exoten 4

Briefschrijver of -schrijfster H.A. Vonder uit Zevenaar vergelijkt (W&O, 24 augustus) de argumenten van natuurbeschermers om exotische soorten en genetische stammen van planten en dieren te willen weren met die welke de nazi's tot hun zieke moordpartijen op joden, zigeuners, homoseksuelen en gehandicapten brachten (W&O, 24 augustus). Vreemdelingenhaat zou deze natuurbeschermers bezielen. Allochtonenhaat. Exotenhaat. Toe maar!

Ik wil er graag op wijzen dat exotische soorten, na de vernietiging van leefgebieden, de grootste bedreiging vormen van de mondiale biologische diversiteit. Die stelling is in 1996 gepubliceerd door de World Conservation Union (IUCN), die zich baseert op de vaak langdurige waarnemingen van een wereldwijd netwerk van ruim 7000 specialisten, de Species Survival Commission. Voorbeelden: In Engeland is de Europese rode eekhoorn praktisch verdwenen door verwildering van de Amerikaanse grijze eekhoorn. In West-Europa voert de Europese nerts in enkele restgebieden zijn laatste strijd tegen de verwilderde Amerikaanse nerts. In Australië en Nieuw Zeeland, en op vele eilandengroepen, zijn door toedoen van exoten reeds tientallen inheemse soorten geheel verdwenen.

De argumenten van natuurbeschermers zijn niet ingegeven door haat, maar door het inzicht dat een zo groot mogelijke verscheidenheid aan leven bewaard en beschermd dient te worden. Zij worden daarin door tal van internationale en nationale wetten gesteund. De Nederlandse overheid treedt al sinds 1857 op tegen de verwildering van bepaalde exotische soorten. Daarbij spelen overigens niet alleen ecologische maar ook economische argumenten een rol (denk aan de dijken ondergravende muskusrat).

Het wereldwijd breed gedragen Biodiversiteitsverdrag (1992) onderkent het exotenprobleem als zeer ernstig en zette het, met drie andere kwesties, prominent op de agenda van zijn conferentie in april van dit jaar in Den Haag. De discussie moet niet meer zozeer gaan over de vraag of exotische planten en dieren schadelijk kunnen zijn, maar over de vraag hoe hun verwildering kan worden voorkomen of, indien nodig, ongedaan gemaakt waarbij plant- en diervriendelijke methoden ook wat mij betreft de voorkeur genieten.