Metro duurder na weren Britse bouwers

De bouw van de Noord/Zuidlijn kost 132 miljoen euro meer dan in 2000 door de gemeente Amsterdam geraamd was.

Een door de hoogconjunctuur overspannen bouwmarkt, het weren van buitenlandse bouwbedrijven op de Nederlandse markt en exclusiviteitsafspraken door bij de aanbestedingsprocedure betrokken onderaannemers zijn daarvan de belangrijkste oorzaak.

Dat verklaarde J. Bosch, bouwmanager van de gemeente voor de nieuwe metrolijn onder de Amsterdamse binnenstad, vanochtend voor de parlementaire enquêtecommissie bouwnijverheid. Amsterdam had tijdens de aanbestedingsprocedure voortdurend het gevoel gehad dat er bij de meedingende bouwconsortia ,,onvoldoende sprake was van echte marktwerking'', zo zei Bosch.

Na het middaguur werd divisiedirecteur M. Kroezen van Heijmans Beton- en waterbouw gehoord. ,,Ik heb nooit voorloverleg gevoerd over de Noord/Zuidlijn'', stelde Kroezen. ,,Maar ik ben wel bij vooroverleggen betrokken geweest.'' Ook na het verbod hierop in 1992 waren er nog ,,vrij royaal'' illegale overleggen bij honderden verschillende bouwprojecten.

Bij de start van de aanbesteding in 2000, bleek meteen al dat er tussen de raming van de gemeente Amsterdam van 628 miljoen gulden (285 miljoen euro) en de inschrijvingen van de bouwbedrijven een verschil te zitten van minstens 500 miljoen gulden. Volgens Bosch was dat prijsverschil onbegrijpelijk voor de gemeente. Die verschillen zaten onder meer in de betonprijs en de ontwerpkosten.

Bij een tweede aanbestedingsprocedure werd het project in zes aanbestedingsprocedures gekipt en had Amsterdam de ramingen met 10 tot 30 procent bijgesteld. Bovendien poogde Amsterdam ook buitenlandse bouwers voor het project te interesseren. Bij pogingen om Engelse bedrijven bij het project te betrekken, werd het Amsterdam volgens Bosch al snel duidelijk dat zij niet meededen omdat Nederlandse bouwers de lokale markt hadden afgeschermd. Zo was het voor buitenlandse ondernemers nauwelijks mogelijk in zee te gaan met Nederlandse onderaannemers.

Afgelopen januari kreeg Amsterdam per abuis een e-mail binnen van bouwbedrijf Heijmans waarin een Franse dochteronderneming werd gewaarschuwd, niet in zee te gaan met een Duitse bouwer. Dat bedrijf had voor een veel lager bedrag ingeschreven op een deelproject van de Noord/Zuidlijn en de gemeente had er alle belang bij om het ook elders bij de Noord/Zuidlijn in te schakelen. In de e-mail waarschuwde Kroezen dat zijn Duitse concurrent onder de prijs werkte. Heijmans heeft tot vandaag altijd ontkent dat de e-mail iets te maken had met concurrentiebeperkende afspraken.

De correspondentie speelde afgelopen voorjaar een rol bij een arbitrageprocedure die Heijmans tegen Amsterdam voerde omdat de gemeente de bouw van een van de metrostations opnieuw wilde aanbesteden, nu er goedkopere bouwers op de markt waren. Heijmans verloor die procedure overigens omdat een van haar partners in de bouwcombinatie failliet ging.