TEGEN DE PAPIEREN

En weer zit er geen echte alfa bij de `toponderzoekers' die dit jaar van NWO een Spinoza-premie à 1,5 miljoen euro ontvangen. Na taalkundige Pieter Muysken (1998) heeft geen Nederlandse letterenfaculteit de vlag nog kunnen uitsteken. Vindt de jury dat alfa-onderzoek zo goedkoop is dat de zakken met geld elders beter op hun plaats zijn? Of lopen er doodeenvoudig te weinig kanjers rond in alfaland?

Ad Lagendijk, afgelopen woensdag een van de vier gelukkigen en een keiharde bèta, gaat een deel van de premie inzetten om van papieren rompslomp verlost te zijn. De fysicus, die maart dit jaar met zijn onderzoeksgroep de overstap maakte van Amsterdam naar Twente, met zijn `pesten van licht' internationaal aan de weg timmert en altijd goed is voor pittige uitspraken, ergert zich sinds jaar en dag groen en geel aan de massa's tijd die hij kwijt is aan het invullen van formulieren, het produceren van verslagen, het schrijven van onderzoeksvoorstellen en andere bureaucratie. Tijd die ten koste gaat van het echte werk: onderzoek. Daarom wil Lagendijk een medewerker aantrekken met als taak hem de gehate papierwinkel uit handen te nemen.

``Wij wetenschappers laten geen cocaïne door, wij maken geen prijsafspraken, kortom, wij zijn een zeldzaam soort ambtenaren'', zei Lagendijk woensdag inhet NWO-hoofdkwartier in Den Haag. ``Niettemin worden we continu van ons werkgehouden met verzoeken om onzinwerkzaamheden uit te voeren.''

Lagendijk wil de Spinoza-mederwerker in vaste dienst aanstellen en heeft al iemand op het oog. De ene helft van de werktijd mag hij eigen wetenschappelijk onderzoek doen, de andere helft zit hij opgezadeld met het papierwerk van Ad. ``Een nieuw apparaat kan ik ook wel via de reguliere kanalen krijgen'', aldus Lagendijk, ``maar voor zo'n anti-papiermedewerker of een batterij interessante gasten uit het buitenland is zo'n Spinoza-premie een uitkomst.