Oeigoerse groep op terreurlijst VS

De Verenigde Staten hebben besloten een groep die door China verantwoordelijk wordt gesteld voor terroristische activiteit in de provincie Xinjiang op de lijst van internationale terreurorganisaties te zetten.

Dat heeft de Amerikaanse vice-minister van Buitenlandse Zaken, Richard Armitage, gisteren tijdens zijn bezoek aan Peking bekendgemaakt. Armitage is in China om het bezoek van de Chinese president Jiang Zemin aan Washington in oktober voor te bereiden. Armitage heeft gisteren positief gereageerd op nieuwe Chinese wetgeving die de leverantie van rakettechnologie aan landen als Iran en Pakistan aan banden legt. Die leveringen vormden een belangrijk obstakel in de Chinees-Amerikaanse betrekkingen.

Mogelijk als reactie op de Chinese stap is Amerika nu bereid een oud Chinees verlangen in te willigen: Amerikaanse steun voor de Chinese visie dat de separatisten in het westen van China internationale terroristen zijn. Het gaat om de Islamitische Beweging van Oost-Turkestan, die streeft naar onafhankelijkheid voor de in China levende Oeigoeren. ,,Na zorgvuldige bestudering zijn we tot de conclusie gekomen dat het gaat om een terroristische groep, die geweld heeft gebruikt tegen ongewapende burgers, zonder acht te slaan op wie daarbij getroffen werd'', aldus Armitage.

Het Amerikaanse besluit is opzienbarend, omdat de hoogste Amerikaanse gezant op het gebied van terrorismebestrijding, generaal Francis X. Taylor, tijdens zijn bezoek aan Peking in december juist had verklaard dat de VS de groep niet beschouwden als een terroristische organisatie. Buiten China heerst bovendien overwegend de overtuiging dat China de internationale campagne tegen het terrorisme probeert te misbruiken om een strengere onderdrukking van de moslim-bevolking te rechtvaardigen. Zo spraken de mensenrechtenorganisatie Amnesty International en de VN-vertegenwoordiger voor de Mensenrechten Mary Robinson eerder hun bezorgdheid uit over het Chinese beleid in Xinjiang. Daar bestaat ongeveer de helft van de 18 miljoen inwoners uit Oeigoeren, die er vóór de communistische machtovername korte tijd een eigen staat, Oost-Turkestan, hadden.

In een uitgebreid rapport, dat in januari verscheen, stelde de Chinese overheid dat de Islamitische Beweging van Oost-Turkestan in Xinjiang verantwoordelijk was voor de dood van 162 mensen in de periode 1990-2001. De groep zou banden onderhouden met Al-Qaeda, dat de training en de bewapening van de terroristen zou verzorgen. De groep is echter onbekend bij buitenlandse experts, die de aanslagen in Xinjiang eerder zien als het werk van individuen of van kleine, onafhankelijke groepjes.

Voor China komt het Amerikaanse besluit de groep nu wel op te nemen als een diplomatieke overwinning: het land hamert er sinds de aanslagen van 11 september voortdurend op dat separatistische groepen in China worden erkend als terreurorganisaties. Amerika hoopt op doorgaande steun van China bij de bestrijding van internationaal terrorisme. China heeft een permanente zetel in de Veiligheidsraad van de VN, die misschien zal worden gevraagd om een oordeel over een voorgenomen Amerikaanse aanval op Irak.