Mammoettanker

Een legertje ambtenaren legt op dit moment de laatste hand aan de rijksbegroting voor het komende jaar. Eerst moeten de begrotingsstukken nog voor advies naar de Raad van State. Daarna worden ze gedrukt en op de derde dinsdag in september aan de volksvertegenwoordiging aangeboden. Op prinsjesdag zal blijken in hoeverre premier Balkenende en de zijnen werkelijk een andere koers varen dan hun paarse voorgangers. De afgelopen weken hebben met name sommige bewindslieden van de LPF zich in de media geprofileerd met krachtige uitspraken, onder andere over de heenzending van ongewenste Nederlanders en de noodzaak van een morele herbewapening van het land. Zulk management by speech wekt de indruk dat de huidige coalitie het roer drastisch omgooit. Zoals bijna steeds wordt de soep minder heet gegeten dan zij wordt opgediend. Aan uitvoering van wilde plannen staan wetten en internationale verdragen in de weg. In veel gevallen zijn de praktische bezwaren onoverkomelijk. De cijfers leren bovendien dat de budgettaire marges ontnuchterend smal zijn.

Het eerste paarse kabinet stelde bestrijding van de werkloosheid boven alles. Het gevoerde werkgelegenheidsbeleid werd een doorslaand succes. Sinds het midden van de jaren negentig kwam er meer dan een miljoen banen – van twaalf uur of meer per week – bij. Dankzij lastenverlichting en een verantwoorde ontwikkeling van de arbeidskosten heeft Nederland in de tweede helft van de jaren negentig geweldig weten te profiteren van het internationale economische herstel. Als gevolg van de forse economische groei viel het tweede paarse kabinet in een gespreid bedje.

Tijdens de laatste verkiezingscampagne is door woordvoerders van CDA en LPF gesuggereerd dat Paars vooral rokende puinhopen achterliet. Niets is minder waar. Het tweede kabinet-Kok heeft na 1998 vele miljarden extra uitgetrokken voor zorg, onderwijs en veiligheid. Ook collectief gefinancierde voorzieningen hebben dus geprofiteerd van de florerende economie. Verbetering van de prestaties van collectief gefinancierde dienstverleners kreeg evenwel onvoldoende aandacht. Er zijn bijvoorbeeld bakken met geld in de zorgsector gestort, maar veel van de extra middelen gingen op aan tariefverhogingen en salarisverbeteringen, zonder dat duidelijke afspraken zijn gemaakt over productiviteitsverbetering en een hogere zorgproductie.

De verdraaikunstenaars, de spin doctors in Den Haag, suggereren dat grote veranderingen op til zijn. Met permissie, dat is uiterst onwaarschijnlijk. De teleurstellende prestaties van de politie zullen niet van de ene op de andere dag verbeteren, ook al wordt het budget voor de veiligheid op straat wat verruimd. De wachtlijsten in de ziekenhuizen en voor thuishulp verdwijnen niet zomaar. Politie en gezondheidszorg zijn in de vorige kabinetsperiode al ruim met extra middelen bedeeld. Dat heeft niet aantoonbaar geholpen om bestaande knelpunten weg te nemen. Houdt het kabinet zich aan de zelfopgelegde budgetdiscipline, dan zal de ervaring in de komende jaren weinig anders zijn.

Kapitein Balkenende staat aan het roer van een mammoettanker en het kost jaren om de koers van het in Den Haag gemaakte beleid een paar graden te verleggen. De cijfers maken duidelijk dat het zittende kabinet het paarse beleid inzake de overheidsfinanciën op hoofdlijnen gewoon voortzet. Over ruim twee weken zal blijken dat het niveau van de collectieve uitgaven tussen 2002 en 2006 nauwelijks verandert. Ondanks de gewijzigde politieke samenstelling van de ministersploeg schommelt het uitgavenpeil rondom 39 à 40 procent van het bruto binnenlands product (bbp). De samenstelling van de uitgaven van de overheid en de sociale zekerheidsinstellingen verandert wel enigszins. Zo lopen de bestedingen voor het openbaar bestuur in de komende vier jaar terug van 12 tot 11 procent van het bbp, onder andere doordat de personeelsformatie van de rijksoverheid met tienduizend ambtenaren afneemt. Voor de gezondheidszorg wordt juist een toenemend deel van het bruto product bestemd. Onder de paarse kabinetten is de hoeveelheid geproduceerde zorg echter sneller gegroeid dan bij het voor de eerstkomende jaren beschikbare budget mogelijk is. Het aandeel van de onderwijsuitgaven in het bbp blijft stabiel.

Het Centraal Planbureau heeft becijferd hoe de economie zich tot 2006 zou ontwikkelen wanneer een nieuw kabinet uitsluitend op de winkel past, dus bij `ongewijzigd beleid'. Vervolgens zijn de bijkomende effecten van het strategisch akkoord van CDA, VVD en LPF berekend. Die zijn niet om van achterover te vallen. Door het kabinetsbeleid pakt de economische groei per jaar 0,1 procent lager uit. In 2006 zijn we hierdoor samen 2 miljard euro armer dan bij ongewijzigd beleid. Wel zwakt de inflatie onder invloed van het uitgestippelde beleid af. Ook de arbeidskosten stijgen wat minder snel. De veranderingen die het kabinet-Balkenende weet te bewerkstelligen zijn al met al niet spectaculair. De mammoettanker drijft schijnbaar onbewogen verder. Totdat de wal het schip keert?