Het Dik Trom-woord is gevallen

Een gewone, doordeweekse LPF-dag: 's ochtend lekt de notitie uit van LPF-minister Heinsbroek over een herstel van normen en waarden, 's middags probeert interim-partijbestuurder Ed Maas via advocaat Hammerstein een niet in de penose-pas lopende partijgenoot het zwijgen op te leggen, en 's avonds noemt LPF-kamerlid Cor Eberhard zijn fractievoorzitter Wijnschenk een `flapdrol' en weer een andere LPF'er een `schijtlul'. En zeg nu vooral niet dat de beloofde politieke verfrissing die de LPF vóór de verkiezingen beloofde de verfrissing van het open riool blijkt te zijn, want dan maak je je schuldig aan demonisering en solliciteer je naar een huisbezoek van de firma Kogelbrief. Laten we het er dus maar op houden dat de LPF, omdat het zo'n jonge partij is, haar eigen weg in Den Haag nog moet vinden en dat theorie en praktijk binnen de LPF nog niet helemaal op elkaar aansluiten.

Toch blijven die `flapdrol' en `schijtlul' nasuizen in het oor van de buitenstaander. Frits Bolkestein bleek uitermate profetisch toen hij in maart van dit jaar verklaarde dat Nederland met een LPF-bewind van Pim Fortuyn en de zijnen een `pleefiguur' zou slaan. Die plee blijkt voor de gemiddelde LPF'er de natuurlijke habitat. Kamerlid Eberhard stroopt de mouwen op en verdwijnt met één arm in de diepte van zijn verstopte latrine om vervolgens een verbale diarree te verspreiden die de uitdrukking `met modder gooien' doet verbleken tot een archaïsme. Intussen staan Wijnschenk en Eberhard natuurlijk niet zozeer als kamerleden tegenover elkaar; hier vechten op het Haagse pluche een sekslijn-exploitant (Eberhard) en een uitbater van het betere motormagazine (Wijnschenk) een vete uit die zelfs vanuit de meest parfumerende verte niets meer een (partij)politiek conflict te maken heeft. Verdeeldheid in de partij? Verschil van inzicht in de te varen koers? Kom nou, hier wordt uitsluitend stront geschept, letterlijk, en in dikke plakken. Dankzij Eberhard zal de betekenis van `bruinhemd' in ieder geval nooit meer hetzelfde zijn.

Zittend op de LPF-gierkar is het maar een kleine rit van `schijtlul' naar `oorvijg'. LPF- minister Heinsbroek bepleit in zijn notitie over normen en waarden het herstel van respect voor de politie, de onderwijzer, de huisarts, ouderen. Typisch een kwestie waar de fuck you-roepende mondige burger het `keihard' mee eens zal zijn - zolang het over zijn buurman gaat. Treffend is dat Heinsbroek meent dat een leraar zijn gezag heus wel mag afdwingen met een oorvijg – het Dik Trom-woord komt van Heinsbroek, niet van mij. Volgens de Dikke van Dale is de oorvijg synoniem aan de muilpeer, en de muilpeer, zo weten we, staat gelijk aan de welgemikte klap voor je kanis, bij voorkeur vergezeld van de toevoeging `kankerlijer', ongetwijfeld het nieuwe stopwoord dat, na schijtlul, over niet al te lange tijd dankzij de LPF in de Tweede-Kamerdebatten zal overheersen. Vandaag de poep, morgen de ziekten.

Voor scholieren lijkt het me intussen niet mis wanneer hun leraren de methode Heinsbroek zullen invoeren. Terwijl onder Paars nog in de Tweede Kamer werd gedebatteerd over het mogelijk juridisch strafbaar stellen van fysiek geweld van ouders tegen kinderen, wordt het leraren volgens de LPF-minister toegestaan om precies die praktijken toe te passen waar vader en moeder om beboet zouden moeten worden. Heinsbroek schrijft: `de ouder die ``verhaal komt halen'' omdat zijn kind een oorvijg heeft gekregen verdient fors gestraft te worden.' Als een leraar mijn kind blijkt te hebben geslagen, zou ik denk ik inderdaad enige opheldering vragen. Bedoelt Heinsbroek dát met `verhaal halen'? En zo ja, hoe en door wie word ik dan vervolgens `fors gestraft'? Door die leraar zelf? En hóe precies? Ook met een oorvijg, muilpeer, linkse directe? En wie moet de leraren daartoe eigenlijk bijscholen? Bij de LPF weet men altijd de juiste persoon voor de juiste functie te vinden, dus dat zal Regilio Tuur wel worden, man van de praktijk immers, juridisch vervolgd voor het uitdelen van Heinsbroekiaanse oorvijgen aan zijn ex-partner. Wat Tuur thuis zelf kan, kan hij buiten leraren wel bijbrengen.

Dit is wat Heinsbroek doet: pratgaan op het feit dat je zelf nog geen jaar geleden dagelijks harder dan 200 over de A1 ging, en van alle anderen eisen dat die zich weer netjes en beleefd gaan gedragen, met respect voor regels en gezag. Het is precies deze dubbelhartigheid die de LPF-partijcultuur kenmerkt: verbeter de wereld, begin bij de ander. Zo ben ik benieuwd of Heinsbroek van mening is dat zijn partijgenote Winny de Jong zich met het door hem bepleite respect voor ouderen uitliet toen zij nog niet zo lang geleden in deze krant ex-minister Borst uitmaakte voor `fossiel'. Binnen de methode Heinsbroek passen ook de plannen van LPF-minister Nawijn die allochtone mannen die hun vrouw mishandelen niet wil onderwerpen aan het Nederlandse strafrecht maar in plaats daarvan tot de orde wil roepen door ze het Nederlandse staatsburgerschap te ontnemen en ze de grens over te knuppelen. Kwestie van fatsoen, van normen en waarden. Als Nawijn vervolgens op zijn krankjoreme plannen wordt aangesproken, klinkt het vergoelijkend dat hij slechts een `signaal' wilde afgeven – een signaal waartoe? Nawijn verwart zero tolerance met het signaal van spertijd, tweedeling, klassejustitie. De Marokkaanse man die zijn vrouw slaat ontneem je zijn paspoort, de Nederlandse leraar die een kind slaat draagt bij aan een broodnodige restauratie van normen en waarden en verdient een pluim van de minister.

De LPF staat al met al te popelen om de burger een geweten te schoppen. Eberhard, De Jong, Nawijn, Ed Maas – het zijn stuk voor stuk LPF'ers die je haarfijn kunnen vertellen waar zich bij de burger dat geweten bevindt: ongeveer in de buurt van de milt, toch? Uit naam van de LPF en bij voorkeur vergezeld van tv-spots mogen pleitbezorgers van normen en waarden de burger daar gerust flink raken, hard, hevig en herhaaldelijk. En daarna blaffen ze het die burger toe: heb eens respect voor de huisarts en de leraar, flapdrol! Rij niet door rood, schijtlul! Of moet je een oorvijg? Nu nog even wachten tot iemand bij de LPF uit die notitie van Heinsbroek een onderdeel weet te persen dat hij zal omvormen tot een wetsvoorstel. De fractie zal unaniem vóór stemmen, op z'n LPF's: allemaal netjes met geheven middelvinger.