Spanning in het zwembad

Vechtpartijen, handtastelijkheden verwachtte Sheila Kamerman in de twee zwembaden die ze in Rotterdam en Amsterdam bezocht. Maar ze trof een haast idyllische rust. De strengere regels helpen, volgens de badmeesters. Behalve op hete zondagen.

Hanan (13), Whitney (13) en Salima (11) zitten landerig op `de steiger'. Zo noemen ze het grote betonnen blok aan de diepe kant van het Sportfondsenbad Rotterdam Noord. De steiger is net zo breed als het zwembad, steekt ongeveer twee meter boven het water uit en heeft aan drie kanten een metalen hek. Ze vervelen zich, zeggen de meisjes. Maar het wordt een hete dag en het kan niet lang meer duren voor `de jongens' komen. En dan wordt het lachen.

De drie Marokkaanse meisjes brengen hun zomervakantie door in het zwembad. Hanan en Whitney wonen in de buurt en komen er veel vrienden tegen. Salima komt met de metro uit de buitenwijk Ommoord.

Om tien uur 's ochtends, op een warme doordeweekse dag aan het eind van de zomervakantie, is het nog rustig. De vijf groene plastic tafeltjes met stoelen en parasols aan de ondiepe kant van het bad zijn als eerste bezet door stevig rokende, diepgebruinde, geblondeerde dames. Op het grasveld worden de eerste badlakens uitgespreid, koelboxen neergezet, tuinstoeltjes uitgeklapt en zwembanden opgeblazen.

Idyllisch, maar dat is het niet vanzelf. Onder de 150 miljoen mensen die jaarlijks de 1.300 zwembaden in Nederland bezoeken, zaten de afgelopen jaren steeds vaker relschoppers. Zwembaden kregen te maken met groepen jongeren die zich misdroegen: diefstallen pleegden, vechtpartijen uitlokten, meisjes en zwembadpersoneel lastigvielen. In enkele gevallen ging het zelfs om molestatie en verkrachting. Het Amsterdamse Slo-terparkbad ging vorig jaar dicht na aanhoudend vandalisme en geweld van een groep Marokkaanse jongeren.

De meeste zwembaden slaan terug. Vooral in zwembaden in de grote steden is het toezicht verscherpt, de beveiliging uitgebreid en er zijn camera's opgehangen. In Amsterdamse zwembaden is een zwarte lijst aangelegd. Bezoekers die zich misdragen, komen er niet meer in. In het Rotterdamse Sportfondsenbad is deëscaleren het sleutelwoord. ,,Als er ook maar iets gebeurt, zijn we er meteen bij'', zegt badmanager Jan Pott. Hij heeft altijd twee mensen bij het bad, op drukke dagen drie. Hete zondagen zijn potentiële probleemdagen, dan loopt hij zelf ook rond.

Het Sportfondsenbad is een stadszwembad. Aan het buitenbad, 44 bij 16 meter, grenst een zonneweide, een klein voetbalveldje en een pierebadje voor baby's en peuters. Het zwembad is geheel omsloten door een bomenrij met meteen daarachter de afbladderende balkons van de omringende huizenblokken. Het publiek verdeelt zich automatisch over het bad: moeders met kinderen gaan naar het pierebad, de jeugd gaat naar de steiger of het veldje daar vlak bij.

Hé, die Nederlander met die paarse zwembroek is er weer, zegt Whitney opgetogen.

,,Hij is supervervelend'', lacht Hanan.

Whitney: ,,Hij heeft me gisteren met mijn handdoek in het water getieft. Die krijgt hij nog terug.''

Díe Nederlander, waarover de Marokkaanse meisjes praten, is Michael van Agthoven (15). Met zijn broer Ricardo (14) en Frank de Zwaard (15) heersen ze over de steiger. De hele dag lang grijpen ze meisjes, die nonchalant tegen het hek geleund staan, bij hun middel en gooien hen in het water. En ze spatten ze nat als ze langs het zwembad lopen door zo dicht bij de rand een zo groot mogelijk bommetje te maken. Twee meisjes in korte rokjes en strakke truitjes spreiden hun handdoek te dicht bij het zwembad uit. Michael kijkt, neemt een aanloop, kantelt in de lucht achterover, pakt met beide handen zijn rechterknie en plonst in het bad. Het water spat hoog op. De meisjes kijken verschrikt opzij, pakken dan hun handdoeken en verplaatsen die verder het veld op. Michael kijkt hen triomfantelijk na.

Ook Michael, Frank en Ricardo komen elke dag naar het zwembad, de hele zomervakantie lang, weer of geen weer. De broers komen uit Crooswijk, Frank komt uit Ommoord, met zijn moeder en jongere broertje. De sfeer is gezellig en de mensen ook, zegt Michael. ,,We kennen eigenlijk iedereen.'' Problemen zijn er niet veel, zeggen ze. Althans geen grote. Af en toe een vechtpartijtje. Gisteren hadden ze ruzie met een groep `Marokkaantjes'. Die waren boos omdat een telefoontje van een van hen was natgeworden.

Bij problemen gaat het bijna altijd om de jeugd tussen de acht en de zestien jaar, zegt Pott. ,,Zowel autochtone als allochtone jongeren.'' Hoewel, er is een verschil: allochtonen die op hun gedrag worden aangesproken zijn altijd drie keer zo verontwaardigd. Vooral als het een vrouwelijke badmeester betreft. Maar die trekken zich daar niets van aan, zegt Pott. Hij is zeer gelukkig met `de steiger', die bij toeval is ontstaan toen er naast het zwembad een machinekamer moest worden gebouwd. ,,Eerst dachten we, wat moeten we ermee, maar nu blijkt het erg handig dat juist de jongens die je in de gaten wilt houden, voortdurend op een verhoging staan.''

STEVIG GESPREK

Twee maatregelen bleken uiterst effectief om wangedrag te voorkomen: Het zwembad vroeg sluiten. Pott: ,,Vroeger was dat half zeven, nu is het vijf uur. Juist in het laatste uur hadden we de meeste moeilijkheden.'' Daarnaast beschikt het zwembad sinds deze zomer over een camerasysteem bij de ingang. Pott: ,,Als er een mannetje vervelend is naar de dames toe, of er wordt wat gejat, dan hebben we alle koppies op video staan. Dat maakt aangifte makkelijker.'' Het werkt, zegt Pott. Deze zomer zijn er maar drie portemonnees en een paar slippers gestolen. Handtastelijke jongens werden na een `stevig gesprek' niet meer terug gezien.

De Nederlandse, Turkse en de Marokkaanse jeugd mengt nauwelijks. Ze hebben ieder hun eigen hoek op de steiger of lopen in een groepje langs het water. De meeste meisjes vinden het leuk om in het water te worden gegooid, dat weten ze zeker. Michael, Frank en Ricardo zitten even in het gras en gooien af en toe een stokje of kluitje aarde op de ruggen van twee zonnende meisjes. Als die opkijken, kijken de jongens snel de andere kant op. ,,Gisteren ben ik nog ingesmeerd door twee meiden'', zegt Frank trots.

Ze gooien het liefst Nederlandse meisjes in het water, zegt Michael. ,,En Kaap Verdiaanse'', zegt Ricardo.

,,Marokkaanse en Turkse meisjes hebben vaak veel kapsones'', zegt Frank. ,,Ze halen net zo makkelijk hun broers en neven erbij. Voor je het weet heb je een hele groep op je nek.''

FLEVOPARKBAD AMSTERDAM

De laatste rel in het Flevoparkbad in het Amsterdamse stadsdeel Zeeburg waar politie bij werd geroepen, was in 1998. Het begon met een vechtpartijtje tussen twee Marokkaanse jongens, waarna tientallen anderen zich ermee gingen bemoeien. Sindsdien zijn er geen grote problemen meer geweest. Op topdagen hebben we vierenhalfduizend man binnen, zegt zwembadmanager Rob Wever. ,,Natuurlijk gebeurt er dan wel eens wat. Als je maar genoeg mensen bij elkaar zet, heb je altijd wel een ruzie of een vechtpartijtje. Net als op een popfestival, een kickbokswedstrijd of een houseparty.''

Het Flevoparkbad is een groot zwembad, groter dan het Sportfondsenbad in Rotterdam. Er is een diep 50-meterbad, een ondiep bad en een kleuterbad, een grote ligweide en een speeldorp. Op warme dagen zit het er vol ouders met kinderen. De jongeren zitten rond het diepe bad. Vooral op de trappen langs de lange zijde van het 50-meterbad, zitten ze in groepjes bij elkaar. Ook hier Turken bij Turken, Marokkanen bij Marokkanen, Nederlanders bij Nederlanders en een groepje verdwaalde Duitse jongens van een nabijgelegen camping.

De regels zijn streng. Rond het diepe bad mag niet gegeten en gerookt worden, tassen en jassen mogen niet mee, kleding, behalve een bikini of zwembroek, is verboden, zodat de badmeesters in hun witte t-shirt goed herkenbaar zijn. Wevers troef zijn de extra medewerkers die hij kan oproepen op drukke, warme dagen. Het zijn jongens uit de buurt, die hij goed kent omdat hij in de winter als sportinstructeur werkt in sporthal Zeeburg. Ze hebben een korte opleiding tot toezichthouder gevolgd. ,,Ik weet dat ik ze kan vertrouwen en dat ze goed werken.'' Zoals Aimo Voormeij (22) en Adil Denguir (20). Ze zitten op de trap en turen onafgebroken in het diepe bad. Zij kennen de meeste jongeren die komen zwemmen van de sporthal, waar ze nu zelf begeleiders zijn. ,,Dat is een voordeel bij een ruzietje'', zegt Adil. ,,Bovendien kan ik Marokkaanse jongeren aanspreken in hun eigen taal. Dat pikken ze net wat sneller op.''

Wij zijn er in de eerste plaats om te voorkomen dat er iemand verdrinkt, zegt Adil. ,,Dus als iemand een een grote mond heeft, ga ik er vaak niet eens op in.'' Ze zitten te wachten tot er iets gebeurt, zegt Aimo. ,,Gisteren was er een meisje aan het hyperventileren. Ik ging naar haar toe om te helpen, staan er zo dertig man om je heen. Gewoon uit nieuwsgierigheid.''

Het zijn vooral jongens die naast elkaar op de trap zitten in de zon, een beetje kletsen, lachen en kijken. Zoals Mustafa El Ghani (23). Hij is kantinemedewerker in een middelbare school en heeft acht weken vakantie en komt omdat hij altijd wel bekenden ontmoet. Hij woont nog thuis, maar zijn ouders zijn op vakantie naar Marokko. Samen met een vriend kijkt hij naar de gillende en joelende kinderen in het bad. Ze kijken naar de twee meisjes die op de rand van het bad zitten met hun benen bungelend in het water. Als er een meisje langskomt in tijgerbikinistring en navelpiercing kijkt hij opzij en lachen ze samen. Hij heeft geen ideewaarom er zo weinig Marokkaanse meisjes zijn, zegt hij verlegen lachend. Hoewel. ,,Misschien mogen ze niet van hun vader. Mijn zus van achttien mag alleen naar het zwembad, maar niet alle ouders vinden dat goed.''

Mohammed (18), Nording (18) en Azeddine Kharmich (19) zitten in witte plastic stoelen bij de snackkiosk in het zwembad. Ze hebben zwarte baseballpetjes achterstevoren op hun hoofd, Azeddine heeft een zwarte geldbuidel schuin over zijn blote borst hangen. Ze zijn zeer afwerend. Ze hebben eigenlijk geen zin om te praten. Er wordt toch altijd negatief over Marokkanen geschreven. Alleen Azeddine wil met zijn achternaam in de krant. Als er iets aan de hand is, kijkt iedereen gelijk naar ons, zegt Azeddine. ,,Wij doen niets. Eén verrotte vis verpest het voor ons allemaal.'' Hij maakt driftige gebaren met zijn armen, er komen steeds meer jongens om hen heen staan. ,,Laatst was er een tas van een Marokkaanse jongen gejat'', roept Mohammed. ,,Zegt de badmeester, dat zijn je landgenoten.'' Azeddine: ,,Net riep een meisje nog `kankermarokkanen' tegen ons.''

In het Flevoparkbad lopen deze zomer voor het eerst twee beveiligers rond. Wij spelen politieagentje, zegt hoofd beveiliging Dennis Hilster, blauwe broek, wit shirt met badge en donkere zonnebril. Hij houdt de jeugd een beetje extra in de gaten en dat werkt goed. In een ander Amsterdams bad, het Floraparkbad ontstond twee weken geleden een fikse rel, waarbij zelfs de ME werd ingezet (zie kader). Hilster heeft er zijn diensten aangeboden.Volgens hem gaat het meestal om onschuldige ongein van de jeugd. ,,Zonder kaartje binnen proberen te komen, een beetje klooien, eigenlijk wat ik zelf vroeger ook uitspookte in het zwembad.'' Maar er is wel een verschil: ,,Wij waren echt bang voor de badmeester.''