Doodstraf ontlopen

Een Libische openbare aanklager heeft de rechtszaak tegen zes Bulgaren – een arts en vijf verpleegsters – die worden beschuldigd van het bewust infecteren van Libische kinderen met het hiv-virus, doorverwezen naar een gewone strafrechter. De kans dat de zes ter dood worden veroordeeld, is daarmee sterk afgenomen. Dat meldde gisteren de Bulgaarse regering.

De zes beklaagden, in 1999 gearresteerd, verschenen begin vorig jaar voor een Libisch Volksgerechtshof, dat zich uitspreekt over zaken waarmee de nationale veiligheid is gemoeid. Dit Volksgerechtshof sprak de zes in februari van dit jaar vrij van twee belangrijke aanklachten: dat zij hebben samengespannen met buitenlandse inlichtingendiensten en dat hun activiteit in Bulgarije was bedoeld om de Libische staatsveiligheid te ondergraven. Gisteren verwees het Volksgerechtshof de zaak door naar een gewone strafrechter.

De zaak tegen de zes Bulgaren speelt al sinds 1999, toen de zes, werkzaam in een ziekenhuis in het Libische Benghazi, werden gearresteerd, samen met een Palestijnse arts. Ze zouden 393 Libische kinderen bewust met het hiv-virus hebben besmet. In Bulgarije nam de commotie over de zaak nog toe toen twee verpleegsters lieten weten in de cel te zijn gemarteld.

Bulgarije reageerde gisteren verheugd. ,,Libië heeft het proces gedepolitiseerd en houdt vast aan een eerlijke en transparante procedure'', zei gisteren de Bulgaarse minister van Buitenlandse Zaken, Solomon Pasi.