuziek gezet. Toen ik dat de eerste keer hoorde, ging ik bijna over mijn nek. Ik ben kwaad het podium af gelopen. Toen ik op weg naar huis tegen mijn mede-acteurs over die walgelijke muziek begon, waren ze volkomen onverschillig. `Dat is Richards werk', zeiden ze, `wij acteren, dat is ons werk.'

,,Waar ik wel eens moe van werd, waren de drie, vier stage-managers die bij de repetities zaten. Ze schreven precies op wat er werd veranderd in het script, en hoe de mise-en-scène eruitzag. Als ik de volgende dag niet precies op hetzelfde moment een flesje bier opentrok, kreeg ik dat te horen. Als een scène over moest, kwam een van die kerels het podium op om het flesje terug te zetten. `Kan ik dat niet zelf doen', riep ik dan, `dan kunnen we dóór.'

,,Iedere avond wordt een show report geschreven, zodat de regisseur in de gaten kan houden of we niets veranderen. Dat vind ik zo schools. Op een gegeven moment had ik een zin teruggezet die eerder was verwijderd. Van Gogh zegt tegen zijn zuster: ,,Well, they're not very clean, but you have to get used to that.'' Ik wilde die zin terughebben omdat dat het enige moment van verstandhouding is tussen broer en zus. Maar ik kreeg meteen een brief van Eyre: `als je een stuk tekst wil herinvoeren, moet je de schrijver of mij consulteren'. Ik heb ook al een keer op mijn kop gehad omdat ik voor de grap deed of ik een bierflesje niet open kreeg. En ik mag mijn baard niet meer te kort knippen. Te modern vindt Eyre dat. Maar ík moet er mee rondlopen.''

Wat gaat Ten Haaf hierna doen? ,,Vele opties staan open, maar daar word ik alleen maar zenuwachtig en somber van. In Nederland hoefde ik nooit zo na te denken over mijn toekomst. Er zijn plannen om dit stuk naar een groter theater in West End te brengen. Daar heb ik niet zo'n zin in. Ook wil de regisseur het stuk naar Hongkong of Broadway verplaatsten. Verder zijn er de filmplannen, alle nogal vrijblijvend. Het schijnt dat Amerikaanse producenten voor nieuwe films altijd eerst in Londen gaan winkelen, omdat de acteurs hier goedkoper zijn. Van de meeste aanbiedingen hoor je niets meer.''

,,Film maken klinkt geweldig, maar ik ben als de dood mijn autonomie te verliezen. Bij het NNT kon ik minstens één keer per jaar een eigen voorstelling maken, met zelf uitgekozen mensen. Hier kan ik nog wel één, twee jaar de vruchten plukken van dit succes. Maar daarna? Moet ik in een pub gaan werken en wachten tot er een rol voorbijkomt, zoals zoveel Britse acteurs?

,,Ik ben gevraagd om een kloon van Van Gogh te spelen in Tineke's Art; een serieuze film over een kloon met identiteitsproblemen op zoek naar zijn vader. Verder wil producent Harry de Winter volgend jaar een Van Gogh-musical maken. Maar ik twijfel, ik ben bang voor het Swiebertje-effect.

,,Richard Eyre zei tegen me: je zou een fantastische Hamlet zijn. Misschien moet ik gewoon naar hem toe stappen en zeggen: waarom maken we niet samen een Hamlet, bij het Royal National Theatre. Dat zou geweldig zijn. Alhoewel, een Nederlander die bij het National Theatre Hamlet speelt; dat pikken de Engelsen vast niet.''

`Vincent in Brixton' in het Wyndhams Theatre, Charing Cross Road (naast Leicester Square metrostation), Londen. Inl. (0044-20) 7369 1736.