Cel en boete voor brandstichter

De rechtbank in Den Haag heeft de 32-jarige Kobus V. gisteren veroordeeld tot een celstraf van 21 maanden, waarvan zeven maanden voorwaardelijk en een boete van ongeveer 46.000 euro. De man stichtte vlak na de moord op Pim Fortuyn, op 6 mei, brand in de Pleingarage in Den Haag. Hierbij ontstond een schade van tienduizenden euro's.

V. zei twee weken geleden op de zitting voor de meervoudige kamer dat hij in Fortuyn een voorbeeldfiguur zag. Voor het eerst in zijn leven zou hij gaan stemmen. V. zat op 6 mei thuis te eten toen hij op televisie zag dat de politicus vermoord was. Hij ontstak daarop in woede en trok met een paar vrienden op naar het centrum van Den Haag. De sfeer op het Binnenhof werd al snel grimmig. Langslopende politici werden uitgescholden en er werden door de menigte leuzen geroepen als `Melkert moordenaar' en `Wim, heb je nou je zin'.

Rond negen uur daalde V., die naar eigen zeggen een paar biertjes, wat bacardi-cola en twee blowtjes had gehad, af naar de Pleingarage. Daar stichtte hij brand door een brandende krant tegen een Smart te houden. In de garage ontstond een grote brand. Van de auto zelf bleef weinig over en er ontwikkelde zich een grote rookwolk. Ook een auto naast de Smart raakte zwaar beschadigd. Persoonlijke ongelukken deden zich niet voor.

Toen de rook zich ontwikkelde, ontstond paniek en gejuich onder de menigte op het Plein. De mobiele eenheid kwam in actie om de relschoppers uit elkaar te drijven. Ook V. voegde zich weer bij de menigte en kreeg een dranghek tegen zijn hoofd en moest bij de eerste hulp behandeld worden. V. werd opgepakt toen politieagenten in burger hem op het Plein hoorden praten over de `kankersmart' die hij `in de fik' had gestoken.

V. heeft nooit ontkend dat hij de brand heeft gesticht, maar verklaarde bij de rechtszitting twee weken geleden in een woede-impuls te hebben gehandeld.

De dood van Pim Fortuyn had hem zo aangegrepen dat hij zichzelf niet meer onder controle had, zei hij. Na het uitzitten van zijn gevangenisstraf moet hij volgens het vonnis in zijn twee jaar durende proeftijd werken aan zijn drankprobleem en leren omgaan met agressie. V. had eerder al aangegeven bereid te zijn om van zijn drankverslaving af te komen.