Prijzenstop

CDA-Kamerlid De Haan zegt in het artikel `De `gevoelsinflatie' van de euro' (NRC Handelsblad, 12 augustus), dat een prijzenstop alleen mogelijk is in een noodgeval, ,,waarvan nu geen sprake is''.

Of een prijzenstop zin heeft kan ik niet beoordelen; wat ik wel weet is dat het Kamerlid zich vergist als hij meent dat de invoering van de euro geen noodgeval is.

Vanaf januari heeft elke Nederlander kunnen horen hoe de overheid, in de gedaante van De Nederlandsche Bank, ontkende dat de invoering van de euro leidde tot prijsverhogingen. Nu die niet langer zijn te loochenen, geeft de overheid toe dat ze onjuiste informatie heeft verstrekt, of, om het minder parlementair te zeggen: heeft gelogen.

Het midden- en kleinbedrijf leek nog vertrouwen te genieten, maar de invoering van de euro bewijst dat ook in deze sector de gelegenheid de dief maakt. In februari ontkende een woordvoerder van het MKB nog verontwaardigd dat er sprake was van prijsverhogingen, nu wordt het toegegeven.

Wat in alle gevallen opvalt, is de reactie van de woordvoerders: evidente problemen worden glashard ontkend. Het gevolg is dat de burger een even diep als terecht wantrouwen ontwikkelt.

Volksvertegenwoordiger De Haan ontkent nu dat er sprake is van een noodsituatie. Hij zou heel wat meer vertrouwen inboezemen als hij toegaf dat de problemen rond de invoering van de euro symptomatisch zijn voor een vertrouwenscrisis zonder weerga.