Vliegtuig gaat op zoek naar ottertje

Het ministerie van Landbouw huurt volgende week een vliegtuig om in Friesland een otter op te sporen. Een giechelende woordvoerder bevestigt dit: ,,Ik wil ook heel graag mee!'' Om eraan toe te voegen: ,,Maar we zetten geen achtervolging in met een soort A-team, hoor.''

Het gaat om een van de zeven otters die begin juli zijn uitgezet in het Friese moerasgebied de Weerribben. Met de komst van twee Wit-Russische otters, een otter uit Letland, twee Tsjechische en twee Zweedse otters was de otter voor het eerst in bijna vijftien jaar terug in Nederland. Maar ,,het Letse vrouwtje'', aldus de woordvoerder, dreigt nu weer te vertrekken. ,,Wat we hopen is dat ze naar ander gebied gezwommen is dat geschikt is voor otters, zoals de Rottige Meenthe.'' Bezorgd, maar toch weer in de lach schietend: ,,Als ze maar niet het IJsselmeer opzwemt!''

De otters zijn uitgerust met een geïmplanteerd zendertje. Het Letse vrouwtje is buiten het bereik van de ontvanger gezwommen. Het vliegtuig wordt daarom uitgerust met een antenne die de signalen van het ottertje boven het gebied ,,zo'' weer kan oppikken, hoopt men op het ministerie. ,,En dan moeten we kijken of we er op een of andere manier kunnen komen.''

De komst van de otters deze zomer was al met veel zorg omringd: ze gingen eerst in quarantaine, werden onderzocht op parasieten en er werden DNA-monsters genomen. Om de kans te verkleinen dat de otters en hun nageslacht zouden verongelukken in het verkeer – zoals de laatste Nederlandse otter in 1988 overkwam – werden de afgelopen jaren al barrières langs wegen voor ze aangelegd en enige tunnels onder spoorlijnen.

Het is de bedoeling dat er over vier jaar weer veertig otters in Nederland zijn. Of het ministerie van Landbouw in de toekomst vaker vliegtuigen voor ze zal laten uitrukken, weet de woordvoerder nog niet.